Opties bij een invallende winter

Het uur van de waarheid komt dichterbij, zei de Amerikaanse minister van Defensie Rumsfeld gisteren. Hoe zou militair optreden in Afghanistan eruit kunnen zien?

Deception noemt de NAVO het, de Russen spreken van maskirovka, het strooien van zand in de ogen van de vijand. De hoeveelheid misleidende informatie die sinds 11 september door het Pentagon en het Britse ministerie van Defensie is verspreid is ongetwijfeld groot. De Talibaan, maar ook bijvoorbeeld het Irak van Saddam Hussein, moeten in het ongewisse blijven over de militaire plannen, over het hoe en het wanneer.

Wat zei de wijdverspreide foto van joggende mannen van de 101ste Parachutistendivisie die hun Amerikaanse basis nog niet hebben verlaten? Dat ze nog niet klaar waren. Waarom meldde het Britse leger dat een oefening in Oman met 24.000 manschappen tot half oktober gewoon doorgaat? Omdat, aldus de boodschap, met de aanval geen haast werd gemaakt.

Vandaag zijn de signalen weer anders. De uitgelekte tekst van een toespraak die de Britse premier Blair vandaag zou houden stelt dat de tijd voor de Talibaan nu om is. De Amerikanen zeggen het bewijs tegen de hoofdverdachte van de aanslagen, Osama bin Laden, rond te hebben. Kortom, de boodschap is nu: we zijn klaar voor militaire operaties.

De tijd dringt. Later deze maand slaat het weer in de Afghaanse bergen om. Voor de groepjes commando's die in Afghanistan verkenningsmissies uitvoeren is dat niet zo'n probleem. Slecht weer maakt ze moeilijker vindbaar in hun gecamoufleerde uitkijkposten. Als de strategen grote eenheden grondtroepen willen inzetten, hebben ze wel een probleem. Niet alleen wordt hun mobiliteit door regen en sneeuw geremd, maar ook veel wapentuig doet het dan niet.

Luchtaanvallen met lasergeleide bommen, bijvoorbeeld, zouden worden belemmerd, precies zoals tijdens `Kosovo' een laag wolkendek vliegoperaties hinderde. Bovendien bestaat een deel van Afghanistan uit hoge bergketens. Dat is, vergeleken met het `biljartlaken' van Irak, geen ideaal terrein voor bombardementen. De bommen die door middel van het satellietnavigatiesysteem GPS worden geleid zijn een alternatief, maar niet ideaal. GPS-coördinaten van bewegende doelen zoals tanks zijn niet te geven – tenzij een commando bovenop te koepel zou meerijden.

Mocht het Talibaan-regime Bin Laden en zijn luitenants niet uitleveren, dan zullen de Verenigde Staten samen met Groot-Brittannië wellicht willen proberen de Talibaan uit het zadel te wippen. [Vervolg OPTIES: pagina 5]

OPTIES

Succes niet gegarandeerd

[Vervolg van pagina 1] Zoals de vroegere directeur van de Amerikaanse centrale inlichtingendienst het formuleerde: Het heeft geen zin om met malaria af te rekenen door de muggen dood te slaan. Je moet het moeras droog leggen. Bin Laden en zijn El Qaeda-organisatie lijken twee handen op één buik te zijn. Met een andere regering in Kabul zouden de kansen op het uitschakelen van de terroristen aanzienlijk toenemen.

Kan met militaire middelen het Talibaan-regime worden afgezet? Geen enkel aanvalsplan garandeert succes. Maar ook de Talibaan hebben zwakke plekken. Hun martiale reputatie danken de Afghanen aan hun guerrillatactieken. Het bezetten van het land is dus geen optie – zie de bloedige ervaringen van het Sovjet-bezettingsleger. Maar de Talibaan besturen een land dat niet als één man achter dit bewind staat. Dat betekent dat er een militaire en civiele infrastructuur bestaat, hoe rudimentair ook. En dat maakt ze kwetsbaar voor luchtaanvallen én guerrillatactieken.

Als de Amerikaanse robotvliegtuigen en de verkenningseenheden ze kunnen vinden, dan vormen munitievoorraden, olieopslagplaatsen en communicatieknooppunten Achilleshielen. De trainingskampen en andere verzamelplaatsen van Al Qaeda, waarvan Rusland (volgens het persbureau Reuters) in maart op zijn minst 52 locaties aan de VS heeft doorgespeeld, zijn dat niet meer: die zijn waarschijnlijk allang ontruimd. Succes staat of valt met de juiste inlichtingen.

Mochten inlichtingen van de elite-eenheden ter plaatse, de contacten met de Noordelijke Alliantie en de resultaten van de sensoren van robotvliegtuigen en satellieten er intussen toe hebben geleid dat een lange doellijst kon worden opgesteld, dan kan het offensief worden ingezet. Het eerste doel van de aanvallen is de luchtmacht van de Talibaan. Zij beschikken over een handvol MiG's en Soechoi's. Die kunnen bij verrassing, bijvoorbeeld door B-2 bommenwerpers, worden uitgeschakeld. Hoogwaardige doelen zoals munitiedumps en brandstofvoorraden kunnen, net als Talibaan-troepen aan de frontlijn met de Noordelijke Alliantie, door toestellen van vliegkampschepen worden bestookt.

Mochten de Talibaan besluiten zich – bijvoorbeeld gedwongen door een offensief van Alliantietroepen en luchtaanvallen – terug te trekken op de bergen, dan zouden ze ingevlogen grondtroepen tegenover zich kunnen vinden. Met name in de Britse pers is met stelligheid beweerd dat snel inzetbare eenheden klaar staan om strategische locaties in te nemen. Die eenheden zijn de 82ste en de 101ste Luchtlandingsdivisie, eventueel aangevuld door de 10de Bergdivisie. Zij zouden niet worden ingezet om bergdalen uit te kammen, maar wel om, in samenwerking met de verdekt opgestelde verkenningseenheden, ontsnappingsroutes van de Talibaan en El Qaeda te blokkeren. Het vestigen van een vooruitgeschoven basis met snel inzetbare eenheden, uitgerust met artillerie en Apache-gevechtshelikopters zou dit soort operaties ten goede komen. Dan is bovendien de afhankelijkheid van bases in buurlanden niet zo groot.

Hoewel zo'n operatie een hoog B-film-gehalte heeft, zou het niet voor het eerst zijn dat luchtlandingstroepen zoiets uitvoeren. Het eerste voorbeeld is de verovering van de regeringsgebouwen van de Afghaanse regering door grote aantallen Sovjet-commando's in december 1979. De bezetting werd uiteindelijk een fiasco, maar van die commandoraid zijn Westerse militaire academies nu nóg onder de indruk.

Een tweede voorbeeld is het vestigen van Forward Operating Base `Cobra' door Amerikaanse luchtlandingseenheden bij het begin van de grondoperaties in de Golfoorlog. Honderden helikopters vlogen toen in één nacht duizenden manschappen, munitievoorraden en brandstof over naar een plek op 150 kilometer achter de Iraakse linies. Van daaruit ondernamen ze succesvolle aanvalsmissies tegen het Iraakse leger.

Ook bij zo'n operatie is het terrein een nadeel. Een basis vestigen tussen de bergen die door de vijand is bezet, is geen optie. `Cobra' kon worden beschermd doordat de wijde omgeving volstrekt plat was. In Afghanistan is zo'n plek moeilijk te vinden. Alleen in het zuiden, zoals bij de stad Kandahar, zijn uitgestrekte, onbewoonde vlaktes te vinden. Die stad geldt ook als de thuisbasis van de Talibaan.