Koninklijk

Wijlen Jules de Corte zong ooit over de ontevreden vogels die na eindeloos klagen en kniezen een nieuwe koning zouden kiezen. Wie het zou worden was om het even, want anders kon niemand meer verder leven, zong hij, omstreeks een halve eeuw geleden. De gelukkige werd heer adelaar, wiens stem zo fris en klaar en helder en geslepen was als pasgeslepen spiegelglas, herinner ik me. De Corte was een geëngageerde zanger, al heette dat toen nog niet zo, die zichzelf op de piano begeleidde, doorgaans met een zonnebril op.

In een van zijn vele andere liedjes vierde hij de geboorte van een dochter omdat die immers nooit in een NAVO-leger onder iemand als de Duitse generaal Speidel zou hoeven te dienen. Nu was die Speidel, over wiens benoeming veel te doen was geweest het was nog vrij kort na de Tweede Wereldoorlog weliswaar `een goede Duitser', die in zijn standplaats Parijs in 1944 zijdelings nog betrokken was geweest bij de mislukte aanslag op Hitler, maar dat wist de zanger niet. Zoals weinigen in Nederland wisten of wilden weten. (Een interessant boekje over Speidel en andere anti-Hitler officieren in Parijs als Ernst Jünger en de na de aanslag omgebrachte neven Otto en Carl Heinrich von Stülpnagel publiceerde hun geestverwant en latere West-Duitse staatssecretaris Walter Bargatzky: Hotel Majestic, ein Deutscher im besetzten Frankreich, Herder Verlag, 1987, ISBN 3-451-08388-4.)

De Corte was blind en ondanks de verzorgde articulatie waarmee hij zijn naar statenbijbel-Nederlands neigende teksten zongsprak, even heel populair. Boefjes van de Haagse voetbalclub ADO riepen hun makkertjes die een mooie kans hadden gemist destijds soms zelfs pesterig, en ver van de statenbijbel, toe: ,,Sjuul de Korrchte'', herinner ik me nog. En met plezier, want dat ADO was indertijd qua voetbal in Den Haag heel wat en ik speelde bij een andere club en was na zo'n gemiste kans een van de begunstigden. Gelijkgespeeld in het Zuiderpark, jongen? Dat is niet mis.

Hoe kom ik bij Jules de Corte en zijn vogels die een nieuwe koning zouden kiezen? Dat zit zo: ik heb de afgelopen weken bij wijze van vakantie een zogenoemde groepssafarireis van oost naar west door zuidelijk Afrika gemaakt, waarin behalve (uiteraard) het Krugerpark ook enkele dagen het door Zuid-Afrika omsloten ministaatje Swaziland was opgenomen. In de praktijk betekent zo'n reis vele uren en vaak honderden kilometers in een minibusje. Als er even geen groot wild beest te zien is, of weer zo'n gruwelijke township voor de zwarte bevolking, die duidelijk maakt dat het nog generaties zal duren tot de formele afschaffing van de apartheid ook materieel wat gaat betekenen, en als je even niet in gesprek bent met je nieuwe vrienden uit Gilze-Rijen of Almere, ga je wel eens wat zitten lezen. Het bloed kruipt, nou ja, u begrijpt het al.

Zodoende zat ik, reizend door Swaziland en lezend in de Swazi Observer van 13 september, zachtjes en tot verbazing van mijn nieuwe vrienden dat praatliedje van De Corte te neuriën. Dat blad was namelijk, twee dagen na 11 september (World Trade Center, Pentagon etc.), praktisch geheel gewijd aan de 33ste verjaardag van koning Mswati III en aan de ingewikkelde manier waarop de Swazi's aan een nieuwe koning komen. Die grote aandacht voor de koninklijke verjaardag was trouwens ook opmerkelijk omdat de koning eigenlijk in april jarig is. Maar hij was een half jaar geleden ziek, en dan kan je niet vieren.

Je komt uit een land waar geldt: De koning is dood, leve de (nieuwe) koning!, zij het constitutioneel aan banden gelegd. Maar zo is dat niet in Swaziland, waar ook koningen meer dan één vrouw hebben en waar een koning altijd samen met zijn moeder regeert. Of eigenlijk is het in Swaziland zó geregeld dat na het overlijden van de koning een rouwperiode van drie jaar geldt waarin een van zijn weduwen officieel als koningin-moeder wordt aangewezen. Die wijst dan een zoon, kind van de vorige koning en liefst heel minderjarig, aan als toekomstige vorst. Moeder en zoon mogen elkaar in de driejarige rouwperiode niet zien, en daarna geldt dat de zoon pas volledig koning wordt als hij meerderjarig is en ten minste eenmaal gehuwd.

Dat koningschap deelt hij ook daarna met zijn moeder, die in de sfeer van de uitvoerende en de rechterlijke macht haar eigen bevoegdheden houdt. De koning kan bijvoorbeeld als enige doodvonnissen bekrachtigen, maar het paleis van de koningin-moeder – die de `moeder van het volk' is – is, als zij wil, levenslang vrijplaats voor mensen die ter dood veroordeeld zijn.

De koning is wettelijk baas van het leger, maar zijn moeder bepaalt wie daarvan de commandant is. De koningin-moeder en haar koning-zoon kennen een soort balance of power, elk met eigen adviescolleges. Er zijn daarnaast ook nog een kabinet, en een parlement, maar dat kabinet doet wat de koning wil, in het parlement mogen geen politieke partijen zitten maar alleen (gekozen) leden van regionale clans en functionele groepen. Er zijn ook enkele blanke Swazi's lid.

Bij de laatste verkiezingen kwam 83 procent van de kiezers op, velen na tientallen kilometers, naar het stemlokaal. Kom daar eens om in onze streken. Niettemin vinden de Swazi's in grote meerderheid, blijkens opiniepeilingen, dat alle gezag van de jonge koning moet blijven uitgaan, al is die zelf doende met modernisering van de constitutie. Bijvoorbeeld door de onder hem gestelde staatsraad (Liqoqo) tot een verplicht en veelal beslissend adviesorgaan te maken, ten koste van de macht van moeder en haar adviseurs. Het rommelt daarover al, lees ik, Ciska D. moet opletten, want die kerels zijn overal in de weer.

Straatarm landje, met een eigen munt, maar iedereen prefereert toch de Zuid-Afrikaanse rand, al is die dan sterk verzwakt sinds de Westerse wereld na de zo gewenste afschaffing van de apartheid (1993) de investeringen in de Zuid-Afrikaanse economie op een laag pitje zette. Mooie wilde beesten en fraaie landschappen. Souvenirs waarop je leuk kan afdingen. De armoede is wat akelig voor de videocamera. En ze moeten wel opschieten met de democratie. Nietwaar?