Tussen kroonprins en koning

Marco Tronchetti Provera geldt als de kroonprins van de Italiaanse ondernemers. Hij is lid van wat wel de salotto buono wordt genoemd, de club van steenrijke Noord-Italiaanse bankiers en industriëlen die elkaar door dik en dun steunen. Op een slimme manier kreeg hij de controle over een van de kroonjuwelen van de Italiaanse economie, Telecom Italia.

Zeven jaar heeft Marco Tronchetti Provera, de baas van Pirelli, geduldig gewacht op zijn kans. Telecom, daar zit de toekomst, zo wist hij. Maar het moment was nooit helemaal goed. Totdat hij eind vorig jaar twee klinkende deals wist te sluiten en ineens vijf miljard dollar cash op de bank had.

Zijn handen moeten hebben gejeukt, maar opnieuw wist Tronchetti Provera zijn tijd te beiden. Telecom Italia liep niet goed. Het bedrijf zat diep in de schulden, er liepen juridische onderzoeken. En met het aantreden van Silvio Berlusconi als premier leek ook de politieke bescherming te zijn verdwenen.

De problemen stapelden zich op. Dat was het moment om toe te slaan. In twee weken voerde Tronchetti Provera, samen met Gilberto Benetton, het financiële brein van de truienfamilie, een blitz uit. Hij overtuigde het groepje aandeelhouders dat, via via via, de controle had over Telecom Italia, ervan dat ze beter konden kiezen voor zijn bod, bijna twee keer de dagkoers van hun aandelen.

Pirelli en Benetton kochten de houdstermaatschappij Bell op, dat Olivetti controleerde, dat de meerderheid van Telecom Italia in handen had. De aandeelhouders Olivetti die geen meerprijs kregen voor het belang in Telecom Italia, voelen zich belazerd. Opnieuw blijken de belangen van institutionele en van kleine beleggers in Italië niet te worden beschermd. Maar het kabinet knikt bemoedigend. Telecom Italia blijft in ieder geval in Italiaanse handen. En Tronchetti Provera versterkt zijn positie in de kopgroep van de Italiaanse ondernemers. Jarenlang is hij beschouwd als een kroonprins. Nu hij Telecom Italia in handen heeft gekregen is die titel te krap voor hem geworden. Al kan je moeilijk iemand tot koning uitroepen zolang de nu 80-jarige Gianni Agnelli, erepresident van Fiat en sinds twee maanden ook een belangrijke speler op de elektriciteitsmarkt, nog actief is.

Er wordt vaak gesproken over de behoefte aan nieuwe gezichten in Italië. Toen Roberto Colaninno twee jaar geleden met Olivetti een vijandig overnamebod deed op Telecom Italia en daarin slaagde, tot verbazing van vriend en vijand, werden hij en de groep financiers en ondernemers uit Brescia die hem steunden, uitgeroepen tot de grote vernieuwers. Nu is diezelfde Colaninno door Tronchetti Provera uitgekocht.

Is dat een overwinning van het economische establishment in Milaan? Gedeeltelijk wel. Tronchetti Provera heeft carrière gemaakt met de hand van Enrico Cuccia om zijn schouder, de oppermachtige president van de handelsbank Mediobanca, decennia lang de kingmaker in de Italiaanse economie. Hij heeft de juiste school gedaan (de katholieke Zaccaria-school), aan de juiste universiteit gezeten (Bocconi), in tweede instantie de juiste vrouw getrouwd (Cecilia Pirelli, bij wie hij drie kinderen heeft). Via de investeringsmaatschappij in olieproducten van zijn vader, Camfin, zat hij al vroeg tussen de ondernemers die echt meetellen in Milaan.

Zijn grote kans kwam in 1992. Hij werkte toen al een paar jaar bij zijn schoonvader in de zaak. Daar was hij opgevallen als een loyale en effectieve manager met veel aandacht voor technologische vernieuwing, met naar buiten toe het understatement en de discretie die bij de familie Pirelli hoorden.

In 1991 ging Leopoldo Pirelli op avontuur in Duitsland. Hij probeerde Continental over te nemen, maar stuitte op het taaie verzet van banken en politiek, een barrière die Italiaanse ondernemers soms doet verzuchten dat er een grote economische muur om Duitsland staat. Tronchetti Provera was van begin af aan tegen. ,,Voor een oorlog heb je een leger, wapens en munitie nodig,'' zei hij. ,,Wij hebben dat niet voldoende.''

Toen het stof van de Duitse campagne was opgetrokken, zat Pirelli diep in de schulden. Cuccia suggereerde Leopoldo Pirelli, toen 67 jaar, dat het verstandig zou zijn de scepter over te dragen, en knikte in de richting van Tronchetti Provera. Leopoldo Pirelli wist ook wel dat zijn zoon Alberto zich eigenlijk liever bezig hield met het bestuderen van vissen. En ook al was Tronchetti Provera in 1988 gescheiden, hij bleef deel van de familie en had het volle vertrouwen van Pirelli. Zo kreeg Tronchetti Provera op 44-jarige leeftijd, buitengewoon jong voor Italiaanse begrippen, de teugels in handen bij een van de meest prestigieuze familiebedrijven.

