De J als misverstand

Je ziet iets en even later blijkt het wat anders. De hersenen hechten echter aan de eerste indruk: cognitieve dissonantie.

Zo beschreef Hedda Martens jaren geleden op deze pagina uitgebreid haar verrukking bij het zien `van een kleine, kubusvormige kat' in de tuin van haar buren. Het bleek een bloempot van zwart plastic. Dessalniettemin bleef zij het dier zien: ,,Toch zal ik die poes niet gauw vergeten, het is nog steeds een geluk om te weten dat hoe hij daar naar zijn poten zat te kijken.''

Omgekeerd kan ook, je ziet iets en denkt dat er meer is dan je ziet. Kees Schuyt citeerde in zijn column in de Völkische Beobachter, d.d. 20 juni jl., onder de kop `De Mentale Prullenbak', het gedicht One Art van de Amerikaanse dichteres Elizabeth Bishop. Het vers was volgens Schuyt `schitterend' in het Nederlands vertaald door `Jan Bernlef'.

Ik schoot in de lach, kennelijk keek de scribent naar de J gelijk Hedda Martens naar een bloempot. Mijn mentale prullenbak weet zeker dat J.Bernlef een schrijversnaam is, net als Hedda Martens en K. Schippers. En als ik zou willen, zou ik deze drie schrijvers roepen bij hun roepnaam, respectievelijk Henk, Henriëtte, Gerard.

Interessanter is waarom Schuyt meende dat de J van Bernlef staat voor Jan. Waarom niet voor John, Japik, Joachim, Jaap, Johannes, Judas, Jodokus, Jules, Jozef, James of Jannes? Voor mijn part Joop!

Het misverstand werd hilarisch toen genoemde krant twee dagen later een interview afdrukte met Querido-uitgever Ary T. Langbroek. Citaat: ,,Misverstanden zijn niet uitgesloten. Belde ik Henk Bernlef op om te zeggen hoezeer ik onder de indruk was van zijn roman Boy. Zei ik bedoeld als honderd procent compliment `wat een ráár boek heb je geschreven' , lag hij daar de hele nacht wakker van. Godzijdank vroeg hij me de dag erop om tekst en uitleg.''

Toevallig is Langbroek de T staat voor Teunis tevens de uitgever van het werk van Hedda Martens en K. Schippers. Bij zijn afscheid na zesendertig jaar trouwe dienst, kreeg hij van zijn auteurs een speciaal voor hem geschreven, somptueus geïllustreerd boek. Het ordentelijk getypografeerde, groene omslag meldt als titel Goed geboerd. 81 schrijvers. 25 tekenaars en één bord. Voor Ary. 22juni 2001.

De titelpagina meldt echter `80 schrijvers en 26 tekenaars'. Nachten heb ik daar wakker van gelegen, peinzend over de diepere betekenis. En hoe langer ik erover nadacht, hoe ingewikkelder het werd. Reken je Leo Vroman tot de schrijversbent? Maar hij leverde nou juist een geestig, op de computer gemaakt breiwerkje in.

Cognitieve dissonantie is vaak prettig; een goede nachtrust is plezieriger. Uiteindelijk belde ik de uitgeverij. Een woordvoerster vertelde dat ze zich daar schaamden, `tijdsdruk' , `misverstand tussen de typograaf van het binnenwerk en de typografe van het omslag.'

Tsja. Omdat het huldeboek niet voor de handel is bestemd, zal het niet worden herdrukt.

Resteert de vraag waar de J van J.Tapperwijn, de voor het eerst in 1982 opduikende schuilnaam voor de boekvormelijke activiteiten van Ary T. Langbroek, nu eigenlijk voor staat. Kees Schuyt zou vermoedelijk opnieuw kiezen voor Jan, of Joke of Josephine. Het juiste antwoord is onthutsend simpel: de J staat voor de punt.