`Oóóóóh ja! Máriam. Als díe danst!'

Wat doen de kinderen deze zomer? Vakantiekampen helpen ouders de lange zomer door. Maar zelden zie je daar alle soorten kinderen tegelijk. Toon uw kamp en ik zeg wie u bent. Het laatste deel van een serie: kinderen van vluchtelingen worden verliefd.

Waar beginnen – bij de glimlach van Mariam? Bij de danspassen van Mariam of bij haar aanbiddelijk accent? Zelf zegt ze dat ze Russisch is maar dat líegt ze, lachen de anderen, Mariam is Armeense. ,,Niet'', zegt ze ernstig, ,,Armenië wás Roesland.''

Mariam is elf. Zij is de ster van het kamp voor kinderen van vluchtelingen. VluchtelingenWerk Nederland organiseert het ieder jaar in de bossen bij Leusden.

Hoe word je het populairste meisje van het kamp? De jongens: verliefd op Mariam terwijl ze schreeuwen dat ze niet verliefd op haar zijn. En de meisjes: haar in stille bewondering achterna lopend. Ze dansen als zij danst. En ze gaan zitten als Mariam rustig zit. Mariam is niet bijzonder mooi, zij is van gemiddelde lengte, met halflang haar dat ze met een schuifje uit haar gezicht houdt. Mariam is niet opvallend grappig. En het krengerig of dictatoriale optreden waarmee anderen hun toppositie in een hiërarchie kunnen bevechten, is haar vreemd. Mariam is vooral vriendelijk. Zij lacht lief naar wie het woord maar tot haar richt, meer moederlijk dan koket is zij. En ze kan dansen! ,,Oóóóóh ja'', zucht Yasser van twaalf uit Irak. ,,Máriam. Als díe danst!''

Op een open plaats tussen de dennenbomen staat een kring van legergroene tenten rond één grote tent. In die grootste tent staan in een kring de jongens rond Mariam. Buiten valt de regen met bakken uit de lucht, binnen dondert zomerdisco uit een gettoblaster: I'm going to Ibiza, hoho-ho. De jongens roepen: dáns, dáns, Mariam. ,,O nee, op deze liedje ga ik níet dansen!'', lacht Mariam, terwijl zij haar neusje optrekt.

Alleen voor de Turkse popster Tarkan komt Mariam in beweging. Tot die tijd, terwijl haar vriendinnen in de tent radslagen makend, heupwiegend, gillend en stampvoetend door de tent housen, met schuinse blikken naar de jongens, knoopt zij in alle rust een vriendschapskoordje. Kijk, doet ze voor, van een paar gekleurde draadjes wol, voor iemands pols om nooit meer af te doen, tot hij slijt. Iedereen knoopt ze tussen het dansen door – een vondst, op een kamp waar per kind 17,50 gulden beschikbaar is voor een hele week vermaak en waar iedereen de leeftijd heeft om voor het eerst verliefd te worden. De meisjes knopen bezeten, de jongens rommelen wat met draadjes maar zijn vooral afnemer. In koor: ,,Krijg ik je koordje, Mariam? Nee, ik! Ik! Ik!''

Op het kamp voor kinderen van vluchtelingen, vertelt het hoofd van de leiding Mark Jacobs, is het beleid om aan die achtergrond zo min mogelijk aandacht te besteden. Geen medelijden en net zo streng optreden als tegen andere kinderen als dat nodig is. ,,Maar natuurlijk zijn ze anders.'' Na soms jaren in een asielzoekerscentrum zijn deze kinderen bijvoorbeeld opvallend op hun hoede voor diefstal. De jongste kinderen, even verderop, worden in de gaten gehouden als een vliegtuig over komt. Sommigen worden daar heel paniekerig van. ,,En ze zijn echt op zoek naar wie in dit kamp de baas is. Wie heeft de leiding over de leiders? Daar hebben ze een fijne neus voor – er móét iemand de baas zijn.''

Dan komt Tarkan, op het bandje in de gettoblaster.

Mariam springt op en knoopt met een snelle beweging een denkbeeldige shawl rond haar heupen – zoals Turkse vrouwen kunnen doen als ze gaan buikdansen – en dan danst zij, achterwaarts buigt en buigt ze, zó ver dat haar bewonderaars ,,iéiéié'' roepen.

Daar is Yasser.

Hij gaat voor Mariam staan, kijk haar diep in de ogen en zegt kalm: ,,Kijk, Mariam. Ik kan met mijn oren dansen.''

Even gebeurt er niets. Dan floepen zijn oren een stukje omhoog. Zij lacht.