Politiecomputer kent geen racisme

Wie bij een politiebureau aangifte wil doen van racisme, komt van een koude kermis thuis. ,,De registratie is een zootje'' en ,,Waar is het bewijs?'' Een nieuw landelijk aangiftebureau moet uitkomst bieden.

Mochten de aanslagen in New York en Washington de komende tijd leiden tot meer gevallen van racisme dan anders, dan zijn de antidiscriminatiebureaus er klaar voor. Hun circa dertig kantoortjes bestrijken tegenwoordig het hele land. Sinds een paar jaar beschikken ze bovendien over een uniform registratiesysteem. Daaruit blijkt dat het aantal meldingen van racisme en discriminatie gestaag toeneemt, tot ruim drieduizend vorig jaar.

Maar zijn de politiebureaus, de enige plek waar aangifte kan worden gedaan, er ook klaar voor?

Begin dit jaar nam een medewerker van het landelijk bureau racismebestrijding de proef op de som. Hij ging met een racistisch getoonzette folder naar het politiebureau, waar de agente achter de balie begon met te zeggen dat racisme moeilijk te bewijzen valt. Ze vroeg waarom hij naar Rotterdam was gekomen. De folder was Amsterdams.

Toen zei ze dat ze er niet over ging, ze zou een collega roepen. Maar ook de collega bleek er niet over te gaan. Hij ging bellen, maar kon niemand vinden die er dan wel verstand van had. Hij vroeg of de man op een andere dag terug wilde komen.

Er zijn ook voorbeelden uit de praktijk. Een Marokkaanse vrouw die steeds door een groepje hangjongeren wordt uitgescholden voor `vieze Marokkaan': de politie maakt geen proces-verbaal op. Een verkeersruzie, waarbij iemand is betrokken van wie de politie weet dat hij regelmatig allochtonen het leven zuur maakt. Niet hij, maar de man die zich verdedigt met een slagwapen dat hij in de auto heeft liggen wordt door de politie aangepakt. Mensen die zich beklagen over racisme op de werkvloer krijgen te horen: praat eens met uw baas. Discriminatie bij het zoeken van een huis: ga eerst eens naar de woningbouwvereniging.

Zeker is dat bij de politie minder meldingen van racisme binnenkomen dan bij de antidiscriminatiebureaus. Hoewel, zéker? De politie beschikt niet over een eenduidig systeem voor de aangifte van racisme en discriminatie en heeft daardoor geen landelijk overzicht. ,,De registratie bij de politie is een zootje'', zegt Cyriel Triesscheijn van de landelijke vereniging van antidiscriminatiebureaus. ,,Het is een probleem'', zegt Peter Rodrigues, medeteur van de jaarlijkse, onafhankelijke monitor racisme en extreem-rechts, waarin het aantal aangiften per jaar bij de politie op zo'n tweehonderdvijftig wordt geschat. ,,Ik vraag me af of de klachten wel een weg vinden naar de politie.'' Politieagent Rinus Visser, bij Rotterdam-Rijnmond belast met antidiscriminatie: ,,Bij ons is het aantal aangiften teruggelopen. Maar bij de antidiscriminatiebureaus is sprake van een stijging. Dan is er toch iets aan de hand.''

Wat gaat er mis als mensen bij de politie aangifte komen doen van racisme of discriminatie? Of als ze geen aangifte komen doen?

Om te beginnen stuiten zij vaak op een baliemedewerker die stelt dat hij `hier niks mee kan'. Rodrigues: ,,Mensen vangen bot bij de politie.'' Visser: ,,Een agent denkt vanuit het opsporingsperspectief. Hij wil bewijs.'' Dat in een `richtlijn discriminatiezaken' van de procureurs-generaal sinds acht jaar staat dat van elke aangifte van discriminatie proces-verbaal moet worden opgemaakt, heeft hierin weinig verandering gebracht.

Ook werken er weinig allochtonen bij de politie. Agenten zijn `wit' en wonen in buitenwijken. Met allochtonen heeft de politie vooral te maken als ze problemen opleveren. Racisme en discriminatie zijn in hun ogen niet altijd een politieprobleem, laat staan een misdrijf. Dus als een slachtoffer van aanhoudend getreiter door de buren na lang aarzelen met een warrig, emotioneel verhaal op het politiebureau komt, wordt dat vaak gesust: gaat u nou nog eens rustig met elkaar praten.

Op de klachtenlijst van de landelijke vereniging van antidiscriminatiebureaus bezet de politie de zesde plaats. Ná arbeidsmarkt, buurt, huisvesting, horeca en media. Maar vóór dienstverlening, publieke opinie en onderwijs. Bij de politie moet je lang wachten. Ze nemen je niet serieus. Ze sturen je weer weg.

En áls er dan wordt geregistreerd gaat het ook nog regelmatig mis. Soms is `discriminatie' geen trefwoord in het computersysteem. Komen gevallen van discriminatie terecht onder de `delictcode' mishandeling. Of onder het kopje vandalisme.

Wanneer een politiekorps dan aan het einde van het jaar constateert dat discriminatie in de regio kennelijk geen probleem vormt, is de cirkel rond. De politie blíjft mensen die aangifte komen doen niet serieus nemen. Op hun beurt komen die een volgende keer niet terug.

,,En dat is erg'', zegt Triesscheijn van de vereniging van antidiscriminatiebureaus. ,,Want dan heb je geen zicht meer op wat zich werkelijk afspeelt. Dan loop je achter de feiten aan.'' Visser: ,,De politie heeft geen thermometer in de samenleving.''

Intussen wordt er wel gewerkt aan oplossingen. Ad hoc, door het meegeven aan een racismeslachtoffer van het visitekaartje van het antidiscriminatiebureau, waar de politieagent dan naar toe kan bellen. Of door het meegeven naar het politiebureau van een al ingevuld standaardformulier, wat het antidiscriminatiebureau in Den Bosch doet.

Maar ook structureel. Zo heeft de raad van hoofdcommissarissen deze zomer besloten dat er een landelijk bureau discriminatiezaken moet komen. Dat bureau gaat de registratie stroomlijnen. Het bureau komt in Rotterdam. Ook komen er contactpersonen per politieregio.

Of het verschil zal maken? Eerder dit jaar schreef politieagent Rinus Visser in zijn jaarrapport `Tobben aan de Maas': ,,Intensieve en tijdrovende pogingen om een betere verankering van het antidiscriminatiebeleid te realiseren, hebben niet geleid tot verbetering.'' Het jaar ervoor schreef hij dat ook al in `Struikelend het Millennium in'.

Maar misschien komt er een kentering, nu het niet uitgesloten is dat racisme en discriminatie zichtbaarder worden. Visser is in ieder geval ,,blij'' met het landelijke bureau, ook al is dat er nog niet. ,,Iemand moet een politiebureau binnen kunnen lopen en daar aangifte kunnen doen. Zo simpel is het eigenlijk.''