SALARIS: MEER DAN GELD

De afgelopen jaren is er in Nederland goed verdiend. Terwijl werkgevers halverwege de jaren negentig nog probeerden te loonkosten zoveel mogelijk binnen de perken te houden, gingen de laatste jaren in veel sectoren de remmen los. De krapte op de arbeidsmarkt, in combinatie met de ruime winstmarges bij de bedrijven, zorgde ervoor dat over de beloning van het personeel niet moeilijk werd gedaan. Niet alleen werden in vrijwel alle CAO's loonstijgingen van rond de 4 procent afgesproken, maar werknemers zijn de laatste jaren ook vaak sneller in hogere functieschalen ingedeeld, waardoor het salaris extra is gestegen.

Ook beginnende werknemers zijn er op dit moment financieel een stuk beter aan toe dan hun collega's die een paar jaar eerder de arbeidsmarkt op zijn gekomen. Uit onderzoek van de beloningsadviseurs van Hay Group blijkt dat gedurende de jaren negentig de salarissen van hoogopgeleide starters vrijwel gelijkop gingen met de algemene loonstijgingen in Nederland. Vorig jaar schoten de startsalarissen echter opeens vooruit: met 5,2 procent voor starters met een academische vooropleiding (tot gemiddeld 60.200 gulden) en 9,4 procent voor sollicitanten met een hbo-opleiding (tot gemiddeld 54.600 gulden).

Hoewel uit alle onderzoeken blijkt dat starters op de arbeidsmarkt het salaris een belangrijke factor vinden, komt ook steeds naar voren dat aspecten als werksfeer, imago van de organisatie, training en carrièremogelijkheden zwaarder wegen bij het aannemen van een baan. Wel is het zo, meldt Hay, dat salarishoogte en -perspectief de belangrijkste redenen zijn om op zoek te gaan naar een andere werkgever.

Wie overstapt voor een hoger salaris, moet wel thuis eerst alles eens goed doorrekenen en niet alleen kijken naar het nettobedrag op de loonstrook: wanneer ook rekening wordt gehouden met secundaire arbeidsvoorwaarden (goedkopere verzekeringen bijvoorbeeld), kan het aanbod van de nieuwe werkgever in de praktijk wel eens een stuk minder uitvallen.