Een verslagen man

Nguyen Van Thieu, de voormalige president van Zuid-Vietnam die acht jaar lang de leiding had over een land in oorlog met het communistische noorden, is vorige week op 78-jarige leeftijd in het Amerikaanse Boston overleden.

Generaal Thieu was aan de macht in Zuid-Vietnam tot kort voordat de communistische troepen van de Vietcong in 1975 de hoofdstad Saigon veroverden. Een historisch beeld van Thieu is dat van een verslagen man die met een vliegtuig vol goud wegvliegt uit Saigon terwijl onder hem, op Zuid-Vietnamese bodem de tanks van de Vietcong na een strijd van dertig jaar afstevenden op een overwinning.

De bevrijdingsstrijd van de communisten onder aanvoering van Ho Chi Minh was een ideaal dat vlak na de Tweede Wereldoorlog aanvankelijk ook door Thieu werd aangehangen. Toen verzette hij zich nog tegen de overheersing van de Franse kolonisators. Maar na het verbond tussen de communisten in het Noorden en het communistische China, vluchtte Thieu, inmiddels een communistenhater geworden, naar het Zuiden. Hij nam dienst in het Zuid-Vietnamese leger en kreeg militaire training in de Verenigde Staten.

Thieu speelde een belangrijke rol bij de omverwerping in 1963 van het toenmalige regime in Zuid-Vietnam. Van 1965 tot 1967 was hij vice-premier en minister van Defensie, en in 1967 werd hij president.Naarmate in de VS de behoefte aan doorgaande strijd tegen het communistische noorden eind jaren zestig verminderde verstevigde Thieu zijn macht in Zuid-Vietnam. Maar een in 1973 gesloten vredesakkoord tussen de VS en Noord-Vietnam hield geen rekening met de wensen van de autocratische president in het Zuiden. Thieu bleek niet bereid de macht te delen met de Viet Cong. Desondanks was hij schoorvoetend akkoord gegaan met het staakt-het-vuren. Twee jaar later, in 1975, zetten de Noord-Vietnamezen hun offensief in dat eind april leidde tot de val van Saigon.

Thieu verdween volledig van het politieke wereldtoneel. Hij leefde enkele jaren als balling in Londen en vertrok vervolgens naar de VS.