Een stijlvol slot bij Rotterdamse jazz

Terwijl sommige jazzfestivals afsluiten met een hip avondje draaitafelacrobatiek of andere licht verteerbare muzikale toetjes, koos trompettist-programmeur Eric Vloeimans voor zijn Jazz International Rotterdam voor een stijlvol en ambitieus slotakkoord. De solisten die de voorgaande twee avonden op het podium van het uitverkochte Calypso stonden, passeerden nog een keer de revue, ondersteund door het Metropole Orkest. De muziek was speciaal voor het festival geschreven of door de solisten meegebracht.

Vloeimans zelf had Martin Fondse gevraagd de arrangementen te schrijven voor twee van zijn stukken. Nu lenen Vloeimans' sterk melodische composities zich uitermate goed voor een grote bezetting, maar bestaat er met een contingent strijkers achter de hand altijd het gevaar van een gelikt geluid. Fondse omzeilde dat prima door zich te concentreren op de wisselwerking tussen Vloeimans' kwartet en het orkest. In het begin waren de twee partijen beurtelings te horen, maar gaandeweg schoven strijkers en later blazers op in de richting van het viertal. De individualistische energie van de band en het grote, gedisciplineerde geluid van het orkest grepen zo steeds dieper op elkaar in, hetgeen een mooie spanningsboog opleverde.

Dat het Metropole Orkest niet alleen de lichte muziek tot in de finesses beheerst, bleek na de pauze toen de hoekige, modern klassieke compositie van Paul van Brugge werd gespeeld. Daarna schakelden de musici weer even makkelijk over naar de Banjo Rag van de Noorse banjospeler en accordeonist Stian Carstensen. Het was tijdens het optreden van trombonist Ray Anderson met het bigband-deel van het orkest dat de vlam echt in de pan sloeg en er achter de muziekstandaarden stevig werd geswingd.

Dirigent Michael Gibbs, de vervanger van Vince Mendoza, die na 11 september niet meer wilde vliegen, hoefde er ogenschijnlijk niet echt veel voor te doen. De enige keer dat hij het moeilijk had was tijdens het optreden van cellist Ernst Reijseger, die halverwege het stuk Do you still een coup pleegde en er met de strijksectie vandoor ging. Al dansend over het podium en staande op zijn stoel ging hij de violisten en cellisten voor in een improvisatie vol gepluk, gezaag en zelfs gefluit. Ondertussen stond Gibbs wanhopig in zijn partituren te zoeken naar een aanknopingspunt.

Maar hij had de leiding weer stevig in handen bij de, speciaal voor het festival geschreven, afsluitende suite van Niko Langenhuijsen. Alle solisten kwamen voor dit stuk nog eens het podium op en zorgden zo gezamelijk voor een passend coda voor Jazz International Rotterdam.

Jazz International Rotterdam. Gehoord: 30/9 De Doelen, Rotterdam. Radio: 18/11 4FM in Concert.