Jokic ontkent schuld aan drama Srebrenica

De Bosnische Serviër Dragan Jokic, die zich vorige week vrijwillig meldde bij het Joegoslavië-tribunaal, ontkent schuldig te zijn aan misdaden tegen de menselijkheid en schending van het oorlogsrecht. Jokic werd vanmorgen voorgeleid bij het VN-tribunaal.

De verdachte, die gisteren 44 jaar is geworden, was een ondergeschikte van de Bosnische-Servische generaal Radislav Krstic die onlangs werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 46 jaar voor zijn aandeel in de genocide in Srebrenica. Jokic speelde, volgens de aanklacht, een ondergeschikte rol; hij is door openbaar aanklager Carla Del Ponte dan ook niet beschuldigd van genocide.

In juli 1995 werd Srebrenica, een moslimenclave in het oosten van Bosnië die door de Verenigde Naties was bestempeld als `veilig gebied' en die werd verdedigd door Nederlandse VN-militairen, veroverd door de Bosnische Serviërs. Zeven- tot achtduizend moslimmannen zijn daarna, volgens het VN-tribunaal, door de Bosnische Serviërs vermoord, nadat eerst de vrouwen en kinderen waren gedeporteerd.

Jokic was op dat moment commandant van de genie en het tribunaal houdt hem verantwoordelijk voor de planning en voorbereiding van de executies. Ook wordt hij door VN-hof aangeklaagd voor zijn aandeel in het herbegraven van de slachtoffers om zo bewijsmateriaal weg te werken. De Bosnische Serviërs waren hiermee begonnen nadat satelliet-foto's van de Amerikaanse en Britse inlichtingendienst de massagraven hadden vastgelegd.

Jokic was een beroepssoldaat, opgeleid aan de militaire academie. Hij sloot zich aan bij de Zvornik Brigade aan het begin van de oorlog in Bosnië in 1992. Op het moment van zijn recente vrijwillige overgave was hij luitenant-kolonel van het leger van de Bosnische Serviërs en gelegerd in Sokolac.