Vijfjarige koe met BSE in Overijssel

Bij een vijfjarige koe uit Ambt Delden, Overijssel, is BSE aangetroffen. Het is het twintigste geval van de gekkekoeienziekte in Nederland, het zestiende in Oost-Nederland en de vierde keer dat de ziekte is aangetroffen bij een koe die is geboren in 1996.

Algemeen wordt aangenomen dat BSE wordt veroorzaakt door diermeel, gemalen slachtafval. In 1994 werd in Nederland de verwerking van diermeel in rundervoer verboden. De gewestelijke landbouworganisatie GLTO dringt al enige tijd aan op een onafhankelijk onderzoek naar het verband tussen BSE en het veevoer.

Volgens GLTO is er ook na 1996 nog diermeel in veevoer voor runderen terechtgekomen. ,,Dit jongste BSE-geval toont de noodzaak van zo'n onderzoek overduidelijk aan'', aldus voorzitter J. Laarman van de vakgroep melkveehouderij.

Het diermeel is mogelijk via kruisbestuiving in het rundervoer terechtgekomen. Diermeel mocht tot vorig jaar nog wel verwerkt worden in varkens- en pluimveevoer. Het verschillende voer werd waarschijnlijk via dezelfde productielijnen en vrachtwagens vervoerd, wat pas in 1999 strikt verboden werd. GLTO wil dat het onderzoek wordt uitgevoerd door KPMG en wordt betaald door het Productschap voor vee en vlees. Ook ID-Lelystad gaat mogelijk in opdracht van het ministerie van Landbouw een onderzoek instellen naar de verspreiding van BSE.

De jongste BSE-besmetting kwam aan het licht bij een test in het slachthuis. Deze is sinds begin dit jaar verplicht bij de slacht van dieren van dertig maanden en ouder. Het bedrijf met honderd runderen is vandaag geruimd.