`Noorden waardeert cultuur niet'

Vanmiddag opent minister Pronk de Groningse fotomanifestatie Noorderlicht. De relatie tussen het festival en Den Haag is prima, maar met de noordelijke politiek botert het een stuk minder.

Studenten van kunstacademie Minerva hangen foto's op in de Der Aa-Kerk, de belangrijkste locatie van Noorderlicht. Ze liggen voor op schema, dankzij de grote formaten is het aantal foto's beperkt. Nou ja, beperkt. De hoofdtentoonstelling Sense of Space omvat ruim driehonderd foto's van 34 fotografen. Zij geven hun visie op onze beleving van ruimte, variërend van serene natuurlandschappen en dromerige zeegezichten tot uniforme bedrijfsterreinen en kille kantoorruimtes. De series zijn gekozen door curator Wim Melis, die morgen bij de opening slechts een enkele exposerende fotograaf zal treffen. Geld voor vliegtickets is er namelijk niet.

Noorderlicht verkeert in financiële problemen. De Groningse manifestatie, in 1990 voortgekomen uit de USVA Noorderlicht Fotogalerie, beleeft dit jaar de achtste editie. Naast de hoofdtentoonstelling zijn er op vele locaties elders in en buiten de stad kleinere exposities. In totaal gaat het om 78 locaties, met werk van ruim tweehonderd fotografen. Sinds vorig jaar wordt het festival jaarlijks gehouden in plaats van tweejaarlijks, afwisselend in Groningen en Leeuwarden.

Met de thematische benadering en de eigenzinnige keuze voor nog onbekende fotografen uit binnen- en buitenland heeft Noorderlicht een prominente plaats verworven in het Nederlandse fotocircuit. Zeer succesvol was het thema van vorig jaar: Africa Inside, Afrika gezien door Afrikaanse fotografen. De waardering voor Noorderlicht werd vorig jaar bevestigd door opname in de Cultuurnota 2001-2004, waardoor de manifestatie de komende vier jaar verzekerd is van rijkssubsidie. Paradoxaal genoeg was dat eerder het begin dan het einde van de financiële problemen.

Ton Broekhuis, directeur van Noorderlicht, werd van alle kanten gefeliciteerd met de `rijksgoedkeuring', zoals hij het zelf noemt. Jammer was alleen dat de Raad voor Cultuur, ondanks een zeer positief advies, adviseerde om het festival met 250.000 gulden in plaats van de aangevraagde 435.000 te subsidiëren. Dankzij een petitie van bijna alle noordelijke kunstinstellingen, waarin werd voorgerekend dat slechts 3,7% van het totale kunstbudget in de drie noordelijke provincies werd besteed, en een intensieve lobby bij Tweede Kamerleden wist Broekhuis in tweede instantie het aangevraagde bedrag binnen te halen.

Met de overheden van Groningen, Friesland en Drenthe was vooraf afgesproken – ,,nee, niet op papier, dat had ik wel moeten doen'' – dat de rijksbijdrage door hen zou worden gematcht, dat wil zeggen met een gelijk bedrag aangevuld. Broekhuis: ,,Maar toen het rijk alsnog 435.000 gulden gaf, bleek het begrip matchen voor het noorden opeens een andere betekenis te hebben.'' Van een gelijke bijdrage kon geen sprake zijn, en lange tijd bleef onduidelijk hoeveel subsidie Noorderlicht mag verwachten. Bijkomend probleem is dat fondsen geen steun meer willen verlenen, omdat extra activiteiten al door de rijkssubsidie worden gedekt. Voor de manifestatie zelf is nu vier ton beschikbaar. ,,Een aantal dingen hebben we moeten schrappen. lezingen, workshops. We willen ons onderscheiden met mooie publicaties, maar daar is binnenkort geen geld meer voor.''

Broekhuis verwijt de gemeente Groningen wel veel geld te steken in Blue Moon, een door de gemeente geïnitieerde manifestatie die een te ontwikkelen gebied buiten het stadscentrum meer bekendheid moet geven. Het totale budget van Blue Moon, een mengsel van architectuur en cultuur dat gelijktijdig met Noorderlicht plaatsvindt, is 7,7 miljoen gulden. De stad Groningen betaalt 4,2 miljoen, de rest wordt opgebracht door sponsors.. Broekhuis: ,,Als al het beschikbare geld naar incidentele dingen als Blue Moon gaat, kun je een structureel kunstklimaat in het noorden wel vergeten. De echte bijdragen komen van instellingen als Noorderlicht, Noorderzon, Noorderslag en het Grand Theater.''

Wicher Pattje, cultuurwethouder van Groningen (PvdA): ,,Broekhuis heeft een beetje gelijk, het noorden is de toezegging niet volledig nagekomen, we dragen nu 330.000 gulden, 270.000 volgens de berekening van Broekhuis, bij aan Noorderlicht. Ik kan me zijn vertwijfeling wel voorstellen. Hun huisvesting is inderdaad tranentrekkend, allerbelabberst. Ze kiezen er voor om al het geld in de tentoonstelling te steken, dat is een legitieme keuze, maar je kunt het ook anders doen. Broekhuis kijkt verlekkerd naar de miljoenen van Blue Moon, maar dat is volstrekt eenmalig geld dat anders nooit een culturele bestemming had gekregen. Bovendien denk ik dat Blue Moon Noorderlicht veel extra bezoekers bezorgt.''

In de programmakrant van Noorderlicht schrijft Jacques Wallage, burgemeester van Groningen, waarom Noorderlicht arm moet blijven. ,,Eerder zou ik willen dat de `Sturm und Drang' van de mensen achter Noorderlicht zich een beetje losbeukt op bestaande en toekomstige instituties, in plaats van zelf weer een instituut te worden.''

Een lichte vorm van institutionalisering is volgens Broekhuis de enige manier waarop Noorderlicht verder kan. ,,Niet omdat we groter willen worden, de huidige omvang is mooi. Maar we zijn op het punt beland dat we moeten omschakelen van een groepje enthousiastelingen naar een professionele club met betaalde krachten. Dat is heel gezond en heel noodzakelijk, maar het geld voor die omslag ontbreekt. Wat Noorderlicht overkomt is exemplarisch voor succesvolle initiatieven uit de regio: ze worden erkend door het rijk, maar de regio schrikt ervoor terug om mee te groeien.''

Fotomanifestatie Noorderlicht 2001, t/m 30 september in Groningen. Inl. 050-3182227 of www.noorderlicht.com