Schuld en boete verdelen de VN

In Genève is twee weken lang gepraat over racisme en slavernij. Als vanouds staan `Noord' en `Zuid' tegenover elkaar.

Ibrahim Abdul-Malik is een slachtoffer van de slavernij, zegt hij, ,,een misdaad tegen de menselijkheid waarvan de gevolgen tot op de dag van vandaag merkbaar zijn.''

,,Kijk naar mij. Ik ben een Amerikaan die toevallig ook Afrikaanse voorouders heeft'', zegt de zwarte imam uit New York, een licht gebogen, duidelijk articulerende man. Met een leren tas in de hand loopt hij al dagen door het gebouw van de Verenigde Naties in Genève. Hij gaat van de ene persconferentie naar de andere informele ontmoeting, praat met Afrikanen en Afro-Amerikanen. Abdul-Malik wil één ding: dat het Westen schuld erkent. Schuld aan de slavernij, de slavenhandel, en de dood van miljoenen Afrikanen. ,,Ik trek het mij persoonlijk aan. En duizenden Afro-Amerikanen met mij.''

Op 31 augustus begint, zo is afgesproken, in de Zuid-Afrikaanse stad Durban een internationale conferentie tegen racisme. Alle deelnemers aan de VN-Wereldconferentie tegen Racisme, Rassendiscriminatie, Xenofobie en Aanverwante Intolerantie, zoals de bijeenkomst officieel heet, willen dat deze een succes wordt. Maar de ontmoeting dreigt al uit te lopen op een debacle voordat zij begonnen is.

De opzet is dat er in een week tijd in Durban een strategie wordt uitgewerkt om wereldwijd uitingen van racisme tegen te gaan. De conferentie moet ,,vooruit blikken'' en ,,op actie gericht'' zijn, heeft VN-secretaris-generaal Kofi Annan aangekondigd. Maar eenvoudig is dat niet, zo is de afgelopen twee weken wel duidelijk geworden tijdens voorbereidend overleg in Genève.

Twee controverses hebben het overleg over de ontwerpverklaring, de tekst die als basis voor de top moet dienen, op een dood spoor gebracht. Een groep Arabische landen eist dat de tekst over racisme een verwijzing bevat naar de situatie in het Midden-Oosten. Met andere woorden: dat zij een impliciete veroordeling omvat van het Israëlische optreden tegen de Palestijnen. Europa en de Verenigde Staten vinden dit ,,absoluut onaanvaardbaar''; de VS dreigen sinds vorige week met een boycot van de conferentie.

Even zo heikel is de kwestie van de slavernij. De Afrikaanse landen, die volgens een diplomaat één blok hebben gevormd, dringen aan op een schuldbekentenis van het Westen of eigenlijk: het Noorden, want hierin staan noord en zuid pal tegenover elkaar over 400 jaar slavernij. De Afrikanen willen een erkenning dat de slavenhandel ,,een unieke'' en ,,ongeëvenaarde tragedie'' was en een ,,misdaad tegen de menselijkheid (...) in zijn internationale dimensies en ontkenning van de essentie van de menselijke aard van zijn slachtoffers''.

Beide onderwerpen liggen zo gevoelig dat VN-Commissaris voor de Mensenrechten Mary Robinson vorige week besloot tot het extra voorbereidend overleg in Genève. Om uit de impasse te komen, werden de passages over het Midden-Oosten en slavernij in de ontwerpverklaring veiligheidshalve achter gesloten deuren besproken.

Volgens conservatieve schattingen werden tussen 1440 en 1870 ruim 13 miljoen Afrikanen ingescheept als slaaf en over de Atlantische Oceaan vervoerd. Van hen overleefden elf miljoen de overtocht. Ze arriveerden in Brazilië, Jamaica, Noord-Amerika en Canada. Twee miljoen mensen stierven aan boord of werden in zee gegooid. ,,Er is geen kapitein die slaven heeft vervoerd die niet, direct of indirect, schuldig is aan moord, want met een bepaald aantal doden aan boord werd altijd rekening gehouden'', schreef een kapitein van een Brits slavenschip halverwege de negentiende eeuw.

Veel deskundigen vinden de schatting van 13 miljoen aan de lage kant de VN hebben berekend dat in 400 jaar van slavenhandel mogelijk zelf honderd miljoen Afrikanen zijn omgekomen. Feit is, dat Afrika aan het begin van de vorige eeuw zeer dun bevolkt was, een gegeven dat volgens veel historici de economische misère van het continent verklaart.

De Afrikaanse landen eisen niet alleen dat het Westen zich verontschuldigt, ze hebben ook duidelijk gemaakt dat ze het passend zouden vinden als West-Europa en de VS een vorm van herstelbetaling aanbieden. Het gaat om veel geld. Een non-gouvernementele organisatie uit Ghana die zich de African World Reparations and Repatriation Truth Commission noemt, heeft berekend dat een compensatie van 777 miljard dollar gerechtvaardigd zou zijn. Dit astronomische bedrag is weinig realistisch, maar het geeft wel de enormiteit van het probleem aan. Trouwens, zo werd ook in Genève gesuggereerd, tegen kwijtschelding van de huidige schuldenlast zal Afrika ook geen `nee' zeggen als vorm van compensatie. Of tegen een verhoging van de Westerse ontwikkelingshulp.

Zei president Wade van Senegal eerder dit jaar nog dat hij het ,,kinderachtig'' vond om compensatie te eisen voor iets dat zo lang geleden is gebeurd, volgens waarnemers in Genève heeft ook hij zich inmiddels achter de andere Afrikaanse landen geschaard. Over het principe dat slavernij een misdaad tegen de menselijkheid was, zijn alle Afrikaanse landen het inmiddels eens – nu moeten ze nog een gezamenlijke strategie vinden om het Westen van dat standpunt te overtuigen.

,,We vinden het niet genoeg als het Westen straks zegt: `We betreuren de slavernij' of `Het spijt ons'. We willen concrete resultaten zien'', zegt Bal Ahmedou Tidjane, een advocaat en mensenrechtenactivist uit Mauretanië. Volgens hem kunnen Europa en de VS geen schuld erkennen zonder een financiële verplichting aan te gaan.

De kwestie van de herstelbetalingen ,,maakt dat de Westerse landen zich ontzettend ongemakkelijk voelen'', zegt een Zuid-Afrikaanse diplomaat. Groot-Brittanië, Canada en wederom de VS dreigen met een boycot als slavernij op de agenda komt als misdaad tegen de menselijkheid. Met uitzondering van Frankrijk, dat dit jaar een wet aanneemt waarin slavernij wel als zodanig erkend wordt, voeren de Europese Unie en de VS als argument aan dat slavenhandel en de slavernij destijds niet verboden waren. En, zeggen zij, veel Afrikaanse kooplui werkten er niet alleen aan mee, maar profiteerden er ook van. Nederland, destijds een belangrijke slavenhandelende natie, sluit zich aan bij het standpunt van de EU.

De Zuid-Afrikaanse vertegenwoordiging in Genève heeft overuren gemaakt. Er staat veel op het spel niet in het minst de prestige van Zuid-Afrika als gidsland. ,,We staan bekend als een land dat in staat is geweest zijn eigen rassenprobleem achter zich te laten. Durban heeft een enorme symbolische waarde. De deelnemers aan de conferentie staan op de schouders van een land dat een levend bewijs is dat racisme overwonnen kan worden'', zegt een diplomaat. Maar, verzucht hij, ,,de gesprekken gingen helemaal niet goed''.