Militaire acties op de Balkan

De missie van de NAVO in Macedonië, waartoe de NAVO-ministers vanmiddag besloten, betreft de negende grote militaire actie van het Westen op de Balkan in de afgelopen tien jaar. Een overzicht.

De militaire interventies van het Westen op de Balkan begonnen in Kroatië, dat zich in 1991 tegelijk met Slovenië losmaakte uit de Socialistische Federatieve Republiek Joegoslavië.

3 januari 1992. De Verenigde Naties sturen, na een wapenstilstand tussen de Kroatische regering en Kroatisch-Servische rebellen (en het Joegoslavische Volksleger), 14.000 soldaten naar Kroatië. (UNPROFOR, United Nations Protection Force).

Juli 1992. Oorlogsschepen van NAVO-landen controleren in de Adriatische Zee of VN-sancties tegen de Joegoslavische deelrepublieken Servië en Montenegro (het nieuwe Joegoslavië) worden nageleefd.

April 1993. De NAVO voert boven Bosnië, dat in 1992 zijn onafhankelijkheid had uitgeroepen en waar prompt een oorlog uitbrak, patrouillevluchten uit om het door de VN ingestelde vliegverbod boven Bosnië af te dwingen.

Februari 1994. Gevechtsvliegtuigen van de Verenigde Staten halen boven Bosnië vier toestellen van de Joegoslavische luchtmacht neer die het VN-vliegverbod boven hebben geschonden. Het is de eerste keer sinds de oprichting van de NAVO in 1949 dat de alliantie verwikkeld raakt bij gevechten.

19 december 1995. Onder auspiciën van de NAVO gaan 60.000 soldaten uit de Verenigde Staten, Frankrijk, Groot-Brittannië en twintig andere landen naar Bosnië om mede uitvoering te geven aan het vredesakkoord van Dayton, dat een eind aan de oorlog in Bosnië maakt. (IFOR, Implementation Force).

20 december 1996. De IFOR-macht in Bosnië maakt plaats voor 20.000 soldaten van de door de NAVO geleide SFOR-troepenmacht (Stabilisation Force).

24 maart 1999. Na escalatie van het conflict tussen Serviërs en Albanezen in de Servische provincie Kosovo begint de NAVO met bombardementen op Servische doelen: operatie Allied Force.

10 juni 1999. De Servische politie en het Joegoslavische leger (en Servische paramilitairen) trekken zich na een in Kumanovo (Macedonië) gesloten akkoord met de NAVO terug uit Kosovo. De NAVO stopt met bombardementen op doelen in Joegoslavië. De VN nemen het bestuur over Kosovo in handen. De door de NAVO geleide troepenmacht KFOR (Kosovo Force) van 36.000 militairen trekt Kosovo binnen om te helpen bij de opbouw van het VN-bestuur.

22 augustus 2001. De NAVO-ambassadeurs besluiten in Brussel 3.500 soldaten naar Macedonië te sturen bij wie de Albanese rebellen van het UÇK hun wapens in kunnen leveren, zoals voorzien in het vredesakkoord van Ohrid dat begin augustus werd bereikt tussen de belangrijkste partijen van de Macedoniërs en de Albanese minderheid in Macedonië.