Tronchetti Provera heeft gestaag orde op zaken gesteld. Banden en telecommunicatiekabels, dat werden de twee belangrijkste activiteiten. Wat daar buiten viel, werd verkocht, en de twee kerndivisie werden gestroomlijnd. Op de bandenmarkt deed Pirelli het beter dan een aantal Europese concurrenten. De Italianen zaten minder sterk in de vrachtwagenbanden, hadden hun Amerikaanse belangen afgeslankt, en concentreerden zich op banden voor luxe-auto's, een markt die in de jaren negentig sterk is gegroeid.

Maar de echte groei zat in de kabels. Pirelli nam een aantal buitenlandse bedrijven over en zocht een plaatsje op de markt voor optische datatransmissie. Die laatste strategie heeft de sprong naar Telecom Italia mogelijk gemaakt. Vorig jaar besloot Tronchetti Provera de twee bedrijven die zich bezighouden met geavanceerde glasvezeltechnologie, te verkopen omdat hij hun winstmarges te klein vond. De Amerikaanse ondernemingen Cisco en Corning betaalden samen vijf miljard dollar cash in kas. Iedereen in Italië vroeg zich af wat Pirelli met dat geld zou gaan doen.

In zijn beginjaren bij Pirelli vermeed Tronchetti Provera zorgvuldig de media. Naarmate hij meer succes kreeg als ondernemer begon hij meer naar buiten te treden. Nu geeft hij regelmatig zijn mening over politieke en economische zaken – na een korte flirt vorig jaar met centrum-links gaf hij in maart zijn zegen aan Berlusconi. En sinds hij bevriend is geraakt met de 37-jarige Afef Jnifen, een voormalig fotomodel van Tunesische afkomst, hebben de roddelbladen ook een goede aan hem. De rijzige, succesvolle manager en zijn exotische minnares tegen de luxe achtergrond van Portofino of exclusieve villa's op Sardinië: de bladen staan er iedere keer weer vol mee.

Met zijn curriculum vitae is Tronchetti Provera automatisch lid geworden van wat wel de salotto buono wordt genoemd. Dat is de groep Noord-Italiaanse ondernemers en bankiers die elkaar met onderlinge participaties beschermden tegen vijanden van buiten en onder regie van Cuccia elkaar te hulp schoten als er problemen waren. Ze treffen elkaar in het weekeinde, 's zomers in Portofino, 's winters in Sankt Moritz. En af en toe in het San Siro stadion: Pirelli heeft onlangs een belang van 13 procent genomen in Inter Milan. Tronchetti Provera is goed bevriend met de voorzitter van de club, Massimo Moratti, uit een familie met veel oliegeld.

De salotto buono is vaak bekritiseerd, als een bijna incestueus machtsblok dat de regels van de markt buiten de deur hield. Maar Tronchetti Provera vindt dat je dit fenomeen in de context van de Italiaanse economische ontwikkeling moet zien, waarin politieke partijen sinds eind jaren vijftig een sterke greep probeerden te krijgen op de economie.

,,De kritiek op de salotto buono houdt geen rekening met de situatie in Italië, waar een groot gevaar heeft bestaan voor volledige sovjetisering'', zo heeft hij gezegd. ,,Als deze harde kern van particuliere ondernemers niet had bestaan, zouden alle grote bedrijven in publieke handen zijn gekomen.''

Maar het is met een typische truc uit de salotto buono dat Pirelli en Benetton (die voor twintig procent meedoet) de controle over Telecom Italia hebben gekregen. Ze kochten de holding die controle had over Olivetti, en kregen zo de controle over datgene waar Olivetti de controle over had: Telecom Italia.

Tronchetti Provera heeft nog geen opening van zaken gegeven over zijn plannen met Telecom Italia. Hij heeft gezegd dat er veel raakvlakken zijn met wat Pirelli nu doet op het gebied van telecommunicatiekabels.

Het is de derde keer in vier jaar dat de koers verandert bij Telecom Italia. Toen het bedrijf na drie jaar wachten in 1997 werd geprivatiseerd, leken de Agnelli's (de familie die Fiat controleert) en een aantal bondgenoten de belangrijkste aandeelhouders. Maar veel gebeurde er niet, en Roberto Colaninno nam twee jaar later een betrekkelijk ingeslapen bedrijf over.

Telecom Italia heeft geluk gehad dat het, in tegenstelling tot concurrenten in andere landen, vorig jaar niet diep in de buidel heeft hoeven te tasten voor een UMTS-frequentie. Mede daardoor staat het bedrijf er relatief goed voor. Tronchetti Provera lijkt vast van plan van de telefonie een nieuwe poot onder Pirelli te maken. Opdat hij binnenkort echt op de troon van de Italiaanse ondernemers kan zitten. Alleen.