Strafhof maakt iedereen vervolgbaar

Den Haag wordt de stad waar misdaden tegen de menselijkheid worden bestraft, bij een permanent strafhof – als het er al komt, gezien de Amerikaanse bezwaren.

De rechtszaak tegen de Joegoslavische oud-president Slobodan Miloševic voor het VN-tribunaal voor oorlogsmisdaden in Den Haag krijgt van sommige politici en juristen nu al het predikaat van `proces van de 21ste eeuw'. Het succes van het VN-tribunaal is voor een groot deel te danken aan de politieke en economische steun van de VS. Miloševic werd door Belgrado pas uitgeleverd nadat de VS hadden gedreigd het op de donorconferentie van eind juni af te laten weten.

Met Miloševic veilig en wel in het VN-cellencomplex in Scheveningen kreeg openbaar aanklager Carla Del Ponte dan ook een enthousiast telefoontje van Colin Powell. De steun van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken voor het VN-tribunaal is groot; maar hij steekt schril af bij de reserve die de VS hebben jegens een permanent strafhof.

Het Joegoslavië-tribunaal is een ad-hoc college, speciaal opgericht om de oorlogsmisdadigers in ex-Joegoslavië te berechten. In de toekomst zou zo'n zaak voorkomen bij het permanente strafhof. De VS staan echter zeer kritisch tegenover zo'n hof. Op de valreep, oudejaarsdag 2000, tekende president Bill Clinton (Democraat) het verdrag waarin de statuten van het strafhof zijn geformuleerd, maar het was direct duidelijk dat zijn opvolger George Bush (Republikein) het verdrag niet zou ratificeren. Voor een senaatscommissie zei Colin Powell dat de VS ,,militairen, diplomaten en politici niet willen laten vallen onder de jurisdictie van een permanent hof''. Het Huis van Afgevaardigden bepaalde dat Amerikaanse soldaten alleen op vredesmissie mogen worden gezonden, als zij vooraf worden gevrijwaard van vervolging door het strafhof.

Het feit dat de VS het verdrag hebben getekend, impliceert dat ze de morele plicht hebben om te handelen naar de geest van het statuut. Ook nemen de VS deel aan de besprekingen over de concrete invulling van het statuut. De Verenigde Staten, maar ook China, Japan en Rusland zullen niet zo snel de jurisprudentie van het hof aanvaarden en implementeren, maar uiteindelijk kunnen deze landen de internationale ontwikkelingen van het strafrecht niet tegenhouden.

Op 17 juli 1998 bereikten 161 landen in Rome een akkoord over het instellen van een permanent strafhof (International Criminal Court) dat verantwoordelijken van misdaden tegen de menselijkheid, ongeacht de nationaliteit van de daders of slachtoffers, gaat berechten. Vier jaar eerder waren de onderhandelingen begonnen. Nederland startte toen direct een intensieve lobby om de zetel van het hof naar Den Haag te halen. Die campagne kreeg bijval van secretaris-generaal Boutros-Ghali die in 1995 Den Haag promoveerde tot `legal capital of the world'. Tijdens de conferentie in Rome in 1998 is over alle statuten en artikelen gebakkeleid, behalve over artikel 3, eerste lid; bij acclamatie werd de kandidatuur van Den Haag aangenomen.

De overtuiging dat misdaden tegen de menselijkheid niet ongestraft mogen blijven, ontstond tijdens de Tweede Wereldoorlog. De holocaust maakte duidelijk hoe de mensheid in gevaar wordt gebracht wanneer machthebbers zich boven de wet plaatsen. Ze moeten, vond men, internationaal worden vervolgd als dit niet in eigen land gebeurt. Het Neurenberg-tribunaal bracht in 1945 deze opvatting voor het eerst in praktijk. Het werd gevolg door het Tokio-tribunaal.

Plannen voor een permanent strafhof liepen in de jaren vijftig vast, een gevolg van de Koude Oorlog. Na 1989 onderzocht een groep van onafhankelijke juristen, de Internationale Commissie voor Internationaal Recht, in opdracht van de VN wat de statuten voor zo'n tribunaal zouden moeten zijn. Europese ministers probeerden in 1991 de Iraakse leider Saddam Hussein berecht te krijgen voor de massamoord op Koerden in Noord-Irak. Er werden toezeggingen gedaan, maar een Irak-tribunaal kwam er niet.

In 1993 werd voor het eerst sinds het Tokio-tribunaal weer een internationaal strafhof ingesteld, voor Joegoslavië, een jaar later gevolgd door het Rwanda-tribunaal. Daarmee kreeg de roep om een permanent hof een nieuwe impuls. Bij het oprichten van zo'n hof doen zich heel andere vragen voor dan bij het creëren van ad hoc tribunalen. De kern van het probleem is dat staten bereid moeten zijn de jurisdictie van het hof te aanvaarden. En sommige landen, zoals de VS, zijn dat niet.

Het akkoord over de statuten wacht op ratificatie. Het permanente strafhof is pas operationeel wanneer zestig staten geratificeerd hebben. De teller staat nu op 37, na de ratificatie, vorige maand, door Nederland. Bij de behandeling in de Eerste Kamer meldde minister Jozias van Aartsen van Buitenlandse Zaken dat de regering `als werkhypothese' ervan uitgaat dat het permanente hof in het najaar 2002 de werkzaamheden gaat beginnen. Een half jaar eerder had de Tweede Kamer al haar fiat gegeven. ,,Koning, keizer, admiraal, vervolgbaar zijn ze allemaal'', vatte parlementariër Eimert van Middelkoop (Christen Unie) de verdragstekst samen.

Na ratificatie van het statuut door de VN-lidstaten kan het hof aan de slag. Er komt een architectenconcours voor het ontwerp van de zetel van het hof. Voorlopig wordt het hof ondergebracht in de Alexander-kazerne in Den Haag. En als de wereldgemeenschap het tempo van ratificeren versnelt, moet worden uitgeweken naar een andere noodlocatie. De regering houdt de gebouwen van kamp Zeist, waar het Lockerbie-proces is gehouden, achter de hand.