Haast VS met raketschild in voordeel Poetin

De nieuwe wereld van George W. Bush blijft nog even een vaag concept. Zoveel moest minister Rumsfeld dit weekeinde tijdens en na overleg met zijn Russische ambtgenoot Ivanov toegeven.

Maar één ding staat volgens hem vast: de Koude Oorlog is voorbij en de rekwisieten uit die tijd moeten worden stukgeslagen. De Amerikanen willen af van het zogeheten ABM-verdrag dat hun verbiedt een raketschild te bouwen tegen `schurkenstaten'. De Russen menen dat daarmee het hele stelsel van wapenbeheersingsakkoorden uit de jaren zeventig en tachtig op de helling gaat. Washington wekt de indruk daartegen eigenlijk geen bezwaar te hebben.

Rumsfelds bezoek was een uitvloeisel van een afspraak tussen de presidenten Bush en Poetin, gemaakt tijdens de G8 in Genua, voor overleg over de veranderende relaties op het gebied van de internationale veiligheid. Beide landen willen verdergaande reducties in hun strategische arsenalen dan het laatste verdrag (START II) voorziet.

De Russen stellen een plafond voor van 1.500 intercontinentale raketten elk, een nieuw uitgewerkt wapenbeheersingsverdrag met wederzijdse inspecties en gedetailleerde regelgeving. Rumsfeld meent dat zo een benadering uit het Koude Oorlog-denken stamt. Wederzijds vertrouwen moet de dagorder zijn zoals dat ook tussen Amerika en zijn bondgenoten en tussen die bondgenoten onderling het geval is. Geen specifieke verdragen dus, met de daaraan verbonden ingewikkelde en langdurige onderhandelingen, maar een gedeeld voornemen een eind te maken aan de bestaande nucleaire `overkill'.

Rumsfeld onderkent de problemen die de pragmatische benadering van de Amerikanen oproept. De Russen willen zekerheid en eisen inzicht in de Amerikaanse plannen, speciaal in omvang en aard van het raketschild. Maar de Amerikanen zeggen zelf nog niet te weten hoe een nieuw strategisch model er zal uitzien, zelfs niet wat technisch mogelijk is.

Moskou moet maar aanvaarden dat het niet tegen Rusland zal zijn gericht. ,,Ik zou absoluut niet verrast zijn'', verklaarde Rumsfeld tegenover meereizende journalisten, ,,als het Russische volk over tien jaar aanhanger van raketverdediging zou zijn geworden. Het oordeel van mensen hierover zal veranderen.'' Maar hij wil daarop niet wachten. De Amerikaanse regering heeft haast en wenst de experimenten met het raketschild te versnellen. Bovendien is zij van plan een begin te maken met de installatie van de bijbehorende radarsystemen.

Tot dusver ziet de regering-Poetin het ABM-verdrag als een rem op de Amerikaanse plannenmakerij. Paradoxalerwijs heeft dit verdrag voor Moskou een verlengde betekenis gekregen, juist door de Amerikaanse voornemens. Dat was ook het geval toen president Reagan in 1983 zijn idee over Star Wars introduceerde. Niet dat de Russen in de onmiddellijke haalbaarheid ervan geloofden, maar zij wisten uit ervaring dat als de Amerikanen zich op nieuwe technologie concentreren (de atoom- en waterstofbom, een man op de maan) zij Rusland op achterstand zetten. Een Amerikaans aanbod Rusland in het resultaat te laten delen, zoals gesuggereerd met het raketschild, versterkt slechts het gevoel achter te lopen. Rusland voelt er niets voor in de strategisch afhankelijke positie van Amerika's Europese bondgenoten te raken. Ook niet bij ontstentenis van een Koude Oorlog.

Een complicatie voor de regering-Bush is het toenemende verzet van de, nipte, Democratische meerderheid in de Senaat. Er is wellicht voldoende steun voor een raketschild, maar in toenemende mate verbinden vooraanstaande Democratische senatoren daaraan voorwaarden. De kosten en de haalbaarheid zijn omstreden, zoals dat ook al in de jaren tachtig het geval was. Maar politiek van groter belang is de eis dat de aanmaak van het schild niet de betrekkingen met Rusland mag torpederen. Anders gezegd, slechts als de Russen akkoord gaan met amendering of opheffing van het ABM-verdrag, kan het schild worden gebouwd. Zo dreigen buitenlandse en binnenlandse politiek verstrengeld te raken en dat plaatst de regering zonder meer in een moeilijke positie.

Nog andere factoren staan in de weg van een nieuw strategisch model. In een vroeger leven was Rumsfeld voorzitter van een commissie die daartoe een blauwdruk heeft voorgelegd. Daarin is behalve van een raketschild sprake van verdediging tegen agressors die het op Amerika's ruimtestations zouden hebben voorzien. Als minister gaat Rumsfeld al te specifieke vragen hierover uit de weg, maar alles bijeen is het voldoende om de argwaan onder buitenlandse en binnenlandse critici te versterken.

Moet de wereld een wapenrace in de ruimte tegemoet zien? Rumsfeld ontkent dit. Het gaat er `slechts' om degenen af te schrikken die Amerika's vitale verbindings- en waarnemingssystemen zouden willen treffen.

Verzet komt intussen ook uit een andere hoek. Het dollarreservoir van de regering is eindig, ook voor defensie. Bush heeft plannenmakers in het Pentagon de vrije hand gelaten om een heel nieuwe strategie uit te werken. Verdediging-op-afstand met (kruis)raketten geleid door ruimtesystemen is één van de meer revolutionaire ideeën. De financiering daarvan gaat ten koste van traditionele schema's, zoals het uitgangspunt dat Amerika in staat moet zijn twee conventionele oorlogen tegelijkertijd te voeren (denk aan Korea en de Golf).

Van dat concept zou afstand genomen moeten worden, maar de generaals en admiraals die er hun carrière aan hebben te danken, liggen dwars. Evenals de talrijke lokale belangen binnen de VS die afhankelijk zijn van militaire bases en installaties oude stijl en die zich in de volksvertegenwoordiging doen voelen.

Gezien de vraagtekens bij de projecten die Rumsfeld ter harte gaan, heeft Poetin tijd om zich te bezinnen op zijn definitieve reactie. `It takes two to tango' is een staand diplomatiek begrip. Vooralsnog bevinden Russen en Amerikanen zich weliswaar op dezelfde dansvloer, maar bewegen zij op verschillende ritmes, als zij al bewegen.

Steeds opnieuw laten zij elkaar en de wereld weten dat zij eens harmonie zullen bereiken, maar uiteindelijk blijken de standpunten even ver van elkaar verwijderd als tevoren. Rumsfeld heeft haast, Poetin niet. Dat klinkt in het voordeel van de laatste.

J.H. Sampiemon is commentator voor NRC Handelsblad.