Werkgevers nemen weinig ouderen aan

Werkgevers doen nauwelijks pogingen om oudere werknemers langer aan het werk te houden, terwijl daar gelet op vergrijzing en de krappe arbeidsmarkt wel reden voor is.

Dat concluderen onderzoekers van de Universiteit Utrecht en het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) in een studie die onlangs is uitgevoerd onder ruim duizend werkgevers. Het onderzoek is gepubliceerd in het juli/augustusnummer van het blad Demos van het NIDI.

Sinds een jaar voert het kabinet beleid om meer ouderen aan het werk te houden, als een van de oplossingen voor de problemen die gepaard gaan met de vergrijzing. Het kabinet wil de geringe deelname van ouderen tussen 55 en 65 jaar op de arbeidsmarkt vergroten, door onder meer belemmeringen in vut- en pensioenregelingen weg te nemen. Op dit moment werkt één op de drie mensen tussen 55 en 65 jaar.

Maar werkgevers geven nauwelijks uitvoering aan het kabinetsbeleid. Voor hen betekent veroudering van het personeelsbestand vooral: extra arbeidskosten en de noodzaak tot aanpassingen binnen de organisatie. Daarom bestaat er weinig behoefte om hierin te investeren. Organisaties met veel oudere werknemers oordelen negatiever dan organisaties die weinig ouderen in dienst hebben. ,,Er lijkt derhalve sprake van een reëel tekort aan produktiviteit'', zo schrijven de onderzoekers.