`Overheid liet academie aanklooien'

De Bestuursacademie Zuid-Nederland, die jaarlijks 2.500 provinciale en gemeentelijke ambtenaren schoolt, zit diep in de schulden. Burgers in Zeeland, Brabant en Limburg moeten 6 gulden per persoon bijpassen om de financiële gaten die het bestuur achterliet, te vullen. `Het openbaar bestuur liet de academies aanklooien.'

,,Ik heb zelden een organisatie gezien die zo slecht functioneerde. Er was geen aandacht voor de financiële administratie en het bestuur was slecht geïnformeerd, en weinig geïnteresseerd.''

F. van Luxemburg was van 20 november 2000 tot 1 januari 2001 waarnemend-directeur van de Bestuursacademie Zuid-Nederland (Zuid) in Tilburg. Nu is hij directeur van de Bestuursacademie Oost-Nederland. Eigenlijk wil hij niet te hard oordelen, zegt hij, maar de gang van zaken bij Zuid was gewoon ,,knullig''.

Onder gemeenten in Zuid-Nederland ontstond deze zomer onrust toen bleek dat de Bestuursacademie Zuid-Nederland een strop van 24 miljoen gulden boven het hoofd hangt. Publieke academies zoals deze verloren terrein aan commerciële bureaus zoals KPMG en Ernst & Young.

De financiële malaise was een van de redenen van het bestuur van Zuid om af te zien van een fusie met de drie andere bestuursacademies in het land: Oost, Noord-Nederland en Randstad. Zuid praat nu over samenwerking met Fontys Hogescholen, maar de financiële nood blijft bestaan. Omdat Zuid een gemeenschappelijke regeling is moeten de deelnemers, vooral gemeenten in Zeeland, Noord-Brabant en Limburg, zes gulden per inwoner bijpassen.

Gemeenten in Zuid-Nederland pleiten ondertussen voor een onderzoek naar het ontstaan van de problemen. Het bestuur is in hoge mate verantwoordelijk voor het miljoenentekort, is het antwoord van oud-managers en betrokkenen uit het bestuursonderwijs. Ze beschuldigen vooral de inmiddels opgestapte voorzitter A. Aarts (65), tot 1 september burgemeester in Gilze en Rijen, van bestuurlijk falen.

Van Luxemburg: ,,Het bestuur van Zuid heeft veel tijd gestopt in de fusie en de eigen organisatie verwaarloosd.'' C. Versteden, oud-voorzitter van de Bestuursacademie Randstad, nu adviseur van Randstad, geeft toe dat Zuid en `zijn' Randstad de trekkers waren van de mislukte fusie. Versteden: ,,Aarts was consequent voorstander. Hij had een zekere drammerigheid. Intussen hielden ze in Tilburg hun eigen huis niet op orde. Vertrouw op God, maar houd je kruit droog, had het advies moeten luiden.'' N. Duchateau, waarnemend-directeur van Zuid van juli tot oktober 1997, spreekt over ,,een dagelijks bestuur met weinig kennis van de commerciële leiding van een overheidsbedrijf'' en ,,een algemeen bestuur dat er vaak niet was, geleid door een impulsieve voorzitter.'' Volgens J. Vos, voorzitter van de ondernemingsraad van Zuid, die binnenkort vertrekt naar de Bestuursacademie Oost-Nederland, was sprake van ,,een gebrek aan communicatie en bestuurlijk falen''. Oud-voorzitter Versteden houdt het op `mismanagement'.

Uit interne documenten blijkt dat voorzitter Aarts geen of onvoldoende maatregelen nam om financieel orde op zaken te stellen. Hij werkte maatregelen zelfs tegen, blijkt uit de affaire die ontstond rond waarnemend-directeur Duchateau, in 1997. Duchateau controleerde de werkplannen van de opleidingscoördinatoren, en eiste dat taakstellingen gehaald werden. Een aantal haalden die niet. Bovendien ontdekte Duchateau dat er royaal werd gedeclareerd, en dat er bovenmatige vergoedingen waren verstrekt aan externe trainers.

