Merkrechten kunnen soms ver reiken

De Vlaamse Socialistische Partij SP gaat zijn naam veranderen in SPA. Problemen met Spadel, de producent van het gelijknamige bronwater, vrezen de socialisten niet. Ook de woordvoerders van het Benelux Merkenbureau en het Europese Merkenbureau zeggen dat er waarschijnlijk geen sprake van merkinbreuk is omdat Spadel en de socialisten `in totaal verschillende sectoren actief zijn' (NRC Handelsblad, 28 augustus).

Het is juist dat politiek en frisdrank volstrekt andere zaken zijn, maar dat betekent niet op voorhand dat er geen sprake kan zijn van een merkinbreuk. Dat zagen we onlangs ook in het conflict tussen WE en ME, waarin de rechter het gebruik van ME verbood, terwijl de merken voor volstrekt andere zaken werden gebruikt (kleding tegenover een tv-zender). Los van de juistheid van deze beslissing (ik heb mijn twijfels; het ingestelde hoger beroep zou wel eens anders kunnen aflopen), geeft deze zaak wel aan hoever merkrechten soms kunnen reiken.

Gebruik van een overeenstemmend merk voor andere producten of diensten kan verboden worden als de merkhouder kan aantonen dat aan drie eisen voldaan is. Zijn merk moet bekend zijn, er moet gevaar bestaan voor schade aan het merk (bijvoorbeeld reputatieschade of afbreuk van het onderscheidend vermogen) en het gebruik door de ander moet plaatsvinden in het economisch verkeer.

Wordt het gebruik van een merk niet beschouwd als `gebruik voor waren of diensten' (en dat zou bij de naam van een politieke partij het geval kunnen zijn), dan is het volgens de wet al voldoende als voldaan is aan de onder 2 en 3 genoemde eisen. Bekendheid is dan niet nodig.

Maar onder welke noemer de rechter in een conflict de zaak ook zal brengen, in alle gevallen acht ik de kans groot dat het gebruik van de naam verboden wordt. Immers, aan de gestelde eisen zal snel zijn voldaan. In de eerste plaats is Spa natuurlijk een zeer bekend merk. Daarnaast is het naar mijn mening evident dat het voor zo'n bekend merk schadelijk kan zijn als het in verband gebracht wordt met een politieke partij met een duidelijke signatuur (welke signatuur dit dan ook is). Iets meer discussie zou kunnen bestaan over de vraag of de socialisten de naam SPA wel gebruiken in `het economische verkeer'. Een politieke partij is natuurlijk geen zuiver commerciële organisatie.

Echter, onder de activiteiten van een politieke partij vallen natuurlijk ook allerlei handelingen die zonder twijfel `in het economisch verkeer' plaatsvinden, zoals het heffen van contributie, het huren van zalen, het adverteren et cetera. Mede gezien de ruime uitleg die in de rechtspraak aan het begrip `economisch verkeer' wordt gegeven, meen ik dat ook deze hobbel door Spadel makkelijk genomen moet kunnen worden. En zeg nu zelf, als de VVD zich morgen Bounty gaat noemen, dan moet de chocoladefabrikant daar toch iets tegen kunnen doen?

Bas Kist is jurist.