Het grote verdriet van anderen

Een jongen van een jaar of veertien gaat dood bij een ongeluk en zijn vader, moeder en zusje rouwen. Dat is het onderwerp van La Stanza del Figlio. De meeste films gaan over meer. Een planeet waar apen over mensen heersen bijvoorbeeld, of racisme in de Amerikaanse media. Af en toe gaat het over minder, met als absolute minimum Andy Warhols zes uur durende film over een slapende man, Sleep.

La Stanza del Figlio, een film van de Italiaanse regisseur Nanni Moretti, die vooral bekend werd met de autobiografische films Caro Diaro en Aprile, won in mei op het filmfestival van Cannes de Gouden Palm. De jury onder leiding van de Zweedse actrice Liv Ullman had al voor de uitreiking bekend gemaakt dat ze met het hart zou kiezen, wellicht om zo het niet bekronen van Michael Hanekes La pianiste te rechtvaardigen. La Stanza del Figlio is een film die om tranen vraagt, zodat het hart inderdaad niet onberoerd blijft. De film is al een `tearjerker voor denkende mensen' genoemd. Maar het bijzondere van de film heeft misschien meer met kilte te maken. La Stanza del Figlio is zo kaal, zo onomfloerst, dat de kijker zich weer een voyeur voelt, iets dat bij de meeste tearjerkers wordt verdoezeld. Waarom moet ik hier naar kijken? Wat heb ik met het verdriet van die mensen te maken?

Moretti geeft ook een deel van het antwoord. Stanza betekent in het Italiaans niet alleen kamer, maar ook strofe van een gedicht. Via de omweg van de kunst kun je wel om het verdriet van anderen huilen. Meestal gebeurt dat door je te identificeren met de hoofdpersonen. Moretti doet dat beseffen door daar juist niet uitbundig voor te kiezen. De jongen die dood gaat is bijvoorbeeld nogal een vlak personage. Zijn dood raakt je niet zo hard als je op basis van andere films verwacht. Ik voelde me zelfs een beetje schuldig voor mijn onverschilligheid.

Moretti's film zit vol met zulke geniepige, onverwachte manipulaties. La Stanza del Figlio is daardoor een film over filmemoties zoals Funny Games, een eerdere film van Michael Haneke, een film over filmgeweld was, zij het dat Moretti subtieler te werk gaat. Stanza begint bijvoorbeeld nogal saai met een lichte schets van het gewone leven van een vermogend gezin in een mooi Italiaans stadje, dat samen lasagne eet en diverse sporen beoefent. Het is een opluchting als Moretti dan opeens een snelle montage van mogelijke ongelukken laat zien. Moeder wordt bijna beroofd, vader krijgt bijna een auto-ongeluk, dochter word bijna van haar scooter gereden. Het echte ongeluk, dat van de zoon op zee, wordt daarentegen helemaal niet in beeld gebracht.

Moretti heeft zijn film streng geconstrueerd. Het gezin is in het begin zo voorbeeldig om de dood van de zoon zo hard mogelijk te laten aankomen. De vader (gespeeld door Moretti zelf) is psychiater en het lijkt alsof Moretti de gesprekken met zijn fobische patiënten ook vooral voor het contrast heeft ingevoegd. Moretti schiet hier wel een beetje door. Het is alsof bij mensen die iets minder rijk of perfect zijn het verlies van een kind minder hard zou aankomen. Maar misschien bedoelt Moretti het wel cynischer en vindt hij dat het leven van de gegoede middenklasse door niets anders meer verstoord kan worden dan ziekte of voortijdige dood. Het is het enige dat nog aan regulering ontsnapt. Zo gezien zou La Stanza del Figlio niet de eerste apolitieke film van Moretti zijn.

Een van de meest lyrische scènes in de film is die waarin de vader na de dood van zijn zoon naar een kermis kijkt. Hij ziet de lichtjes, het draaien, het zwieren. Daar kan hij misschien weer vervoering vinden, of meer nog de vergetelheid die zulke vervoering brengt. Het is alsof hij naar een bioscoop kijkt, een bioscoop waarin La Stanza del Figlio nooit zou draaien. Loutering biedt Moretti niet. Zelfs de vaststelling dat het jou nog niet overkomen is, biedt geen opluchting.

La Stanza del Figlio (De kamer van de zoon). Regie: Nanni Moretti. Met: Nanni Moretti, Laura Morante, Jasmine Trinca, Giuseppe Sanfelice, Silvio Orlando. In: 17 theaters.