De souplesse van een herdershond

Gert-Jan Liefers (22) wordt gezien als het grootste talent van de Nederlandse atletiek. Bij de WK in Edmonton sloot hij vannacht een crisisperiode af met een verdienstelijke negende plaats op de 1.500 meter. Volgens de kenners liggen er zelfs medailles in het verschiet.

,,Gert-Jan Liefers is een rendier pur sang.'' Honoré Hoedt wordt bijna lyrisch als hij de kwaliteiten van de atleet beschrijft. Dan ontwaakt de liefhebber in de trainer. ,,Als Gert-Jan loopt of wandelt, oogt dat schokkerig, maar zodra hij gaat rennen, komt zijn lichaam in volledige harmonie. Lijf en geest staan dan volledig in functie van het lopen.''

Hoedt mag dan als trainer bevooroordeeld zijn, hij is niet de enige die zich in lovende termen over Liefers uitlaat. Eenieder die je spreekt, bewondert de talenten van de geboren Apeldoorner. En al die kenners moeten zich sterk vergissen als Liefers niet ooit bij een groot kampioenschap op het podium belandt. ,,We hebben er weer één: een toekomstige medaillewinnaar'', uit Liefers' manager Jos Hermens zich het minst bescheiden.

Mooie woorden voor een jongen die als senior nog niets heeft gepresteerd. Hij werd in 1997 Europees cross-countrykampioen bij de junioren en twee jaar later veroverde hij op de 1.500 meter de Europese titel bij de junioren. Met die resultaten ben je beloftevol, maar nog niet gearriveerd.

Het zegt evenmin iets dat je als junior Nils Schumann, de olympisch kampioen op de 800 meter, regelmatig versloeg. Het verschil tussen Liefers en Schumann is sedert de Olympische Spelen evident. Voor Schumann werd in Sydney het Duitse volkslied gespeeld, terwijl Liefers thuis tandenknarsend voor de televisie toekeek.

Op het moment dat de doorbraak van het grote talent Liefers werd verwacht, viel de atleet ten prooi aan een ernstige crisis. Zijn relatie met de zevenkampster Ottelien Olsthoorn liep stuk op een moment dat hij de samenwerking verbrak met zijn trainer Johan Voogd, met wie hij sinds de C-junioren had samengewerkt.

Toen Liefers bovendien geblesseerd raakte, brak het lijntje. ,,Ik kan best veel hebben, want in het verleden heb ik me vaak door moeilijke perioden heen gesleept, maar vorig jaar kwamen er te veel problemen gelijktijdig. Eén tegenslag is op te vangen, bij een tweede wordt het een stuk moeilijker, na de derde trok ik het niet meer. Met je vriendin en je trainer heb je een emotionele band. Toen die wegvielen, verdween een groot deel van mijn basis. Ik heb het daar moeilijk mee gehad.''

In een opwelling verklaarde Liefers in de pers dat hij zou stoppen. In werkelijkheid ontdekte hij, dat hij niet zonder atletiek kan. ,,Er spookte vorig jaar van alles door mijn hoofd. `Waarom doe ik dit', vroeg ik me af. `Waarom dwing ik mezelf tot het uiterste en waarom ga ik zo diep? Waarom, in hemelsnaam waarom?' Als het goed gaat, denk je daar niet over na, maar als het tegenzit wel. Maar de uitkomst had ik ook snel gevonden: ik houd van atletiek en zou nooit zijn gestopt.''

Inmiddels heeft hij in Hoedt een trainer naar zijn hart en woont hij samen met andere atleten, onder wie 800-meterloper Bram Som, in een topsporthuis. De nieuwe wegen hebben Liefers goed gedaan. ,,Alles waar je niet aan dood gaat, maakt je sterker'', zegt hij nu. Als zaken tegenzitten, zoek je een situatie waarin je je prettig voelt. Je wilt uit dat treintje stappen waarin je ongemerkt voortdurend meerijdt. Ik neem nu zelf mijn beslissingen. Ik ben weerbaarder en sterker geworden.''

Woorden die Hoedt beaamt, al voegt hij er aan toe dat het hem de nodige moeite heeft gekost om de atleet te vormen naar zijn denkbeelden. ,,Ik vond dat zijn loopvermogen was verwaarloosd. Hij was gewend om op afzien te trainen. Maar mijn trainingen zijn gebaseerd op ontspanning. Van daaruit gaat het dan hard. Daarmee voorkom je dat een atleet verkrampt gaat lopen. Gert-Jan moest erg aan mijn aanpak wennen. Hij is onstuimig en wil graag lopen. Het kostte enige tijd om hem af te remmen en om hem vertrouwd te maken met het idee, dat wedstrijden ook wel eens nodig zijn om te trainen en niet altijd gewonnen moeten worden.''

