Brunei houdt gênante `moeder aller veilingen'

In de oliestaat Brunei begon zaterdag een reusachtige veiling. Duizenden grote-mensen-speeltjes van Prins Jefri gaan onder de hamer. In de catalogus staan onder meer een vijf meter hoog hobbelpaard en gouden toiletrolhouders.

In Azië spreken ze van de `moeder aller veilingen' en hij vindt plaats in het Zuidoost-Aziatische oliestaatje Brunei. Zo'n tienduizend kavels gaan onder de hamer twintig sporthallen staan er vol mee. Er zit nauwelijks lijn in het assortiment: bladgouden toiletrolhouders en honderden meubels concurreren met een helikoptersimulator en twee brandweerauto's. Ooit was het allemaal van prins Jefri, de broer van de sultan en de minister-president van Brunei, Hassanal Bolkiah. Maar prins Jefri is failliet.

Het staatje met 325.000 inwoners, en dan vooral de koninklijke familie, is schatrijk geworden door de olie- en gasvoorraden waar Brunei letterlijk en figuurlijk op drijft. Niettemin kwam het bestedingsgedrag van prins Jefri dagelijks een kleine twee miljoen gulden over een periode van tien jaar niet geheel overeen met 's lands inkomsten.

Dat viel aanvankelijk niet op, want het vele geld dat binnenkwam werd via het bedrijf van prins Jefri, Amedeo Development Corporation, omgezet in infrastructurele projecten waar het land wat aan leek te hebben. Het viel ook niet op doordat prins Jefri op de juiste plek zat om het olie- en gasgeld zijn kant op te dirigeren. Zijn broer de sultan had de fout gemaakt prins Jefri eind jaren tachtig tot minister van Financiën te benoemen en vanaf dat moment stond de staatskas bij wijze van spreken in de slaapkamer van de prins.

Drie jaar geleden ging Amedeo failliet en begon een onderzoek naar de financiële handel en wandel van de eigenaar van het conglomeraat. De 47-jarige prins bleek zo'n 26 miljard Brunei-dollar (bijna veertig miljard gulden) achterover te hebben gedrukt, een bedrag gelijk aan drie keer het jaarlijkse nationale inkomen van Brunei. Prins Jefri's tegoeden werden bevroren, maar de rechter oordeelde kort daarop dat dit misschien wel een al te harde maatregel was voor de prins, zijn vier vrouwen en 35 kinderen. De rechter zette hem op een maandtoelage van 650.000 gulden voor `kosten levensonderhoud'.

De veiling in Brunei die zaterdag begon en tot donderdag duurt werpt een blik op de extravagante levensstijl van de playboy-prins. Volgens het consultancybedrijf Arthur Andersen besteedde de prins in tien jaar tijd een slordige zes miljard gulden aan grote-mensen-speelgoed als vliegtuigen, zeiljachten, auto's, motoren en juwelen. Daarvan gaat een aantal speeltjes deze week onder de hamer, hoewel veertig auto's in april al zijn geveild. Zo maakt de veilingcatalogus melding van een simulator voor een Formule 1-auto en een Airbus A340. Eén sporthal staat vol servies en zilveren dienbladen van Asprey, de juwelier uit Londen, ooit het eigendom van prins Jefri.

Veel bieders komen voor de meer praktische zaken zoals een van de honderden matrassen, honderd kleurentelevisies of tientallen gasfornuizen. Ook moet een groot aantal piano's, bubbelbaden, bankstellen en wasmachines dezer dagen van eigenaar wisselen. Apparatuur voor een stomerij leverde het hoogste bedrag tot nu toe op: 50.000 gulden. Een complete bowlingbaan ging voor 42.000 gulden van de hand. Het vijf meter hoge houten hobbelpaard leverde echter slechts 3.500 gulden op en een bank in de vorm van de achterkant van een Cadillac bleek na aanschaf licht beschadigd.

De veilingmeesters van het Britse Smith Hodgkinson spreken van een onverwacht succes, maar voor de koninklijke familie van Brunei is de veiling een hoogst gênante vertoning. Het alternatief voor de sultan is dat hij opening van zaken geeft over de onduidelijke geldstromen binnen en rond zijn familie. De schulden van prins Jefri, het familiekapitaal en ook de staatsfinanciën, het loopt allemaal door elkaar. Dan liever de blamage van een opmerkelijke veiling, zo moet sultan Bolkiah hebben gedacht.