Verdedigen doen ze maar lekker in het buitenland

Gisteren verrichtten FC Twente en RKC de aftrap in de eredivisie. Gebrek aan kwaliteit en een grotere amusementswaarde lijken hand in hand te gaan. Aanvallen is het parool.

Na een pauze van drie maanden rolt de bal weer over de Nederlandse velden. Met de aftrap van een nieuw voetbalseizoen zijn de rally's op Wimbledon en de Touretappes snel vergeten. Voetbal blijft de populairste sport. Een gemiddelde wedstrijd in de eredivisie trekt meer televisiekijkers dan een grote wielerronde of een belangrijk tennistoernooi. `Koning Voetbal' reageert in medialand.

De toeschouwersaantallen in de eredivisie zijn de afgelopen tien jaar verdubbeld. Het is weer fijn langs de lijn, blijkt uit de toenemende vraag naar seizoenkaarten. De meeste clubs hebben hun stadion verbouwd of vernieuwd. Hekken met prikkeldraad en stinkende urinoirs zijn er alleen nog in de Alkmaarderhout, maar ook deze ouderwetse omstandigheden behoren spoedig tot het verleden. AZ gaat verhuizen naar een weiland, waar het hele gezin zonder angst voor vandalisme de gang naar het stadion zal weten te vinden.

Voetbal is big business. Gemeenten en bedrijven steunen de bedrijfstak die in de jaren zeventig en tachtig nog als zieltogend te boek stond. De beste spelers vertrokken naar het buitenland. De grootste relschoppers mochten hun agressie botvieren. Hoewel deze ontwikkelingen geen halt zijn toegeroepen, is het aantal `blije' mensen op de tribunes toegenomen. Ze hebben meer geld te besteden en hoeven niet meer voor een half dagloon onder een lekkend dak te staan. En de hooligans gaan tegenwoordig vooral in de binnensteden met elkaar op de vuist. De almaar stijgende politiekosten kunnen de politiek niet vermurwen. Voetbal(vandalisme) is niet meer weg te denken uit de samenleving.

Sponsors staan in de rij om hun werknemers een sportieve zondagmiddag te bezorgen. Wie er wint, doet er minder toe. De borrelhap is even belangrijk als het scorebord. Alleen de harde supporterskern gaat nog door het lint bij een nederlaag van de favoriete club. De meeste toeschouwers beschouwen een voetbalduel als een gezellig samenzijn. Met als gevolg dat bijvoorbeeld in de Arena de luidruchtige voetbalambiance is veranderd in een schouwburgsfeer. De Amerikaanse honkbalcompetitie gaf dertig jaar geleden het goede (of slechte?) voorbeeld.

Met de presentatie van nieuwe spelers – het liefst per helicopter neerdalend op de middenstip – begint de hunkering naar de aftrap. De nieuwe thuis- en uittenues vinden gretig aftrek bij jong en oud. De clubs onderschatten het belang van merchandising niet langer. Kaartverkoop is niet de grootste bron van inkomsten. Business-seats, sponsorovereenkomsten en televisierechten genereren meer geld. Met als gevolg dat Feyenoord de Japanse speler Ono niet alleen om sportieve redenen heeft ingelijfd. Hij levert de club in commercieel opzicht veel winst op.

Voetballers worden aanbeden als popsterren en verdienen een vergelijkbaar honorarium. Met de groeiende populariteit zijn de salarissen in vijf jaar tijd verdrievoudigd, volgens een onderzoek van de Volkskrant. De gemiddelde beroepsspeler in de eredivisie verdient een half miljoen gulden. De helft van de begroting wordt besteed aan loonkosten. PSV, Ajax en Feyenoord hebben hun budget verhoogd tot ruim honderd miljoen gulden. Ze zijn bereid flink in de buidel te tasten om het kwaliteitsverschil met de Europese top niet nog groter te laten worden. Ze hopen nog altijd op de oprichting van een Europese competitie.

Mocht deze Euro League niet als een zeepbel uiteenspatten, dan worden de provinciale grootheden Vitesse, Roda JC, FC Twente en SC Heerenveen de nieuwe topclubs in de eredivisie. Het is de vraag of de supporters uit Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven dit een prettig vooruitzicht vinden. Zij gaan waarschijnlijk liever op bezoek bij de `Superboeren' in Doetinchem dan bij de `Superboeren' uit Auxerre. De supporters van PSV, Ajax en Feyenoord hebben alleen de pech dat de machthebbers in het voetbal niet naar hen luisteren. Die kiezen voor het grote geld dat in de kleine landen dun gezaaid is.

De eredivisie staat internationaal bekend als Micky Mouse-competitie, een opleidingsinstituut voor talentvolle jongeren en een toevluchtsoord voor tweederangs buitenlanders. Talentvolle buitenlanders zijn in de minderheid. Deze laatste groep is met behulp van `koelkastcontracten' of `wurgcontracten' op piepjonge leeftijd vastgelegd. Geen voetbalbestuurder die zich afvroeg of deze vorm van kinderhandel door de beugel kon. Tot de rechter ingreep en nu ook de politiek strengere eisen wil gaan stellen aan het opleiden van vooral Afrikaanse jeugdspelers.

Bij PSV zijn de Nederlandse voetballers in de meerderheid. Bij Ajax bevolken voornamelijk vreemdelingen de selectie. Bij Feyenoord kiest men voor een mix van beide groeperingen. De andere vijftien clubs proberen met minder middelen in het spoor van de `grote drie' te blijven. Een professioneel opleidings- en scoutingssysteem doet vaak wonderen.

PSV, Ajax en Feyenoord hebben hun begroting aanzienlijk verhoogd, in de hoop aansluiting te vinden bij de internationale middenmoot. Ajax heeft vooral aanvallers gekocht van wie de kwaliteiten nog onzichtbaar zijn. Feyenoord deed een goede zet met de aankoop van Van Hooijdonk. Daarmee hoopt de club het gebrek aan goalgetters op te vangen. PSV borduurt voort op het beproefde recept en lijkt beter ingespeeld dan de twee concurrenten. Van Nistelrooij werd vervangen door Vennegoor of Hesselink. Beide spelers zaten respectievelijk zitten veel op de tribune (Van Nistelrooij) of reservebank (Vennegoor). Het basiselftal van PSV is onveranderd sterk.

Niet toevallig kiest trainer Gerets voor een opstelling met twee aanvallers en vier middenvelders. Hij zweert niet bij buitenspelers, zoals zijn collega's Adriaanse (Ajax) en Van Marwijk (Feyenoord). PSV vertoont tenminste nog de kracht en de uitstraling van een Europese subtopper. Ajax blijft volharden in een spelsysteem dat door een buitenlandse tegenstander hardhandig wordt ontmaskerd.

Op nationaal niveau leidt de aanvallende speelstijl niet tot grote ongelukken. Op de Nederlandse velden wemelt het van doorschuivende libero's en aanvallende middenvelders die tot schuduwspitsen worden gepromoveerd. Het publiek vindt het prachtig. Veel fouten, maar ook veel doelpunten. Verdedigen doen ze maar in het buitenland. De meeste verdedigers beschouwen rugdekking als een overbodige bezigheid, waardoor de meeste aanvallers na één geslaagde passeerbeweging vrij voor de keeper staan.

Zelfs de kansloze nederlaag van Ajax in de voorronde van de Champions League tegen Celtic kon de pret niet drukken. Het chronische gebrek aan snelheid, het aandoenlijke gestuntel in de verdediging en het hopeloos verouderde aanvalsspel deden geen afbreuk aan de optimistische geluiden in de Nederlandse huiskamers. Dan maar geen Europa Cup.