In de aanloop naar de WK, waarvoor Liefers zich overigens pas op de valreep kwalificeerde, maakte Hoedt de halsband los en mocht de 1.500-meterloper voluit trainen. Hoedt: ,,Bij intensieve trainingen ben je snel in vorm, maar ook weer snel over je piek heen. Ik werk aan een goede basis, zodat een atleet langer meekan. En bij Gert-Jan komt dat er nu uit. Hij geeft nu ook toe, dat mijn aanpak goed voor hem is geweest. Trouwens, de resultaten in Edmonton onderstrepen dat.''

De Arnhemse trainer, die in de Canadese stad de begeleiding van zijn pupillen Som en Liefers aan Bram Wassenaar heeft moeten overlaten omdat zijn vriendin op het punt staat te bevallen, vergelijkt Liefers ook wel eens met zijn Hollandse Herders. ,,De souplesse van de honden zie ik terug bij Liefers. Ik stuur die beesten ook wel eens mee als Som en Liefers in de bossen trainen. En schelden dat ze dan doen als ,,die rothonden'' ze steeds voor de voeten lopen. Maar dat doe ik bewust, want in de wedstrijd duiken tegenstanders ook wel eens onverwacht hinderlijk voor je op. Daarmee blijven ze alert.''

Op een camping in Friesland neemt een andere trainer met gemengde gevoelens kennis van Liefers' goede prestaties bij de wereldkampioenschappen. Johan Voogd had gaarne in Canada aan zijn zijde gestaan, maar werd vorig jaar na zo'n tien jaar trouwe dienst bedankt voor de bewezen diensten. Liefers was op hem uitgekeken en toe aan een nieuw, fris geluid. ,,Dat had ik maar te accepteren'', berust Voogd inmiddels in zijn lot. ,,Als een atleet volwassen wordt, wil je graag met hem door. Maar hij wilde een nieuw gezicht zien. Ik troost me met de gedachte, dat weinig relaties permanent zijn. Maar we zijn als vrienden uit elkaar gegaan; ik spreek Gert-Jan nog regelmatig.''

De terugkeer aan de top laat Voogd vanzelfsprekend niet onberoerd. Tenslotte heeft ook hij een bijdrage geleverd aan het succes, hoewel hij de eer als de ontdekker van Liefers afwijst. ,,Zelfs een blind paard kon zien dat die jongen talentvol is. Ik heb hem alleen als C-junior bij AV'34 naar de midden-langeafstandsgroep gehaald. Officieel mogen jeugdleden bij onze club zich pas als B-junior specialiseren, maar het was zonde om zo'n buitengewoon talent te laten glippen. Ik denk wel te mogen stellen, dat ik hem in zijn jonge jaren als atleet heb gevormd.''

Naast zijn loopvermogen heeft Liefers volgens Voogd ook de gave om een wedstrijd te `lezen'. ,,Hij voelt wat er op de baan gebeurt en hoe hij moet reageren. Een kwaliteit die Som mist. Die jongen kan alleen geregisseerd een wedstrijd lopen. Nu Gert-Jan de finale in Edmonton heeft gehaald, moet hij kunnen doorgroeien. Misschien niet naar het niveau El Guerrouj, maar toch zeker daar dicht onder.''

Voor sportarts Peter Vergouwen was het geen verrassing, dat Liefers terug is. De fysiologische testen wezen al in die richting. ,,Wat dat aangaat is hij een van de besten in mijn praktijk'', steekt Vergouwen de loftrompet. ,,Steeds weer blijkt uit metingen hoe getalenteerd hij is. Ik stel hem fysiologisch op één hoogte met Rob Druppers, die in 1983 op de 800 meter zilver won bij de WK. Bovendien vond ik dat Gert-Jan in Edmonton professioneel bezig was. Ik had hem nog nooit zo meegemaakt. Het verbaast me niet, dat Gert-Jan weer terug is.''

Liefers zelf leerde in Canada dat opofferingen zich vroeg of laat uitbetalen. Hij was als een kind zo blij met de negende plaats, ook al greep hij naast de status van A-sporter. ,,Ik ben vorig jaar regelmatig uit geweest, om te weten of dat leven me zou bevallen. Dus niet. Ik zie me echt niet meer elke zaterdagavond tot het gaatje gaan. Tot een uur of één wat drinken in de stad, dat is het wel. Negende worden op een WK is pas echt genieten.''