Ziekte van Hedel

Het lastige van een taalrubriek is dat je soms vragen krijgt voorgelegd die je niet meer loslaten. Zo vroeg iemand mij laatst of ik ooit had gehoord van `de ziekte van Hedel'. Nee, daar had ik nog nooit van gehoord en mijn medische naslagwerken ook niet. Maar daar had ik ook niet hoeven kijken, want `de ziekte van Hedel' komt uit een rijmpje dat omstreeks 1950 in Rotterdam is gehoord in de vorm: ,,Hij heeft de ziekte van Hedel/ een ongelooflijke berg haar op z'n borst en niets op z'n schedel.'' Het zal duidelijk zijn: je zei dit vooral over iemand met een kale kop. Of die variant met `borst' de vroegste is, weet ik niet, maar later zijn er varianten opgetekend met `zak', `kont', `kin', `peer', enzovoorts. En in een sketch van Jiskefet vond ik: ,,De ziekte van Hedel! Dat is meer haar op je lul dan op je schedel.''

De vraag die mij sindsdien bezighoudt is: wie of wat is Hedel? Er zijn drie mogelijkheden. Eén: Hedel is een onzinwoord, verzonnen omdat het rijmt op `schedel'. Mogelijkheid twee: Hedel was iemand die iets met kaalhoofdigheid te maken had. Hij kan een fabrikant van haarlotions geweest zijn, een charlatan die een wondermiddel tegen kaalheid verkocht of een kale beroemdheid uit de jaren veertig.

Mogelijkheid drie: de ziekte heeft iets te maken met Hedel in Noord-Brabant of in Gelderland. Het zou bijvoorbeeld kunnen dat de inwoners van Hedel `kaalkonters' werden genoemd, of iets dergelijks. Maar nee, `die van Hedel' werden of worden `juinzakken' of `ajuinzakken' genoemd, een bijnaam die te maken heeft met de uienteelt die daar ooit plaatsvond.

Er schijnt een kale Duitse hoogleraar Hedel te zijn geweest, maar over hem is mij verder niets bekend. Jules Deelder heeft de uitdrukking weleens heeft gebruikt; veel mensen denken dat het typisch Rotterdams is. Wie weet er meer over de herkomst van deze rijmende schedelziekte?

Reacties naar de redactie van de Achterpagina of naar sanders@nrc.nl