Minister past werk spoor aan

Minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) ziet zich gedwongen om het programma voor de vervanging van oude spoorbanen drastisch bij te stellen. Zij laat onderzoeken of daarmee de veiligheid van het treinverkeer in gevaar komt.

Netelenbos antwoordt dit op vragen van het Kamerlid Leers (CDA) naar aanleiding van het ingrijpen door de Arbeidsinspectie op de trajecten Breda-Roosendaal en Amersfoort-Apeldoorn. Op deze baanvakken zouden de klemmen worden vervangen waarmee de spoorstaven aan de bielzen zijn bevestigd. De Arbeidsinspectie wil evenwel alleen werkzaamheden toestaan wanneer de veiligheid van baanwerkers volledig is gegarandeerd. Dat betekent in de praktijk dat er niet op het naastgelegen spoor mag worden gereden. Bij het onderhoud op het traject Breda-Roosendaal werd Railinfrabeheer pas een week van tevoren ingelicht over de eisen.

De minister maakt in haar antwoorden duidelijk dat het beleid van de Arbeidsinpectie vergaande gevolgen zal hebben, aangezien de zogenoemde NEFIT-sporen overal in het land aan vervanging toe zijn. ,,Het verbod heeft zeker consequenties voor andere werkzaamheden. Ook de doelstelling van mijn ministerie is dat de veiligheid van werkers aan het spoor moet worden verbeterd. Het ingrijpen van de Arbeidsinspectie zal leiden tot een versnelling hiervan'', aldus Netelenbos.

Volgens haar zijn er twee mogelijkheden: ontwikkelen van werkmethoden waarbij baanwerkers niet langer op of in de buurt van het bereden spoor komen, of het stilleggen van het treinverkeer gedurende werkzaamheden. Hoe dan ook zal het volgens haar leiden tot vertraging van de noodzakelijke vervanging van de sporen.