Advies van TNO: verbrand dierresten

Het verbranden van dierlijke resten door slachterijen kan op termijn een oplossing zijn voor de groeiende berg diermeel. Dit stelt TNO in een studie naar alternatieven voor de huidige wijze van verwerking van dierlijke resten.

Het verwerken tot veevoer is niet meer toegestaan wegens het risico op verspreiding van BSE. De TNO-studie, die is uitgevoerd in opdracht van de Produktschappen Vee, Vlees en Eieren (PVE), noemt het verbranden van diermeel en diervetten de meest voor de hand liggende oplossing. Daarmee zou 1 procent van de Nederlandse energiebehoefte gedekt kunnen worden. Op beperkte schaal verbranden kolengestookte energiecentrales en afvalverbrandingsinstallaties nu al diermeel.

Het TNO stelt nu voor het zogenaamde laag risicomateriaal (LRM), dierlijke resten die vrij zijn van BSE, te verbranden bij nieuw te bouwen verbrandingsinstallaties bij de slachterijen. Slachterijen kunnen hierdoor grote besparingen behalen op verwerkingskosten. Tot voor kort konden slachterijen hun LRM vrijwel zonder kosten afvoeren, maar sinds 1 april mag het verwerkingsbedrijf Rendac voor de afvoer van LRM tussen de 175 en 270 gulden per ton in rekening brengen. Die kosten kunnen zakken tot ongeveer 35 gulden per ton. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat de opgewekte energie als groene stroom verkocht kan worden.

Een voordeel van decentrale verbranding bij de slachthuizen is dat diermeel niet meer door het hele land getransporteerd hoeft te worden. Volgens TNO is het ook niet meer nodig om dierlijke resten te verwerken tot diermeel voordat het in de verbrandingsoven gaat. Met nieuwe ontwateringstechhnieken is de grondstof van diermeel, de zogeheten dierslurrie, efficiënt geschikt te maken voor verbranding.

Of het daadwerkelijk komt tot decentrale verbranding van dierlijke resten door slachthuizen hangt onder meer af van de vraag wie de investeringen voor de verbrandingsinstallaties zal moeten betalen. Het ministerie van Landbouw heeft eerder 50 miljoen gulden gereserveerd voor onderzoek naar alternatieve verwerking van dierlijke resten.