Nul-twee

Wat zal er met tv-verslaggever Jack van Gelder gebeuren als het Nederlands elftal over een paar weken ook van Ierland wint? In het nagesprek met Louis van Gaal zal hij veranderen in een plasje vloeibaar fondant, door de bondscoach met een genadig knikje opgeslorpt. ,,Wat was het weer geweldig, Louis.'' ,,Jouw mening is onbelangrijk, Jack, maar je smaakt goed.''

Wás het Nederlands elftal gisteravond in de eerste helft tegen Engeland zo goed? Je zou het bijna gaan betwijfelen als je zulke interviewers hoort, maar het moet gezegd: zelden heb ik de laatste jaren met zoveel plezier naar Nederland gekeken. Alles klopte. Sterk in elke linie en met voorin een speler die tegen Ierland het verschil moet zijn: Ruud van Nistelrooij. Hoe houden we hem heel tot die wedstrijd? Kan hij niet zo lang in een couveuse?

Verder hoop ik vurig dat Edgar Davids nog een tijdje geschorst zal blijven. Je hoorde er na afloop geen deskundige over geen onaangename kwesties aansnijden, zeg maar was het niet opmerkelijk hoeveel beter het Nederlandse middenveld was zónder Davids? Hij mocht er na rust inkomen en prompt kreeg hij weer ruzie met een tegenstander en veroorzaakte hij de enige Engelse kans.

Eindelijk was er weer reden om je gevoel van nationale trots te laten kietelen door buitenlandse commentatoren. Lof van onverdachte zijde, daar gaat niets boven. ,,Dashing and devastating'', zei de BBC-commentator. Ontmoedigend en vernietigend, zó willen we het horen. Het panel onder leiding van oud-international Gary Lineker kon alleen maar bewonderend knikken: ,,Holland was great.''

Geen wonder dat ik moest terugdenken aan een voetbalavond in lang vervlogen tijden: op 9 februari 1977 om precies te zijn. Plaats van handeling: het met 90.000 toeschouwers gevulde Wembley-stadion in Londen. Op de heenreis stond ik met nog enkele verslaggevers in de metro met Rinus Michels toen al geen bondscoach meer en zijn vrouw. Benauwde gezichten, want Engeland uit, dat leek geen haalbare kaart.

Maar het Nederlands elftal zou onder leiding van een onnavolgbare Cruijff een van de beste wedstrijden uit zijn geschiedenis spelen. Dit was dat elftal: Schrijvers; Suurbier, Krol, Rijsbergen, Hovenkamp; Willy van de Kerkhof, Peters, Neeskens; Rep, Cruijff, Rensenbrink. Bondscoach: Jan Zwartkruis. Ook toen was de 2-0 overwinning al bij de rust bereikt, dankzij twee fraaie doelpunten van Jan Peters. De Engelse fans zwegen geïmponeerd.

Voor mij persoonlijk zat er maar één vervelende kant aan die wedstrijd: mijn telefoon op de perstribune deed het niet. Daar zat ik met om me heen druk bellende collega's die me niet konden helpen. De klok tikte voort, mijn krant wachtte met smart en mijn telefoon zweeg doodstil. De gebeurtenissen daarna keren op gezette tijden terug in steeds dezelfde nachtmerrie.

Ik daal in mijn eentje via liften en trappen af in de eindeloze schacht van een desolaat, onmetelijk groot gebouw. Af en toe stap ik uit en hol door verlaten gangen en sportzalen. Geen telefoon te bekennen. Op den duur besef ik dat ik tot het einde der tijden tevergeefs door dit gebouw zal moeten rennen. Geen verbinding, geen uitweg, en nooit meer Cruijff.