Hockeysters verrassen met dartel spel

Onbevangen en verrast door de eigen kracht dartelen de Nederlandse hockeysters door het toernooi om de Champions Trophy. Na Spanje (2-1) en Argentinië (2-1) ging gisteren Nieuw Zeeland met 6-0 over de knie bij het elftal dat dankzij het verlies van Australië tegen Argentinië na drie speelronden alleen aan de leiding gaat op het zeslandentoernooi in Amstelveen.

Niettemin weigert bondscoach Marc Lammers om, zoals zijn voorganger Tom van 't Hek vaak verkondigde, `de vlag uit te hangen'. Daar is voorlopig ook geen reden toe. Al gaf het, zeker in de eerste 35 minuten, bij vlagen sprankelende combinatiespel andermaal aanleiding voor de veronderstelling dat de nationale selectie een gedaanteverwisseling heeft ondergaan: van een ingedut en overmoedig ploegje (Olympische Spelen van vorig jaar in Sydney) naar een energieke formatie die meer spelsystemen kan hanteren en werklust koppelt aan jeugdig elan.

Lammers telt zijn zegeningen, maar beseft dat hij pas vanavond, wanneer wereld- en olympisch kampioen Australië het pad van de Europees kampioen kruist, een beter beeld krijgt van de ware kracht van zijn ploeg. ,,Drie overwinningen uit evenzovele wedstrijden zeggen mij niets, om de simpele redenen dat Australië en Argentinië tot dusverre ook winnen'', luidde gisteren de nuchtere analyse van de 32-jarige Brabander. ,,Daarom weten we in feite nog steeds niet waar we staan.''

Toch realiseerde de gerenoveerde selectie van Lammers gisteren een mijlpaal. De afgetekende zege op Nieuw Zeeland betekende – Europese kampioenschappen met veredelde hockeytoeristen uit landen als Zweden en Litouwen niet meegerekend – immers de grootste overwinning in twintig jaar bij een groot internationaal toernooi. Het had zelfs weinig gescheeld of de 7-0 tegen België, in de openingswedstrijd van het wereldkampioenschap van 1981 in Buenos Aires, was overtroffen.

Al te zwaar wenste Lammers het zijn jeugdige formatie (gemiddelde leeftijd 24,3 jaar) niet aan te rekenen. Maar na enig aandringen ontkwam de vijfvoudig international niet aan de conclusie dat ,,de score vandaag best wat hoger had mogen uitvallen, gelet op het aantal kansen dat we afdwongen''. Zover kwam het niet en Lammers troostte zich na afloop met de gedachte dat het rendement van de strafcorner, zeker voor vrouwenbegrippen, nog altijd ongeëvenaard hoog ligt met bijna dertig procent.

Met dat wapen brak Nederland, net als twee dagen eerder tegen Argentinië, gisteren de ban tegen de nummer zes van de Olympische Spelen in Sydney. Ageeth Boomgaardt, een van de steunpilaren in de opvallend hecht georganiseerde defensie, pushte in de dertiende minuut raak vanaf de rand van de cirkel.

Het bleek de inleiding tot een stormloop op het doel van keepster Anne-Marie Irving, die op slag van rust de lachers op haar hand kreeg door een backhandschot van spits Fatima Moreira de Melo tussen haar benen door te laten glippen.

Na rust luwde de aanvalslust van Nederland tegen de ploeg die vorig najaar bij het olympisch toernooi nog met de grootst mogelijke moeite werd bedwongen (4-3). ,,Een gebrek aan concentratie'', mopperde de `perfectionist' Lammers, die in zijn slotbeschouwing nog één minpunt signaleerde. ,,In de eerste helft was de opbouw van achteruit af en toe te rommelig. Ze moeten leren om iets meer geduld te hebben.''

Het gebrek aan rust en kalmte vertaalde zich in een aantal onbezonnen acties, die koren op de molen waren van de Nieuw-Zeelandse bondscoach Jan Borren. Die had zich in de aanloop reeds groen en geel geërgerd aan het fysieke spel van het thuisland. ,,Een schande'', noemde Borren, een zoon van Nederlandse emigranten, het dat een land als Nederland (,,Een land met zoveel technische kwaliteiten in huis'') zich te buiten ging aan ruw spel.

Geconfronteerd met die woorden beet Lammers gisteren venijnig van zich af. ,,Als er twee landen zijn die fysiek hockey spelen, dan zijn het Nieuw Zeeland en Australië wel. Dus waar heeft Borren het over? Misschien is hij jaloers op onze speelstijl.''

Daar leek het inderdaad verdacht veel op. In plaats van de tegenstander verbaal onder vuur te nemen, zou de oud-international er verstandig aan doen zijn ploeg te onderwerpen aan een spoedcursus techniek en tactiek. Want veel verder dan wat doelloos gedraaf en gehol kwamen de meisjes in de gestroomlijnde zwarte pakjes – in eigen land gezegend met de bijnaam The Black Sticks – niet in het zo goed als uitverkochte Wagener-stadion in Amstelveen.

Fysieke kracht is, meer dan in het mannenhockey, van groot, om niet te zeggen van doorslaggevend belang in het hedendaagse vrouwenhockey. Uitgerekend op dat onderdeel schoot Nederland de laatste jaren meer dan eens te kort, tot ergernis van oud-bondscoach Van 't Hek. Met het opvoeren van de trainingsintensiteit lijkt zijn opvolger dat euvel te hebben verholpen.