Singapore blij met komst `Connie'

Washington zoekt bondgenoten in Zuidoost-Azië. De Amerikanen worden tegenwoordig met open armen begroet, maar de regio vreest tegelijk de toorn van China. Singapore steunt China maar ontvangt ook Amerikaanse vliegdekschepen.

Een drijvende stad heeft aangemeerd in de verder vrijwel lege marinehaven van Singapore. Het is de USS Constellation, een 330 meter lang Amerikaans vliegdekschip met aan boord meer dan 5.000 militairen en 70 vliegtuigen. ,,Ik woon nu drie jaar op deze boot en ik verdwaal nog regelmatig'', zegt matroos Chris Martinez die bezoekers van het schip met de koosnaam `Connie' rondleidt. ,,De meeste havens willen ons niet hebben omdat Connie zo groot is. Daarom ankeren we er meestal buiten.''

Singapore heeft er alles aan gedaan dat te voorkomen. De stadstaat won in recordtijd genoeg land op de zee ten oosten van het eiland om een enorme marinebasis met alles erop en eraan aan te leggen. Voor onze eigen marine, beweert de regering. Weinigen geloven dat, want Singapore zelf heeft slechts een handvol boten. Bovendien is de basis geschikt voor de allergrootste vliegdekschepen en die zal zelfs het rijke Singapore nimmer bezitten.

Sinds zondag ligt de Constellation op de Changi marinebasis ter imponering van een ieder. Connie is veertig jaar oud en maakte in 1964 geschiedenis na de vermeende aanval van het Noord-Vietnamese leger op Amerikaanse marineschepen in de Golf van Tonkin. De tegenaanvallen op het Vietnamese leger van vliegtuigen die waren opgestegen van de Constellation, luidden het begin van een nieuwe fase van de Vietnam-oorlog in.

Inmiddels is die oorlog niet alleen ruimschoots afgelopen, maar overwegen de Verenigde Staten zelfs militair met Vietnam samen te werken. De Amerikanen hebben hun oog laten vallen op de zeer strategisch, in de buik van Vietnam gelegen marinebasis Cam Ranh, tot 2004 een Russische basis. Gedurende de oorlog tussen Zuid- en Noord-Vietnam zat de Amerikaanse marine er al en ze zou de basis na 2004 graag weer gebruiken. Cam Ranh ligt gunstig ten opzichte van belangrijke zeeroutes die als mondiale `snelwegen' gelden voor olietankers en containerschepen. Behalve Rusland en de VS wil echter ook China Cam Ranh huren. Al was het alleen maar om te voorkomen dat Amerika de basis krijgt of gaat gebruiken.

Dergelijk dwarsliggen is onderdeel van wat de onzichtbare slag om de Zuidchinese Zee kan worden genoemd; de strijd die de VS voeren tegen China. Volgens militaire deskundigen is Amerika bezig een veiligheidskordon aan te leggen rond de opkomende supermacht China. De Zuidchinese Zee is het zwaartepunt van dat kordon. Daar liggen de onbewoonde, maar door liefst zes Oost-Aziatische landen betwiste Spratly-eilandjes. Eronder zit naar verwachting een rijke olie- en gasvoorraad. Bovendien ligt de archipel op de zeeroute naar Japan. Als het ergens in de regio tot een conflict komt waar Amerikaanse militaire steun geboden is, maken de honderd Spratly's een goede kans de inzet van die confrontatie te zijn. Zeker nu China enkele eilandjes heeft bezet en schiet op elk schip dat te dicht bij komt.

Voor het door de VS gewenste kordon heeft Amerika bondgenoten nodig. Niet langer wil de `US Navy' geklonken zijn aan één marinebasis in de regio, zoals tot 1992 toen het na jaren de diepzeehaven Subic Bay in de Filippijnen verliet. Het motto is nu: places not bases; alle schepen van de Amerikaanse Zevende Vloot moeten voortdurend in Zuidoost-Aziatische wateren rondvaren. Daarvoor is het noodzakelijk dat ze ook overal kunnen aanleggen, repareren en bunkeren.

Landen als Singapore, Vietnam en de Filippijnen, dat de Amerikaanse marine graag ziet terugkomen in Subic, dansen naar het pijpen van de VS, vooral nu er geen andere supermacht meer is waartoe ze zich kunnen wenden. Vrijwel overal is het grote en goed uitgeruste Amerikaanse leger een graag geziene gast, want daarmee is de gastheer veilig voor bedreigingen uit buurlanden.

Zo voelt het nietige Singapore zich niet op zijn gemak, gelegen tussen het instabiele Indonesië en Maleisië waar premier Mahathir het uitvaren tegen Singapore en alles wat Westers is tot zijn dagelijkse werkzaamheden heeft gemaakt. ,,De aanwezigheid van deze schepen heeft een stabiliserend effect in de regio'', zei de Singaporese minister van Handel George Yeo over de Zevende Vloot.

Maar waar Amerika militair interessant is voor Zuidoost-Aziatische landen, is de snel ontluikende economie van China nog interessanter. Dat land wordt in de toekomst, zo hoopt de regio, onze belangrijkste handelspartner – nu is dat Amerika. Indien het tot een confrontatie komt tussen China en de VS, zoals in april met het Amerikaanse spionagevliegtuig dat illegaal op Chinees grondgebied landde, zouden landen als Singapore – met ruim driekwart van de bevolking Chinees – partij moeten kiezen. Het voorkomen daarvan is de grootste diplomatieke uitdaging voor de Zuidoost-Aziatische landen die het beste van twee werelden willen.

Het is Singapore dat volgens Alan Dupont, een Australische defensiespecialist, laat zien hoe dat balanceren moet. In de Far Eastern Economic Review noemt Dupont Singaporezen ,,meesters in de retoriek die voor China acceptabel is''. Zo zegt Singapore in de heikele kwestie Taiwan dat dit een provincie is die bij het grote China hoort en sprak het in april schande van het schenden van het Chinese luchtruim door de Amerikanen. ,,Ook beweren ze dat hun marinebasis open staat voor iedereen die maar betaalt, of het nu Amerika of China is. Maar hoeveel landen hebben vliegdekschepen? Het is overduidelijk dat die marinebasis is gebouwd om de Amerikanen te helpen de strategische belangen verder te versterken.''

De symbolische komst van Connie dient om dat nog eens te onderstrepen. Er wordt overigens niet gevlogen of geoefend, want de mannen en enkele vrouwen van de Constellation hebben rust gekregen. Ze zijn in mineur. Enkele dagen voordat het vliegdekschip Singapore aandeed, is een van de gevechtsvliegtuigen niet naar het moederschip teruggekeerd. Het zoeken naar de twee piloten en hun F-14 Tomcat is gestaakt. De twee zijn hoogstwaarschijnlijk omgekomen.

De gids, matroos Martinez, is dan ook enigszins neerslachtig. Er kan ook zoveel misgaan op het vliegdek. Er zijn vuurspugende straalmotoren, katapulten die vliegtuigen elke halve minuut van het dek afschieten en dikke staalkabels waarop enorme kracht komt als ze de landende toestellen `arresteren'. Bovendien is de ruimte, hoe groot de Connie ook is, maar zeer beperkt op dit varende vliegveld. ,,Dit is de gevaarlijkste plek ter wereld'', zegt Martinez, ,,als er tenminste gevlogen wordt.''