`NVA moet naar Borst'

De Tweede Kamer voelt niets voor het plan van het kabinet een voorlopige Nationale Voedselautoriteit op te richten onder gedeelde verantwoordelijkheid van de ministers van Volksgezondheid en Landbouw.

Dat bleek gisteren tijdens een overleg in de Kamer met Borst en Brinkhorst (Landbouw) over voedselveiligheid. Behalve D66 vinden alle partijen dat de verantwoordelijkheid voor het toezicht Hoort te liggen bij minister Borst (Volksgezondheid).

Met de Nationale Voedselautoriteit (NVa), die deze zomer van start moet gaan, willen de ministers eenheid brengen in het toezicht op voedselveiligheid, dat nu in handen is van verschillende instanties. Brinkhorst en Borst kregen deze zomer het kabinet achter hun voorstel samen de politieke verantwoordelijkheid voor de NVa te delen, na lang getouwtrek op hun departementen en binnen het kabinet.

Pogingen van Brinkhorst en Borst om bestaande diensten als de Keuringsdienst van Waren (bij Volksgezondheid) en de Rijksdienst voor de Keuring van Vee en Vlees (bij Landbouw) vanaf deze zomer bij de NVa onder te brengen, liepen op niets uit. De bewindslieden spreken nu van een `voorlopige' NVa, die moet uitgroeien tot de overkoepelende autoriteit over voedselveiligheid. Volgens Borst en Brinkhorst wordt de NVa onafhankelijk, maar is nog niet duidelijk of de NVA straffen kan gaan geven.

In de Kamer wordt gevreesd dat NVa te weinig macht krijgt om zich te bewijzen. Volgens PvdA-woordvoerder Waalkens noemt de NVa in huidige vorm slechts ,,een extra bureaucratische schil'' die de controle op voedselveiligheid niet beter maakt. VVD-woordvoerder Udo vreest ,,onhelderheid'' over de vraag welke minister als eerste aanspreekbaar is voor voedselveiligheid.