Omstreden pelgrimage Japanse premier

De Japanse premier Koizumi bracht vanochtend een bezoek aan de omstreden Yasukuni tempel. Hopelijk blijft de diplomatieke schade beperkt, zo moet de premier hebben gedacht.

De Japanse premier Junichiro Koizumi heeft al zijn critici verrast door plotseling vandaag – twee dagen vóór de officiële herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog – een bezoek te brengen aan de omstreden Yasukuni tempel waar Japans oorlogsgevallenen worden geëerd. De tempel is omstreden omdat onder de geëerden veertien oorlogsleiders zijn die na de oorlog als oorlogsmisdadigers zijn veroordeeld.

Met het vervroegen van zijn bezoek probeert Koizumi zich uit de benauwde positie te redden waarin hij zich heeft gebracht door al in april, vóór zijn aantreden als premier, aan te kondigen dat hij zeker op 15 augustus een bezoek aan de tempel zou brengen. Koizumi herhaalde de belofte toen hij eenmaal premier was, waarop de poppen aan het dansen waren. Critici in binnen- en buitenland (China en Zuid-Korea) vielen over Koizumi heen. Zij zien het eerbetoon aan de Japanse oorlogleiders als een positieve erkenning van hun oorlogsinspanningen.

Koizumi zei vanochtend na afloop van het bezoek dat ,,de huidige vrede is gebouwd op het offer dat eerdere generaties met hun leven hebben gebracht. Daarom ben ik hier gekomen. Ik hoop dat een dergelijke oorlog nooit meer plaats heeft.'' Het logische verband tussen het offer van de soldaten en de huidige vrede heeft Koizumi echter nooit duidelijk gemaakt. Over de bewuste oorlogsleiders, onder wie generaal Hideki Tojo die premier was toen Japan in 1941 Pearl Harbor aanviel en de oorlog met Amerika opende, heeft Koizumi in het verleden gezegd dat ze al genoeg gestraft zijn met de doodstraf die ze hebben ondergaan.

Deze redeneringen zijn tekenend voor de naïviteit van Koizumi. Ook de consequenties van zijn harde belofte om op 15 augustus – de dag dat de Japanse keizer in 1945 de overgave bekend maakte – Yasukuni te bezoeken had hij duidelijk niet overdacht. Felle protesten kwamen los. De Chinese minister van Buitenlandse Zaken zei na een ontmoeting met zijn Japanse ambtgenoot plompverloren voor Japanse televisiecamera's dat hij had gezegd ,,dat hij ermee moet stoppen''. Zelfs een aantal partijgenoten van Koizumi sprak zich publiekelijk tégen een bezoek uit. In het nauw gedreven beperkte Koizumi zich de afgelopen weken tot de uitspraak dat hij na ,,uitgebreid beraad, zonder vooringenomen standpunten'' een besluit zou nemen.

Uiteindelijk heeft Koizumi een uitweg proberen te vinden door niet op de vijftiende, zoals aangekondigd, een bezoek te brengen maar vandaag. Als hij had toegegeven aan de druk, had hij geriskeerd dat zijn geloofwaardigheid ernstig was aangetast. Dit zou invloed hebben gehad op zijn plannen voor economische hervorming, waartegen binnen de eigen partij ook fel verzet bestaat. Als hij echter had doorgezet met een bezoek op de vijftiende, had hij grote diplomatieke problemen kunnen krijgen. Het is uiteindelijk nog de vraag of er überhaupt iemand tevreden zal zijn met het halfslachtige eindresultaat.

De controverse rond Yasukuni is het gevolg van het besluit van de tempel in 1978 om de 14 veroordeelde oorlogsmisdadigers bij te schrijven op de lijst geëerden. De Yasukuni tempel is eind 19e eeuw opgericht om alle soldaten te herdenken die voor het land zijn gevallen. In totaal staan zo'n 2,5 miljoen namen bijgeschreven in de registers van de tempel. De tempel is dus niet te vergelijken met een `graf voor de onbekende soldaat'.

Voor 1978 waren bezoeken van premiers en de keizer gebruikelijk en maakte ook het buitenland geen enkel probleem. Koizumi is pas de tweede premier die sinds dat jaar weer op 15 augustus een bezoek aan de tempel probeerde te brengen. In 1985 maakte toenmalig premier Yasuhiro Nakasone de pelgrimage. Hij zag er na felle protesten een jaar later weer van af. Keizer Hirohito heeft na 1975 geen bezoek meer aan de tempel gebracht en ook de huidige keizer heeft nimmer een bezoek aan de tempel gebracht.

De kleindochter van generaal Tojo suggereerde vandaag op de Japanse televisie dat haar grootvader maar uit de registers zou moeten worden geschrapt: ,,Grootvader zelf is waarschijnlijk het meest verdrietig dat door hem de premier en keizer niet naar de tempel kunnen komen.''