Sharon lijkt zijn zelfbeheersing te verliezen

Heeft Sharon besloten het Palestijnse zelfbestuur de oorlog te verklaren? Niet voor het eerst wordt het buitenlandse beleid in Israël bepaald door binnenlandse motieven.

Premier Ariel Sharon verliest zienderogen zijn zelfbeheersing. De moord op de 63-jarige Palestijnse leider Mustafa al-Zibri, ook wel Abu Ali Mustafa genoemd, gisteren, is regelrechte wraak voor de dood van de zeven Israëliërs die het afgelopen weekeinde door Palestijnen werden afgemaakt. ,,De foto's van de twee weeskinderen (wier ouders in een auto vanuit een Palestijnse hinderlaag werden vermoord) geven me geen rust. Ik moet er de hele tijd aan denken'', zei Sharon voordat hij opdracht gaf Mustafa al-Zibri met precisieraketten van Amerikaanse makelij in zijn kantoor in Ramallah te doden.

Israël zegt dat dit is gedaan omdat Abu Ali Mustafa de hand heeft gehad in acht aanslagen in Israël, die overigens allemaal zijn mislukt. De beslissing om hem te liquideren werd al maanden eerder genomen. Dat het gisteren gebeurde, en niet eerder, is een indicatie van de emoties achter het besluit. Theoretisch liggen nu alle Palestijnse politieke leiders in het Israëlische vizier, niet alleen Hamas-leider sjeik Ahmed Yassin, maar zelfs de Palestijnse leider Yasser Arafat.

De vraag is hoeveel Israëliërs en in het buitenland levende joden met hun leven de prijs zullen betalen voor het uit de weg ruimen van deze door de Palestijnen vereerde politieke leider. Met Palestijnse wraak om de hoek heeft Israël de staat van paraatheid in binnen- en buitenland verhoogd ter bescherming van zijn burgers en diplomaten. Wegens de te verwachten ernstige gevolgen van de aanslag wordt Sharon vandaag ongenadig hard op de korrel genomen in de Israëlische pers. De militaire commentator van Israëls grootste krant, Yediot Achronot, schrijft vandaag dat de beslissing om Abu Ali Mustafa te liquideren in politiek opzicht onverstandig is. ,,Tenzij de premier en de minister van Defensie hebben besloten met alle regels te breken door het Palestijnse zelfbestuur de oorlog te verklaren en zo aan te sturen op de grote explosie [oorlog]. Is dat wat ze voor ons in petto hebben?'' Zo'n zin vloeit gemakkelijk uit de pen van een journalist die zich het op een fiasco uitgelopen Libanese avontuur van Sharon nog herinnert.

Omdat Sharon de Palestijnen niets anders te bieden heeft dan overgave en Arafat er niet over piekert om te buigen voor de man die hem in 1984 uit Beiroet verjoeg, is verdere escalatie van de Israëlisch-Palestijnse oorlog met mogelijke uitbreiding tot het Midden-Oosten niet uit te sluiten. De Egyptische televisie zond gisteravond een redevoering uit van president Hosni Mubarak die voor Israëlische kijkers in het Hebreeuws werd vertaald. De Egyptische leider zei dat Sharon alleen maar verstand heeft van geweld en niets van politiek begrijpt, en een gevaar is voor de stabiliteit in het Midden-Oosten.

De Israëlische minister van Buitenlandse zaken, Shimon Peres, moet zo langzamerhand ook in de gaten krijgen dat Sharon hem niet serieus neemt. Peres heeft vanmorgen verklaard dat hij niet werd geraadpleegd over de bezetting van Beit-Jalla. Ook werd hij niet ingelicht over de moord op Abu Ali Mustafa. Dat wekt de indruk dat Sharon hem toestemming geeft met Arafat te praten, maar achter zijn rug om samen met de minister van Defensie Benjamin Ben Eliezer, partijgenoot van Peres, alles doet om zo'n onderhoud te torpederen. Oppositieleiders vragen zich vandaag af hoe lang Peres zich nog als vijgenblaadje door Sharon zal laten misbruiken voordat hij een regeringscrisis forceert.

Dat minister Ben Eliezer de 78-jarige Peres als een baksteen laat vallen heeft te maken met de strijd om de macht in de Arbeidspartij. Er zijn Israëlische commentatoren vandaag die menen dat Ben Eliezer in het kielzog van Sharons populariteit zijn spierballen heeft laten zien om kans te maken op 4 september tot leider van de Arbeidspartij te worden gekozen. Avram Burg, de voorzitter van de Knesset, een gematigde vrome politicus, ligt volgens peilingen nog op Ben Eliezer voor. De laatste zou wel eens met het kiezen van grof geweld tegen de Palestijnen zijn positie kunnen verbeteren omdat het getraumatiseerde en angstige Israëlische volk daar rijp voor is.

Kennelijk heeft Sharon besloten zijn trouwe minister van Defensie daarbij een handje te helpen. En daarmee bepalen binnenlandse politieke overwegingen weer, zoals Henry Kissinger al lang geleden opmerkte, het buitenlandse beleid van Israël.