Bush raakt verstrikt in stamceldebat

Wat een Salomonsoordeel van de Amerikaanse president George W. Bush over subsidiëring van stamcelonderzoek moest worden, wordt steeds meer een steen des aanstoots.

Diabetes, Alzheimer, Parkinson, aids, de lijst met te genezen ziektes dankzij stamcelonderzoek wordt langer en langer. De arts die iemand patiënt-eigen cellen geeft, heeft misschien de sleutel voor eeuwige gezondheid in handen. De dood wordt een bedrijfsongeval.

Dat is precies wat dr. Michael West voorspelt. Hij is onderzoeker en directeur van het biotechnologie-bedrijf Advanced Cell Technology in Worcester, Massachusetts. In een vraaggesprek met het blad Life Extension filosofeerde hij ruim twee jaar geleden al over de mogelijkheid nieuw hartweefsel te maken voor wie een infarct moet vrezen. Hij verwachtte dat het mogelijk zou worden de biologische klok in de mens terug te zetten.

Vorige week was West terug in Washington om te pleiten voor zijn onderzoek. President Bush had net in zijn eerste directe tv-toespraak tot de natie een compromis ontvouwd dat een Salomonsoordeel wilde geven in de kwestie die de gemoederen steeds meer verhit: mag de Amerikaanse overheid medisch onderzoek subsidiëren dat gebruik maakt van ongespecialiseerde `stam'-cellen die afkomstig zijn uit menselijke embryo's?

Dergelijk onderzoek vindt plaats binnen kleine, daarop gerichte commerciële laboratoria, zoals dat van ACT en Geron, uit Menlo Park, Californië, waar dr. West ook een fundamentele rol heeft gespeeld nadat hij het academische onderzoek vaarwel had gezegd. Ingewijden zijn het er over eens dat alleen op grote schaal gesubsidieerd academisch onderzoek binnen afzienbare termijn voor doorbraken kan zorgen. Vandaar het belang van Bush' beslissing.

Maanden had de president geblokt op het onderwerp. De entourage van George W. Bush liet geen kans voorbijgaan te vertellen dat de een na de andere deskundige was ontboden; alle gesprekken binnen het Witte Huis mondden vroeg of laat uit in een rondvraag over het stamcel-vraagstuk. Dit moest geen slepende `abortus'-twist worden. Hier was behoefte aan leiderschap. Dit lag anders, en het was politiek gevaarlijker.

Zodra de woorden `onderzoek' en `embryo' in Amerika vallen, schakelt de anti-abortus-lobby in de hoogste versnelling. Zelfs zonder dat het begrip `klonen' in het spel komt, maakt religieus rechts zich op voor de strijd. Maanden is het Witte Huis bestookt door de conservatieve columnisten en geldschieters die hem vorig jaar in het zadel hielpen.

Als het eenvoudig een kwestie tussen rechts en links was, dan had Bush geen maanden studie en massage van de publieke opinie nodig gehad. Maar juist zijn Republikeinse achterban was zwaar verdeeld. De breuklijn loopt vooral langs lijnen van persoonlijke betrokkenheid. Nancy Reagan, die al jaren leeft met de Alzheimer van Ronald Reagan, de vroegtijdig door de ziekte van Parkinson getroffen acteur Michael J. Fox, politici en Witte Huis-medewerkers met kanker en hartkwalen in de familie, allen bewerkten zij Bush om ruim baan te maken voor dit soort wetenschappelijk onderzoek.

Niemand hoefde Bush eraan te herinneren dat hij als jongen zijn zusje aan leukemie had verloren – ook zo'n ziekte waar misschien iets tegen te doen is als stamcelonderzoek ruim baan krijgt. De vraag leek dus vooral hoe Bush de tegenstanders, de paus van Rome en alle anderen die iedere bemoeienis met een embryo afwijzen, de lastige boodschap zou brengen. Het liep anders.

De toespraak uit de presidentiële boerderette in Crawford, Texas, was er een van een grote openhartigheid. Een `babyboomer-eerlijkheid', vol niet-zeker-weten, zoals professor Kenneth Cmiel, een kenner van presidentiële welsprekendheid het gisteren omschreef in The New York Times: ,,Bush trachtte te slagen door te worstelen''.

Uiteindelijk trok hij een grens bij de bestaande zestig stamcellijnen die zijn raadgevers hadden geïdentificeerd. Het creëren van nieuwe embryo's voor onderzoeksdoelen zou voortaan verboden zijn, klonen voor onderzoek (zoals ACT voorstaat) was al helemaal uit den boze. De meeste onderzoekers keken op van het getal zestig. Zij moesten nog maar eens zien waar die zich bevonden en of die tot in lengte van dagen genoeg bruikbaar materiaal zouden opleveren. De onderzoekers Varmus (van het Sloan-Kettering kanker instituut in New York) en Melton (Harvard) schreven in The Wall Street Journal dat 100 stamcellijnen waarschijnlijk nog onvoldoende is. Om afstoting te voorkomen moeten stamcellen aansluiten op de weefselkenmerken van de patiënt. Gezien de genetisch zeer diverse bevolking van de Verenigde Staten vraagt dat om veel toegesneden kuren.

Terwijl de tegenstanders van ieder stamcelonderzoek Bush beschuldigden van het breken van een verkiezingsbelofte, en hun hoop vestigden op het Congres, vlogen de Universiteit van Wisconsin, dat belangrijke octrooien in handen heeft, en de private onderzoekers van Geron elkaar afgelopen week in de haren over wie recht heeft op wat. Naarmate de universiteiten meer aan banden worden gelegd, neemt het belang van privé-onderzoek toe. Dat is nog niet verboden, al zou een Republikeinse meerderheid in het Huis van Afgevaardigden dat wel willen doen, maar de Democratische meerderheid in de Senaat laat dat waarschijnlijk niet toe.

De embryoloog Roger Pedersen van de universiteit van Californië in San Francisco zet dezer dagen zijn werk voort in het Engelse Cambridge omdat hij in de Verenigde Staten zijn vleugels niet meer kan uitslaan. De Britse wetgeving is ruimer dan wat men in Washington van zins is. Als de conservatieve vleugel zijn zin krijgt zou een Brits laboratorium wel eens een kankertherapie kunnen ontwikkelen die Amerika niet binnen mag.