Paars III: het waar-voor-je-geld kabinet

Het volgde (paarse?) kabinet heeft al zijn motto. Na werk, werk, werk van paars I en het vacuüm van paars II komt straks: waar voor je geld.

Aspirant PvdA-leider Melkert kan de linkse keuze voor hogere lonen en extra investeringen in zorg, veiligheid en onderwijs alleen doorzetten als hij dat rijmt met tot voor kort typisch rechtse opvattingen: strengere controle op de besteding van het geld en een voortdurende evaluatie van de vraag of de gestelde doelen ook bereikt worden.

Het falende toezicht op de Europese gelden voor werkgelegenheidsprojecten (ESF) onderstreept nut en noodzaak. Voor een land dat te koop loopt met zijn polder(model) is het beschamend dat de Europese banensubsidies in een financieel moeras zijn geëindigd.

Toezicht houden stijgt de komende jaren met stip op de politieke prioriteitenlijst. Niet alleen het toezicht op straat, op (lokale) voorschriften of op verzelfstandigde overheidsdiensten (telefoon, elektriciteit), maar juist op de kwaliteit van de collectieve diensten.

De onmacht van wachtlijsten in de zorg en het zwartepieten met psychiatrische patiënten geeft de burger het gevoel dat hij belazerd wordt. Wel betalen, maar niet of te laat iets terug krijgen. En dan moet de echte vergrijzing, als de geluksgeneratie van naoorlogse babyboomers vanaf 2010 met pensioen gaat, nog beginnen.

Toezicht en kwaliteit zijn een reguliere ruil: de samenleving mag wat kosten, maar dan moet er wel wat op tafel komen. De signalen van verandering zijn duidelijk. Een nieuwe opsporingsdienst voor grootschalige sociale verzekeringsfraude. De parlementaire toetsing op de eerste woensdag van mei (`Woensdag Gehaktdag') van de doelstellingen en financiële uitkomsten van de begrotingen van ministeries. De duimschroeven voor de Amsterdamse sociale dienst.

Toezicht is geen kunst, maar een kunde. Het vereist duidelijke doelstellingen, de vanzelfsprekendheid van controle en het automatisme van publieke rapportage en verantwoording daarover. Typisch overheidswerk. ,,Richtinggevend aan het begin en rekenschap gevend aan het eind'', schrijft directeur P. Schnabel van het Sociaal en Cultureel Planbureau deze week in Bedreven en gedreven, een verkenning op verzoek van het kabinet van toekomstig beleid.

Helaas is bij verzelfstandiging van overheidstaken meestal niet voorzien in het afleggen van verantwoording.

De overheid kan voor toezicht bij het bedrijfsleven te rade gaan, maar daar is niet alles goud wat er blinkt. De debâcles met Baan, KPN en supermarktketen Laurus laten zien dat ook topmanagers en hun commissarissen op grote schaal financieel en menselijk kapitaal kunnen vernietigen. Het verlies op de ongecontroleerde bankzaken van de provincie Zuid-Holland valt in vergelijking daarmee weg achter de komma.

De ommekeer in het economisch geluk zal de roep om toezicht en waar-voor-je-geld nog versterken. Dat geldt voor beleggers tegenover bedrijfsbazen, voor bazen tegenover werknemers en voor burgers tegenover hun overheden.

Schnabel constateert dat economische voorspoed niet de oplossing brengt van alle problemen, nee, sommige juist verscherpt. Dat is niet nieuw, maar elke generatie moet dat in zijn fixatie op groei kennelijk weer ontdekken.

,,In de maatschappelijke diensten, bij de verpleging van zieken en gebrekkigen doen zich grote tekorten voor, die vaak een schrijnend karakter hebben, vooral wanneer daar tegenover staat een overvloedig aanbod ter bevrediging van luxe behoeften.'' Auteur: J. den Uyl, in een rapport van PvdA-denktank Wiardi Beckman Stichting (WBS). In 1963.

Den Uyl wilde de inkomstenstroom van economische groei verleggen naar collectieve bestedingen. Dat is een variant van de maakbare samenleving die nu niet meer verkoopt. De burger mag zijn eigen maakbare samenleving opbouwen, maar mist nog wat bakstenen.

De toekomst is aan individuele regelingen met een collectief georganiseerd vangnet en/of afdwingbaar inzichtelijke informatie, opdat de burger/consument ook weloverwogen keuzes kan maken. Voor collectieve genoegens als milieu en duurzaamheid ontkomt de overheid niet aan leiderschap en controle.

De trend naar individualisering is zichtbaar in arbeid (korter werken; sabbattical) en pensioenen (meer zelfwerkzaamheid bovenop een collectieve basis).

De weg naar meer collectiviteit wijst staatssecretaris Bos (PvdA, Financiën) in zíjn bijdrage aan de verkenningen van toekomstig beleid. Hij geeft uitgewerkte informatie over het nut van een breder draagvlak voor de financiering van de AOW. Laat ouderen boven de 65, die nu zijn vrijgesteld van AOW-premie, ook meebetalen. Argument: de ouderen zijn straks veel rijker dan nu dankzij de hogere pensioenen die zij bij hun werkgever hebben gespaard. Anderhalf jaar geleden wees het kabinet dit voorstel van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) faliekant af.

Zelf sparen en individuele budgetten moeten nog doordringen in de amorfe financiële collectieven, tevens de onverbiddelijke groeisectoren van de vergrijzing: zorg, onderwijs (een leven lang leren) en sociale voorzieningen (WAO). Verworven rechten zullen verwerfbare verplichtingen worden. Collectief of individueel, het gaat de burger geld kosten.