Ook stuitte Duchateau op fraude. Zo wilde hij een stafmedewerker erop aanspreken dat die op naam van zijn vrouw rekeningen had gestuurd voor cursussen die hij als docent had gegeven. Hij had de academie al voor 120.000 gulden benadeeld. Duchateau meldde de fraude aan het dagelijks bestuur en wilde maatregelen nemen. Voorzitter Aarts voorkwam dat, trok de zaak naar zich toe voor afhandeling, en deed niets. Pas een jaar later, toen de accountant de fraude op het spoor kwam, ondernam het bestuur actie. Van Luxemburg: ,,Ik heb dat dossier gelezen. Op pagina drie ben ik gestopt met lezen. Alleen al op basis daarvan had ik meteen aangifte gedaan bij de politie.''

In zijn onderzoek ontmaskerde Duchateau en passant een medewerker die met behulp van een valse titel een baan had gekregen bij Zuid. De argwaan van Duchateau was gewekt toen de medewerker als ,,onbeduidende oplichter'' te kijk werd gezet in de rubriek `De Geruchtenmachine' van het weekblad Story. Op een foto was te zien hoe medewerker `Hans T.', in het gezelschap van Willeke Alberti, het Amstel Hotel verliet. Aarts verbood Duchateau iets te ondernemen tegen de oplichter. Duchateau werd ontheven van zijn taak als waarnemend-directeur. ,,Mij werd onder meer verweten dat ik in de uitoefening van mijn waarneming wel erg voortvarend te werk was gegaan. Er zou onrust onder het personeel zijn ontstaan, iets wat de ondernemingsraad ontkende'', aldus Duchateau die verder niets over zijn conflict kwijt wil.

Aarts wil inhoudelijk niet reageren. Per fax laat hij weten: ,,Mijn conceptie van de gebeurtenissen (..) is een geheel andere dan die van de geciteerde personen. Overigens bevreemdt het mij dat in de nauwe samenwerking die ik in het verleden met betrokken personen had deze grieven hunnerzijds nooit aan de orde zijn gesteld.''

Ook de leden van het algemeen bestuur – meestal gemeentesecretarissen of wethouders – worden verwijten gemaakt, vooral vanwege hun afwezigheid tijdens bestuursvergaderingen. ,,Ze waren er bijna nooit. Het was daardoor moeilijk om een quorum te halen'', zegt Van Luxemburg. Bij afwezigheid van veel bestuurders had Aarts, die als dominant en impulsief te boek stond, een grote vrijheid.

Het bestuur heeft, volgens OR-voorzitter Vos, ook schuld aan de problemen op de afdeling financiën. Vos: ,,Die afdeling was onderbezet waardoor de laatste jaren weinig zicht was op het oplopen van de schulden.'' Het personeelsbeleid van het bestuur blijkt bijzonder soepel. Het hoofd van de afdeling financiën, H. Beckers, is al bijna twee jaar met ziekteverlof, maar functioneert ondertussen wel in de gemeente Margraten gewoon als wethouder. De tweede man van de afdeling werd vorig jaar weggekocht, door de gemeente Gilze en Rijen waar Aarts burgemeester was. Daarna had niemand zicht op de financiële situatie.

Versteden (Randstad) concludeert: ,,Het openbaar bestuur gaat slordig om met de bestuursacademies. Ze hebben ze nodig, maar als je vraagt om bestuurlijk of financieel bij te dragen is men niet thuis. Het is bestuurlijke nonchalance. Het is een situatie die bestuurlijk onverantwoord is, want de overheden zijn wel financieel aansprakelijk. Het openbaar bestuur laat een paar mensen aanklooien. Eigenlijk kan het nu geen kritiek hebben, als het zelf jarenlang de academies heeft verwaarloosd.''