Vergezichten

Bij sommige mensen heb je het. Een gevoel dat zegt: `Dat vindt hij nou wel, maar waarom eigenlijk. Zou er niet iets achter zitten?' Politici zijn eraan gewend dat zij met (gezonde of ongezonde) achterdocht tegemoet worden getreden. Toen bijvoorbeeld minister Pronk zich enige tijd geleden uitsprak voor een hernieuwd lijsttrekkerschap van PvdA-voorman Kok, zullen er vast mensen geweest zijn die dachten: `wat zou daar achter zitten?' Vrij Nederland geeft het antwoord: ,,Het is waarschijnlijk geen toeval dat de meeste sociaal-democratische bewindslieden voor het aanblijven van Kok zijn, want in dat geval weten ze zich verzekerd van hun positie'', aldus het blad in een artikel waarin wordt betoogd dat het ,,na twee kabinetten-Kok tijd is voor meer elan en inspiratie. Daar past een nieuw type premier bij.''

Dat Pronk bang is in dat geval buiten de ministeriële boot te vallen, doet wat vreemd aan. Immers, hij heeft zich ontpopt tot de Shimon Peres van de Nederlandse politiek: altijd in voor een ministerspost, kan niet schelen in welke coalitie. Binnen de PvdA schijnen stemmen op te gaan die, aldus VN, vinden dat er een leider moet komen ,,die de tegenstellingen weer bij de naam durft te noemen, en daarmee de partij weer richting en ziel geeft.'' Wat die tegenstellingen precies inhouden, vertelt het verhaal helaas niet. Noch wat de meerwaarde is van `ideologische vergezichten' die aan Kok niet besteed zouden zijn.

Wellicht daarom zal Kok niet serieus overwegen wat Elsevier vindt dat moet gebeuren, namelijk dat Nederland terzake van het Israëlisch/Palestijns conflict ,,zich in Brussel een voortrekkersrol moet aanmeten.'' Volgens het blad moeten ,,de Europese partners vatbaar zijn voor het (Nederlandse) argument dat het joods-Palestijnse vraagstuk een uitvloeisel is van de Europese geschiedenis. Europa mag zich daarom ook een deel van de oplossing toe-eigenen.'' Maar Kok, en velen met hem, weten dat Europa geen eenduidige kijk heeft op het Midden-Oostenconflict. En waarom zou Nederland een voortrekkersrol moeten spelen? `Altijd pro-Israël' staat boven het kadertje naast het artikel. Dat geldt misschien voor een deel van de politici, het is de vraag hoe de meederheid van de Nederlandse bevolking daarover denkt.

Hij wordt `de meest gezaghebende Duitse filosoof van de twintigste eeuw' genoemd en dus krijgt Jürgen Habermas in oktober de Vredesprijs uitgereikt op de Frankfurter Buchmesse. De Groene Amsterdammer wijdt een mooi artikel aan de man voor wie ,,de deling van Duitsland en de onvoorwaardelijke oriëntatie op het westen van de Bondsrepubliek'' een zegen was en die in Strukturwandel der Öffentlichkeit betoogde dat ,,sinds de opkomst van de grote bedrijven en de massademocratie het publieke debat wordt gevormd en zelfs gemanipuleerd door politieke en economische belangen.'' Na de val van de Muur werd hij in de verdediging gedrongen, maar het aantreden van de rood-groene regering gaf hem weer lucht. Niet in de laatste plaats omdat Habermas zijn opvattingen aanpaste aan de gewijzigde verhoudingen: ,,Had hij zich in de jaren vijftig, tot grote ergernis van Horkheimer, nog publiekelijk uitgesproken tegen de Duitse herbewapening, ruim veertig jaar later verdedigde hij tijdens de Kosovo-oorlog de Navo-bombardementen op Servië'', aldus De Groene.

Ook de eertijdse vergezichten over wat managers allemaal niet in hun mars hadden worden onder druk van de omstandigheden bijgesteld, meldt HP/De Tijd in een lichtelijk hilarisch verhaal over de vele managers die zo weinig productief zijn. Het blad citeert Philips-topman Kleisterlee: ,,Ze moeten in de eerste plaats doen wat goed is voor Philips, daarna wat goed is voor hun business en dan pas wat goed is voor henzelf. En wat goed is voor henzelf, dat maken wíj wel uit.'' Dat is duidelijke taal. In ieder geval duidelijker dan menig ideologisch vergezicht.