Guacamole revisited

De Mexicaanse windhoos in onze keukens is voorbij en heeft ons achtergelaten met een herinnering aan maïschips, taco's, tortilla's, blikjes met rode of bruine bonen, ingelegde jalapeno pepers en salsa's in potjes. Er waren tijdens die Mexicaanse hausse zelfs delicatessenwinkels die `verse' guacamole in gesealde plastic bakjes verkochten; maar de heerlijk frisse smaak die deze dipsaus behoort te hebben was ver te zoeken.

De enorme sortering verse en gedroogde chilipepers die Mexicaans eten zijn glans verleent, de tomatillos, het speciale maïsmeel voor tortillas, de tortillapers (waartussen deegballetjes tot tortilla's werden geperst) en de comal (ijzeren plaat om tortillas op te garen) hebben het nooit echt gehaald in Nederland. Door het vele reizen is de glans die onbekend eten uit verre landen ooit bezat nu verbleekt. Mexicaans eten is niet meer bon ton en delicatessenwinkels hebben het Mexicaanse assortiment vrijwel geheel uit het schap gehaald.

Indien guacamole door Italianen zou zijn bedacht, dan zouden wij wekelijks guacamole maken als dip bij de borrel. Ik doe het graag, want het is vers, in een wip gemaakt en vooral 's zomers heel erg lekker. Ik zou bijna zeggen, smeer eens guacamole op de crostini.

Halveer avocado's, wip de pit eruit (bewaar er een voor later), haal het vruchtvlees uit de schil en prak het fijn. Wrijf de knoflook samen met 1/2 theelepel zeezout en chilipepers in een vijzel tot een pasta. Voeg de avocado toe samen met sjalot en koriander. Proef op zout en voeg naar wens limoensap toe. Serveer in een glazen schaaltje en leg de avocadopit middenop. Dit verhindert dat de guacamole verkleurt voor wie geen limoensap gebruikt. Geef er gewone maïschips bij. Wie wuft wil zijn serveert guacamole-cocktail in ijscoupes, bestrooid met garnaaltjes en vergezeld door driehoekjes geroosterd wittebrood.