Nieuwe taak voor beleggers: help Vermeend, pak de baas

Wat de vakbeweging en de politiek niet lukte, mogen de aandeelhouders nu proberen. Beteugel de topsalarissen van de topmanagers.

Minister W. Vermeend (PvdA) van Sociale Zaken wist wat hij zocht en hij heeft het gevonden. De topmanagers van de grootste Nederlandse beursgenoteerde bedrijven zijn vorig jaar sneller vooruitgegaan dan hun collega's uit kleinere bedrijven en gewone werknemers.

De stijging van de inkomens van de top, inclusief winstbonussen, maar exclusief personeelsopties en pensioenregelingen, van ruim 130 ,,veelal zeer grote'' bedrijven liep uiteen van bijna 12 procent tot bijna 18 procent.

Dat was oud nieuws, want werkgeversorganisatie VNO-NCW had dat eerder ook zelf laten becijferen, door hetzelfde bureau dat Vermeend heeft ingeschakeld. De minister heeft als extra controle ook de Arbeidsinspectie ingezet. Het resultaat is een fraaie verfijning van de Haagse koopkrachtplaatjes.

Alles bij elkaar gaat het om zo'n 200 mensen, zeggen de onderzoekers van Vermeend. Deze mensen hebben, naast hoge salarissen, ook een hoge symbolische waarde: roergangers van het fameuze poldermodel. Hoe kunnen de werknemers akoord gaan met een verantwoorde loonontwikkeling als diverse leden van het dagelijks bestuur van VNO-NCW een veelvoud extra krijgen van wat in cao's wordt afgesproken? FNV-voorzitter L. de Waal schermt al maanden met een aparte belasting voor topinkomens. Dat hindert, nu de economie in zwaar weer zit, het sociaal-economisch overleg tussen werkgevers, werknemers en het kabinet.

Vermeend heeft zijn eigen onderzoek voortvarend gebruikt. Ongewenste maatschappelijke trends in cijfers vangen en toekomstige beheersbaarheid suggereren zijn een eerste stap naar het depolitiseren van de koopkrachtplaatjes van de topmanagers.

De deelnemers aan het poldermodel kunnen straks weer zaken doen nu iemand anders, en dan nog wel een slecht georganiseerde en amorfe groep, de ,,exhibionistische zelfverrijking'' moet beteugelen. De aandeelhouders.

Het kabinet ging vrijdag akkoord met wetgeving om aandeelhouders te laten beslissen over de bezoldiging van bestuurders en commissarissen. Verder scherpt het kabinet een eerder voorstel aan voor openheid over de beloning van individuele bestuurders. Bedrijven moeten de criteria voor de toekenning van bonussen en opties publiceren.

Aandeelhouders kunnen straks kiezen. Of zij laten, zoals het nu gaat, de commissarissen de beloningen van topmanagers vaststellen, en keuren dat jaarlijks goed. Of de aandeelhouders stellen de beloningen zelf vast, naar je mag aannemen op voorstel van de commissarissen. Zelf vaststellen is ronduit revolutionair en maakt Nederland, zeker op papier, een beleggersvriendelijke vestigingsplaats, die garant staat voor extra punten op internationale lijsten.

Maar de hamvraag is: zal het beleggers lukken de managers te beteugelen? De inzakkende economie zorgt dit jaar in elk geval voor optisch bedrog: minder winst, minder bonus.

De Verenigde Staten en Engeland, waar openheid over salarissen heerst en aandeelhouders meer zeggenschap hebben dan in Nederland, zijn voor Vermeend niet hoopgevend. De grote aandeelhouders in die landen hebben ook hun beleggingen in Nederland.

Nergens is de openheid zo groot als in de Verenigde Staten, nergens zijn de excessen zo zichtbaar. Al draait de discussie in de VS en Engeland meer om gouden handdrukken, eenmalige fusiebonussen en rap-rijk optieplannen.

Aandeelhouders hebben geen belang bij verantwoorde loonontwikkeling van topmanagers, als juist hun topman hen rijk kan maken.