Weg moet honger verlichten in noorden van Afghanistan

Tel natuurrampen en door mensen veroorzaakte rampen bij elkaar op en je hebt Noord-Afghanistan, het deel van het land dat nog niet onder controle is van de Talibaan. Daar heerst hongersnood door extreme droogte. Hulpverlening is vrijwel onmogelijk door oplaaiende gevechten tussen de Talibaan en de resten van het Afghaanse verzet.

Het district rond Shar-I-Buzurgh in het bergachtige noordoosten van het land werd in 1998 getroffen door een zware aardbeving. Sindsdien kampt het met jaarlijkse terugkerende misoogsten. Het bergachtige gebied is alleen te voet of te paard te bereiken. De enige toegang tot de streek wordt nu geblokkeerd door oplaaiende gevechten tussen de Talibaan en restanten van het verzet. Dat verzet heeft zich verenigd in de zogeheten `Noordelijke Alliantie', waarvan generaal Massood deel uitmaakt.

Veel mannen en jongens zijn uit het gebied rond Shar-I-Buzurgh weggetrokken op zoek naar werk en voedsel. Het is hun taak om voedsel voor de familie te verschaffen. Als ze de streek willen verlaten, moeten ze door de Talibaan-linies. Levensgevaarlijk, maar steeds meer mannen ondernemen de tocht toch; de hongerdood is vaak het enige alternatief.

Een aantal jongens, veelal oorlogswezen, werkt nu aan de aanleg van een weg, die het gebied voor autoverkeer moet ontsluiten. Dan kan noodhulp het gebied makkelijker bereiken, en de jongens hebben weer middelen van bestaan. Ze zijn vaak ernstig verzwakt door honger. Toch zijn zij nog relatief goed af. De vrouwen en kinderen die achterbleven zijn ziek en verzwakt, en er is een vrijwel totaal gebrek aan voedsel en medische zorg. In mei van dit jaar was al dertig procent van de kinderen in het gebied ondervoed. De meesten hebben hun vee allang verkocht of geslacht. Ze voeden zich het laatste halfjaar met niet meer dan wilde gewassen, maar zelfs daaraan ontstaat nu een gebrek. Ouderen sparen zich het voedsel uit de mond voor hun kinderen. De Britse organisatie Oxfam verdeelt graan in de plaats Quchi. Om Quchi te bereiken, moeten velen een reis van drie dagen door de bergen maken.

In het gebied rond Shar-I-Buzurgh spreekt men nu de laatste voedselvoorraden aan: het zaaigoed voor het volgend jaar. Zonder voedselhulp zullen velen de komende winter niet overleven.