Sissi's onvoltooide oeuvre

In de film Ludwig van Visconti gaat de Oostenrijkse keizerin Sissi op bezoek bij haar neef koning Ludwig II van Beieren. De korte scène is na de koningsdrama's van Shakespeare een van de opmerkelijkste verbeeldingen van de tragiek van het koningschap. Sissi dwaalt door een leeg paleis. Het is het slot Herrenchiemsee, nog in aanbouw op een eiland in de Chiemsee, en een kopie van het paleis van Versailles. Sissi komt op de bovenverdieping in Ludwigs eigen Spiegelzaal, met zijn lengte van 98 meter groter dan het origineel dat de door Ludwig vereerde Lodewijk XIV liet bouwen.

Sissi is eerst perplex, dan barst ze uit in schaterlachen over deze onbetaalbare extravagantie, over de achttienhonderd kaarsen in 44 staande kandelabers en 33 kroonluchters, over de nutteloosheid en de eenzaamheid van Ludwigs bestaan, over zijn karikaturale vlucht in het theater van het koningschap, over zijn pathetische hunkering om niet alleen te lijken op zijn Franse naamgenoot, maar hem ook in luisterrijke grandeur te overtreffen.

Sissi werd in Ludwig (1972) gespeeld door Romy Schneider, de archetypische Sissi uit de drie Sissi-films uit de jaren '50 die de Belgische tv deze week uitzendt. De Sissi in de film Ludwig heeft in feite afscheid genomen van royalty, ook al kan ze zich er als keizerin van Oostenrijk niet helemaal van losmaken. Ze is al jaren op de vlucht voor het benauwde officiële hofleven in Wenen en haar steeds slechter geworden huwelijk met keizer Franz Josef. Als Sissi niet verblijft in haar Griekse paleis op Korfu, reist ze obsessief door Europa om maar niet in Wenen te hoeven zijn voor het acteren van de rol van keizerin.

De drie Sissi-films spelen eerder, in de beginjaren van haar huwelijk in 1854 met keizer Frans Josef. `Suikerzoet' en `kitsch' worden de Sissi-films altijd genoemd, maar ik begrijp dat niet. De ongecompliceerde scènes met zorgeloos familiegeluk zijn uitsluitend verbonden met Sissi's vrolijke jeugd. Ze staan in schril contrast met alle ellende die volgt en die van Sissi een voorgangster van prinses Diana maakt. De keizer vraagt haar in het openbaar ten huwelijk en stelt haar voor een fait accompli, terwijl haar oudere zus was voorbestemd om met hem te trouwen. De kille schoonmoeder aan het Weense hof vindt de belangen van dynastie en protocol belangrijker dan persoonlijk geluk, en neemt haar de opvoeding van haar eerste kind af. Ze raakt verzeild in de politieke problemen met Hongarije en Italië, waarin ze op charmante wijze de rol van vredestichter probeert te spelen.

Natuurlijk is de filmstijl gedateerd. Maar hinderlijker voor eenniet-Oostenrijks publiek is het gebrek aan historische uitleg over de wereldpolitiek waarin de Habsburgers hun rol speelden. Er zijn ook historische onjuistheden. Het toezingen van het keizerspaar in de Scala van Milaan met het opstandige Slavenkoor uit Verdi's Nabucco is – hoe treffend ook – een verzinsel. Als haar moeder de zieke Sissi op Madeira komt opzoeken, zegt ze te zijn gekomen met het jacht van koning Ludwig. Maar die was toen nog geen koning.

De trilogie beslaat helaas slechts een jaar of zes: van 1854 tot 1861. Volgens mij hadden er nog vier delen moeten volgen voor een compleet beeld van Sissi's vrijwel mateloze tragiek. Deel 4 over haar eindeloze vluchtjaren en anorexia. Deel 5 over de nooit opgehelderde dood van haar zoon, die met zijn onconventionele opvattingen zoveel op haar leek. Kroonprins Rudolf pleegde na een ongelukkig huwelijk in 1889 zelfmoord op slot Mayerling, samen met zijn minnares, de 17-jarige barones Maria von Vetsera. Deel 6 had kunnen gaan over Sissi's dood in 1898 als gevolg van een politieke moord in Genève door de anarchist Lucheni.

Deel 7 had een epiloog moeten zijn met een vooruitblik op het einde van de monarchie in Oostenrijk: de moord in 1914 op de troonopvolger Franz Ferdinand – de aanleiding tot de Eerste Wereldoorlog, de dood in 1916 van keizer Franz Jozef, het uitroepen van de Oostenrijkse republiek in 1918.

Ook Sissi's neef Ludwig II kwam treurig aan zijn eind. Hij verdronk onder nooit opgehelderde omstandigheden in de Starnbergersee, wellicht in opdracht van de Beierse regering vermoord wegens de geldverspilling aan zijn paleizen en zijn koninklijk disfunctioneren.

Sissi (Ernst Marischka, Oostenrijk, 1955), VRT, woensdag, 13.50-15.35u.

Sissi: de jonge keizerin (E. Marischka, Oostenrijk/Duitsland, 1956), VRT, donderdag, 13.50-15.37u.

Sissi: de noodlotsjaren van een keizerin (E. Marischka, Oostenrijk/Duitsland, 1957), VRT, vrijdag, 13.50-15.38u.