Op z'n Russisch sterven in New York

Men neme een uitzonderlijke, licht excentrieke hoofdpersoon en plaatse die, liefst op een eveneens wat zonderlinge locatie, te midden van een bonte verzameling bijfiguren die met hem of haar een speciale relatie hebben of hadden. Dat is het recept van de romans van Ljoedmila Oelitskaja. Een werkwijze die grote voordelen heeft: de schrijver hoeft nauwelijks een plot te bedenken en heeft de mogelijkheid om een wijd scala aan persoonlijkheden ten tonele te voeren. In haar eerste boek, Medea en haar kinderen, waarmee ze ook buiten Rusland beroemd is geworden, werkte dat wonderwel.

In Een vrolijke begrafenis past ze hetzelfde stramien toe, maar op een geheel andere locatie en met geheel verschillende personages. In plaats van een dorp op de Krim, een oude vrouw van Griekse afkomst in de hoofdrol en een menigte gemiddelde sovjetburgers in de bijrollen, wier levensgeschiedenissen de hele geschiedenis van de Sovjet-Unie beslaan, krijgen we nu als plaats van handeling New York, zijn de personen Russische emigranten en is het milieu dat van kunstenaars en bohémiens.

Alik, een kunstschilder die ooit uit de Sovjet-Unie naar de Verenigde Staten is geëmigreerd en in New York zijn Russische bohèmeleven voortzet, van de hand in de tand leeft, wisselend succes in de kunst heeft, maar veel drank en vrouwen, lijdt aan een ongeneeslijke ziekte. Hij ligt op sterven in de snikhete New-Yorkse zomer en zijn huis is een zoete inval voor iedereen die hem heeft gekend, vooral talrijke ex-minnaressen en -echtgenoten.

Chaos

Oelitskaja is geen psychologisch maar vooral een `biografisch' schrijfster. Het gaat haar in de eerste plaats om de levensverhalen van haar talrijke personages, die allemaal worden verteld en die natuurlijk heel uiteenlopend zijn. Sommigen zijn gevlucht, anderen op min of meer legale wijze geëmigreerd, sommigen hebben succes gehad in de VS, anderen zijn mislukt, sommigen zijn artistiek, anderen burgerlijk, maar allemaal voelen ze zich thuis in de Russische chaos van Aliks woning, waar ze in de hitte zusterlijk bijna naakt rondlopen en bij toerbeurt de stervende verplegen.

Oelitskaja weet het milieu van Russische en Russisch-joodse immigranten heel aardig te typeren, met talrijke grappige scènes die echter net niet scherp genoeg worden neergezet en uitgewerkt om werkelijk op de lachspieren te werken. Wanneer Alik, die zijn hele leven naar volle tevredenheid atheïst is geweest, op een gegeven moment zowel een orthodoxe priester als een rabbijn wil laten komen, omdat je wat betreft het hiernamaals maar beter op safe kunt spelen, en de twee mannen Gods elkaar in zijn woning tegen het lijf lopen, dan zou dat de aanzet kunnen zijn voor een hilarische, satirische of godsdienstfilosofische passage, maar Oelitskaja laat ze samen een borrel drinken en dan weer vertrekken. Waarschijnlijk gaat het in werkelijkheid ook meestal zo, maar in een roman wordt het op den duur onbevredigend, zeker als er nog meer van dat soort aanzetten worden weggegeven. Daarom lijkt De vrolijke begrafenis af en toe meer op een blauwdruk van een boek, dan op een doorwrochte roman. Een soort tussendoortje met een paar leuke ideeën waar niet al te veel tijd en inspiratie in zijn geïnvesteerd.

Rare vragen

Oelitskaja beschrijft vaak wat ze van plan is te gaan doen, maar laat het daar dan bij. Als Alik met de rabbijn spreekt, staat er: `In dit badinerende gesprek speelde alles zich af onder de oppervlakte, beiden begrepen dat, en door elkaar rare vragen te stellen maakten beiden zich op voor het hoofdmoment in de omgang tussen mensen - de aanraking die een onuitwisbaar spoor achterlaat.' Er komt in de tekst echter verder helemaal geen badinerend gesprek voor en nauwelijks rare vragen, want een badinerend gesprek vol onderhuidse spanning tussen een rabbijn en een stervende kunstenaar bedenken is niet eenvoudig en ik krijg sterk de indruk dat Oelitskaja dat maar liever uit de weg is gegaan. En dit is niet enige plaats waar de schrijfster het zich wel erg gemakkelijk maakt.

Leesbaar, vlot, onderhoudend, een aardig portret van een aantal kleurrijke Russische emigranten, maar niets meer dan dat, moet de eindconclusie luiden en dat is toch een beetje weinig voor een schrijfster met de capaciteiten van Oelitskaja.

Ljoedmila Oelitskaja: Een vrolijke begrafenis. Uit het Russisch vertaald door Arie van der Ent.

De Geus, 155 blz. ƒ35,25