Scherpere eisen aan steun thuiszorg

Staatssecretaris Vliegenthart (Welzijn) verscherpt de voorwaarden voor extra steun aan instellingen die in financiële problemen verkeren, bijvoorbeeld thuiszorgbedrijven.

Voortaan wordt bekeken of bestuurders en accountants de crisis verweten kan worden en of ze daarvoor persoonlijk aansprakelijk kunnen worden gesteld. Dit blijkt uit een brief van Vliegenthart aan het CTG, het landelijke tarievenbureau. Daarin keurt ze de steun goed die het CTG vorige maand verleende aan het Utrechtse thuiszorgbedrijf Vitras, dat in grote financiële moeilijkheden verkeerde.

Het bedrijf, dat in de provincie Utrecht jaarlijks aan 40.000 mensen hulp biedt, had een schuld van meer dan 12,5 miljoen gulden. Het CTG verleende Vitras in totaal 7 miljoen gulden steun. De regionale verzekeraar Anova droeg 1 miljoen gulden bij. Vitras moet door efficiënter te gaan werken de rest van de schuld wegwegwerken. Matig management en onvoldoende financieel toezicht waren belangrijke oorzaken van de crisis.

Aan de steun verbond het CTG een aantal strikte voorwaarden. Zo wordt het geld elk kwartaal in kleine hoeveelheden verstrekt. Dit gebeurt bovendien alleen als in de voorgaande periode is gebleken dat het bedrijf de afgesproken maatregelen heeft genomen. Zowel de omvang van de steun door het CTG als de voorwaarden gaan uit boven wat tot voor kort gebruikelijk was. Vliegenthart keurt de steun goed, omdat daardoor wordt voorkomen dat de toegang tot de zorg voor een grote groep hulpvragers in gevaar komt.

De staatssecretaris stemt ook in met de voorwaarden die het CTG aan de steun heeft verbonden. Zij schrijft dat deze standaard kunnen worden en voegt er nog een aantal aan toe. Zo moet worden bekeken of er andere oplossingen dan financiële steun mogelijk zijn. Daarnaast moet de instelling instemmen met de resultaten van onderzoek naar de bedrijfsstructuur.