Wederopstanding van de bureacraten onder Megawati

De afgezette president Wahid haalde stevig de bezem door de ministeries in Jakarta. Zijn opvolger Megawati Soekarnoputri zorgt voor een reveil van de bureaucraten.

Het kabinet dat president Megawati Soekarnoputri gisteren de eed afnam, is in Indonesië alom met instemming begroet. Door de pers, door de politiek - vooral de partijen die ministers mochten leveren - en door beursanalisten, die de deskundigheid van de nieuwe economische bewindslieden prezen. Letterlijk gejuicht werd er door ambtenaren van Sociale Zaken en Informatie, twee door Wahid opgeheven departementen, die van 'Moeder Mega' opnieuw ministers kregen.

Uit die wederoprichting en uit de benoeming van een aantal hoge ambtenaren op ministersposten blijkt dat Megawati meer waardering heeft voor de overheidsdienst dan haar voorganger Wahid. Die hief niet alleen hele ministeries op, maar verving ook bureaucraten met een lange staat van dienst door leden van niet-gouvernementele organisaties. Deze 'culturele revolutie' was geen onverdeeld succes. Een enkele activist ontpopte zich tot succesvol bestuurder, maar de meeste verdwaalden in het bureaucratische bos en kregen geen greep op hun apparaten. De activisten hebben allen de aftocht moeten blazen en de bureaucratie, onder potentaat Soeharto een van de steunpilaren - met president en strijdkrachten - van diens Nieuwe Orde, kreeg eerherstel.

Schoolvoorbeeld van deze 'mislukte revolutie' is het Staatssecretariaat (Stasec). Dit apparaat, dat fungeerde als kabinet van de president en is te vergelijken met het Nederlandse departement van Algemene Zaken, was onder Soeharto een staat in de staat, die een sleutelrol speelde bij de opstelling van wetten en decreten. Het is door Wahid gedeeltelijk ontmanteld en in handen gegeven van twee getrouwen, de godsdienstwetenschapper Djohan Effendi en de jurist en activist voor democratie Marsilam Simanjuntak. Veel verwarring en menige protocollaire blunder is te wijten aan dit even idealistische als chaotische duo. Een ingewijde: ,,Het was een zootje: de regie van officiële bezoeken uit het buitenland was zoek en de regelgeving kreunde onder fouten en slordigheden.''

Megawati besloot schoon schip te maken en stelde haar secretaris uit de tijd dat zij vice-president was, Bambang Kesowo, aan het hoofd van Stasec. Hij belichaamt in het nieuwe kabinet de wederopstanding der bureaucraten. Kesowo studeerde rechten aan het Amerikaanse Harvard en trad in 1968 toe tot Stasec, waar hij opklom tot hoofd van de afdeling Juridische Zaken. Kesowo: ,,Er is inderdaad tot op zekere hoogte sprake van een bureaucratisch reveil. Maar geen enkele regering kan doelmatig besturen zonder bureaucraten, of ze nu geliefd zijn of niet.''

Buitenlandse Zaken werd bijna twee jaar geleid door Wahids rechterhand, de godsdienstwetenschapper Alwi Shihab, die, in de woorden van een diplomaat ,,het onderscheid niet zag tussen pr-werk voor zijn baas en buitenlandse politiek.'' De diplomatieke dienst zucht van verlichting, want zij is sinds gisteren weer in handen van een 'beroeps', de carrière-diplomaat Hasan Wirajuda. Hij was hoofd Politieke Zaken van het departement en voerde in Zwitserland onderhandelingen met de Beweging Vrij Atjeh (GAM).

Door de jongste machtswisseling raakt het openbaar bestuur twee bekwame en energieke vrouwen kwijt. Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) werd door Wahid toevertrouwd aan Erna Witoelar, die voortkomt uit de milieu- en consumentenbeweging. Vriend en vijand van Wahid zijn het erover eens dat zij het, met een piepklein budget, heel goed heeft gedaan. VRO gaat nu naar de volslagen onbekende Soenarno, een gewezen directeur-generaal.

Door het oude sierdepartement voor de Rol van Dames, zoals het onder de Nieuwe Orde heette, woei onder de sociologe Khofifah I. Parawansa, een protégée van Wahid, een frisse wind. Zij vond het een 'stofnest' en gaf het meteen een nieuwe naam: Positieverbetering Vrouwen. Khofifah's wetgevende arbeid oogstte alom lof. Na Wahids afzetting ging het gerucht dat Mega haar wilde handhaven, maar dat kon Khofifah's partij, de aan Wahid hondstrouwe PKB, niet accepteren. Het departement houdt de nieuwe naam, maar gaat naar Sri Redjeki Soemaryoto, die de vrouwenafdeling leidde van Golkar, ooit Soeharto's politieke vehikel.

Het Departement van Sociale Zaken gold onder Soeharto als een broeinest van corruptie, waar werd gegraaid in hulpfondsen en eerste klas rijst voor rampgebieden werd ingeruild voor rommel. Wahid hief het op en wist vervolgens geen raad met de ambtenaren. Megawati vindt dat de hulpverlening aan de talloze ontheemden in conflictgebieden in het slop is geraakt en herstelde het departement. De nieuwe minister, de islamitische politicus Bachtiar Chamsah, neemt zich voor om de besteding van hulpgelden transparanter te maken. Hij was voorzitter van de parlementaire onderzoekscommissie die Wahid schuldig achtte aan fraude en zal nu zelf op de vingers worden gekeken.

Het voormalige Departement van Informatie, een instituut voor persbreidel, werd door Wahid onttakeld tot een Openbaar Lichaam voor Informatie en Communicatie, maar krijgt nu weer een minister, zij het zonder portefeuille. Nu iedereen de persvrijheid onaantastbaar verklaart, lijkt deze opwaardering in strijd met de tijdgeest. Minister Syamsul Mu'arif, tot dusverre fractievoorzitter van Golkar in het parlement: ,,Ik denk er niet aan om de pers opnieuw te muilkorven''. Wat hij wel gaat doen, moet hij nog bedenken.