Zwijnen in de Rijn

Is wandelen tijdrovend? Gerekend in kilometers per uur ongetwijfeld, een autoped gaat al harder. In kilobytes per uur is het lastiger aan te geven. Een uur wandelen levert soms meer informatie op dan evenlang lezen in een ochtendblad, en wie z'n route slim kiest, verslaat zelfs elke avondkrant. Op de Afsluitdijk kom je met een opgevoerde brommer en wind in de rug amper boven de honderd kilobyte per uur, maar tien cd's zijn nog niet genoeg om alle informatie op te slaan die ligt besloten in het Renkumse Beekdal waar je in een paar uur doorheen bent.

We beginnen waar het dal overgaat in de Rijnuiterwaarden, aan de Beukenlaan in Renkum, die on-Nederlands hoog boven het 500 meter brede dal loopt. De beek zelf is nauwelijks te zien, als een muis in een Mercedes. Het dal is dan ook geen bekenwerk: een jaar of 120.000 geleden, aan het eind van de Derde IJstijd, werd het uitgeslepen door kolkende smeltwaterstromen. De beek die het later overnam, was wel weer breed genoeg om de grachten te vullen van kasteel Grunsfoort dat tot eind 18de eeuw de dalbodem sierde. Passanten moeten het nu doen met een tekstbord en een bank met uitzicht op de lege plek.

Over een jaar of tien is het ontbreken van de burcht waarschijnlijk een pluspunt, want dit beekdal wordt een faunacorridor tussen Veluwe en Rijn. Edelherten en wilde zwijnen zijn gek op natte gebieden zoals die overal rond de Veluwe zijn te vinden, en een eeuw of anderhalf geleden stapten ze nog vrolijk langs de oevers van Rijn en IJssel. Het eten was er beter dan op de hei en ze konden af en toe een duik nemen. Tegenwoordig zijn ze veroordeeld tot het zanderige, droge binnenland van de Veluwe, opgesloten in een cordon van wegen, woningen en bungalowparken.

Op een paar plekken zijn de doorgangen tussen natte en droge natuur nog te herstellen, en het Renkumse Beekdal staat hoog op de lijst. Wie de beek noordwaarts volgt zou dat niet zeggen, want spoedig doemt dalbreed een industrieterrein op. Er is weinig kans dat een roedel herten of een eenzame das de weg weet te vinden langs de Sanitair en Tegelstudio, de loods van Gebr. Sijnja Metaalbewerking en Vredestein Sealing Systems. Vandaar dat het vijftien hectare metende `Bedrijventerrein Beukenlaan' voor 100 à 150 miljoen gulden gesloopt en elders herbouwd zal worden. In juni ging de gemeenteraad van Renkum akkoord; de rekening gaat naar rijk en provincie Gelderland, en naar de bedrijven in kwestie, want die moesten toch renoveren.

Wie de grijsgrauwe, deels roestende bedrijfspanden achter zich heeft, komt in een onwaarschijnlijk mooi stukje Nederland. Rechts rijst de oostflank van het dal vrij steil omhoog, vol varens en eeuwenoude eiken en beuken links liggen de beekbegeleidende graslanden extra aanlokkelijk te zijn sinds 1983, toen Staatsbosbeheer de pachtende boeren liet overgaan op agrarisch natuurbeheer. Hier en daar staat nog een rund of drie in een weitje, elders wuiven bloemenvelden en hoogopgaand riet. Soms loopt er een dwarspad door het dal en valt de waterloop zelf te inspecteren. Zo hoort een beek er dus uit te zien: kraakhelder, vrolijk kronkelend en omzoomd door schildereprijs, moerasrolklaver, bonkruid en andere wilde begroeiing. Als ik een hert was, ging ik geen stap verder, althans vandaag niet. Vaak staat de beek namelijk droog hoe hogerop hoe vaker door de massale grondwateronttrekkingen. Een van de daders is ENKA bij Ede met acht miljoen liter per dag. Een andere is Nederlands enige krantpapierfabriek Parenco in Renkum, die dagelijks veertien miljoen liter water uit de Veluwe zuigt. Volg de historie van Parenco stroomopwaarts in de tijd, en je komt via Van Gelder en Zonen (1907-1981) bij de watermolens die sinds de 17e eeuw door de Renkumse Beek werden aangedreven.

Het bezoekerscentrum De Beken van Staatsbosbeheer is helaas dicht, maar in feite is het hele dal één grote tentoonstelling. Weinig verder bosinwaarts liggen gerestaureerde grafheuvels uit de Bronstijd en akkercomplexen uit de IJzertijd. Ter hoogte van het privé-landgoed Quadenoord houden de weiden op waar de beek stroomopwaarts nog wat verder het bos in gaat. Na een trage U-turn gaat de wandeling via de westelijke dalwand weer Rijnwaarts. Langs het pad stroomt een gegraven waterloop, meters hoger dan de beek zelf, om meer verval te creëren voor een inmiddels verdwenen watermolen.

Een bord Verboden Toegang blokkeert de laatste kilometer naar de Rijn, ook al gaat de weg ongehinderd verder. Het standaardwerk Gelderland (1926) verduidelijkt: `In 1901 toonde Hare Majesteit de Koningin Moeder Hare hooge belangstelling in den strijd tegen de tuberculose door Haar landgoed `Oranje Nassau's Oord' te Renkum te bestemmen voor sanatorium'. Tbc werd dementie, maar het Oord staat er nog even monumentaal als een eeuw geleden. Wie er achter een raam zit en weinig te doen heeft, mag in de gaten houden wanneer het eerste hert de Rijn bereikt.