De postmoderne Holle Bolle Gijs van Liz Jensen

De klant is koning. Dat is op zichzelf een mooi principe, maar soms kan het ook te ver gaan. Dat is het geval in The Paper Eater, de derde roman van de Britse schrijfster Liz Jensen. In een door computers bestuurde wereld heerst de gedachte dat het geluk van de consument bepaald wordt door het getal. Elke handeling wordt gevolgd en opgeslagen. Mensen met problemen kunnen een computergestuurde hulplijn bellen voor een persoonlijk gesprek, de geuren in tuinen worden automatisch gestuurd en de brandnetels zijn van plastic. Wie zich in deze wereld niet kan aanpassen, niet meegaat met algemene smaak en gedachtegoed, wordt opgepakt.

Liz Jensen heeft een politieke roman geschreven in de traditie van 1984 en Brave New World, ook de voorbeelden voor haar twee eerdere anti-utopische romans. In The Paper Eater is de wetenschappelijke wereld vervangen door de consumentgerichte maatschappij, maar dat maakt het niet tot een vervelend moralistisch boek. De politieke boodschap wordt met erg veel humor gebracht; Jensen weet haar personages in een paar zinnen goed en geestig te typeren. De gang van de ter dood veroordeelde Harvey Kidd wordt dermate absurd beschreven, dat je je als lezer bijna verheugt op de executie.

Tot slot is The Paper Eater ook een liefdesverhaal: de liefde tussen Harvey Kidd – de papierkauwende witteboordencrimineel – en Hannah Park, de naar pindakaas ruikende emotioneel gestoorde pindakaasetikettenverzamelaarster. Jensen sprak op de site van de uitgever de hoop uit dat het boek zou verontrusten, maar ook de lachspieren zou prikkelen. En dat is haar gelukt.

Liz Jensen: The Paper Eater. Bloomsbury, 246 blz. ƒ25,95

buitenlandse literatuur