Herten nemen bezit van duinen

Herten dreigen uit de Waterleidingduinen te groeien. De beheerder pleit voor `gericht afschieten'. Ecologen willen dat de natuur zichzelf reguleert.

Als het begint te schemeren in de Waterleidingduinen (gemeente Amsterdam) komen ze tevoorschijn: kalm grazen de reeën aan het duingras. Ze kijken op, wachten even en met sierlijke sprongen verdwijnen ze tussen de heuvels van de duinen. Even verderop steekt een aantal geweien als takken boven het gras uit. Vijf damherten liggen statig op een heuveltje te herkauwen.

In de duinen leven nu ongeveer 700 damherten en 600 reeën. Het aantal herten neemt toe met maar liefst 40 procent per jaar toe, het aantal reeën is stabiel. Niet iedereen is van ze gecharmeerd. Omwonenden en bedrijven kloppen regelmatig bij natuurbeheer in het gebied aan met klachten. De firma Zandbergen, een bloembollenbedrijf aan de rand van de duinen, heeft vooral in de lente last van de herten. Ze springen over het hek en vreten de nieuwe groene loten van de tulpen op. Zandbergen heeft de hekken op sommige plaatsen verhoogd tot 1 meter 80, maar de dieren laten zich daar niet door tegenhouden.

Ook kwekerij J.B. Smit had klachten. ,,De herten vraten al onze jonge aanplant op'', zegt C. Smit. Ze zaten niet alleen aan de bloemen in de kwekerij, ook de groente- en siertuin werd niet ontzien.

De duinen zijn gedeeltelijk omheind, maar de dieren kunnen zich vrijelijk bewegen naar de noordelijker gelegen Kennemerduinen. Dat veroorzaakt niet alleen overlast voor omwonenden en nabijgelegen bedrijven, voor het verkeer kan het gevaarlijk zijn, zegt de politie van Noordwijk. De politie vreest dat een verdere groei van de hertenpopulatie onvermijdelijk zal leiden tot problemen op de wegen rond de duinen. Dit jaar ontving de politie al 86 meldingen van automobilisten die herten hadden gesignaleerd buiten de hekken langs de duinrand.

Voor Rik Schoon, hoofd bewaking, natuurbeheer en recreatie van de Amsterdamse Waterleidingduinen is de maat daarom vol. Zevenhonderd herten is eigenlijk al te veel en de stijging is zorgelijk. ,,Als de groei in hetzelfde tempo doorgaat en we grijpen niet in, is het mogelijk dat we in 2010 bijna 3.500 herten hebben. Dat is één hert per hectare.''

Schoon bepleit een gericht `afschotbeleid' voor het duingebied. Volgens de wet is dat mogelijk. Eigenaren en beheerders van natuurgebieden mogen zelf bepalen of zij in hun gebied laten jagen.

Een voorbeeld is Staatsbosbeheer, dat op de Veluwe een zogenoemd `gericht afschotbeleid' hanteert. Dat betekent dat jagers worden ingehuurd wanneer dieren `ondraaglijk en onnodig lijden' of omdat een plantensoort volledig dreigt te verdwijnen. Als omwonenden of boeren last hebben van de dieren, grijpt Staatsbosbeheer ook in. De klagers moeten dan zelf wel maatregelen nemen om hun gewassen en tuinen te beschermen.

Maar zover zal het wellicht niet komen. De regels voor het afschieten van dieren in natuurgebieden worden per 1 januari aangescherpt. In de nieuwe Flora- en Faunawet staat dat het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij alleen in geval van `natuurbeheer' en ter voorkoming van schade aan gewassen vergunningen verleent. Dat maakt het moeilijker om de herten in de Waterleidingduinen af te schieten.

Bovendien heeft de gemeente Amsterdam in 1997 bepaald dat in de Waterleidingduinen niet mag worden geschoten. Bij wijze van experiment besloot de gemeente de `beheersjacht' voor reeën gedurende vijf jaar te verbieden. Tegelijkertijd werd onderzocht hoe de natuur zich zonder jacht zou ontwikkelen. In maart 2002 zullen de onderzoekers hun conclusies en advies aan de gemeente presenteren.

Er zijn niet alleen juridische bezwaren. Dierecoloog Sip van Wieren van de Wageningen Universiteit bijvoorbeeld, vindt dat onderzocht moet worden wat er gebeurt als de natuur haar gang kan gaan. Heel goed mogelijk dat dan de hertenpopulatie zichzelf reguleert, denkt hij. Bij de reeën in de Waterleidingduinen is dat volgens hem ook het geval. ,,Toen vier jaar geleden werd verboden op reeën te schieten, dacht iedereen dat het aantal enorm zou toenemen. Dat is niet gebeurd.'' Het aantal reeën in de Waterleidingduinen is al jaren stabiel. ,,Wanneer overhaast wordt besloten de damherten af te schieten, kunnen we nooit onderzoeken hoe de populatie zich zal ontwikkelen.''

Het aantal herten in de Waterleidingduinen wordt ook door ecoloog Leo van Breukelen gerelativeerd. Van Breukelen is betrokken bij het onderzoek naar de herten in het Waterleidinggebied. ,,Wat is overpopulatie? Het is een term die alleen buiten de duinen opgaat. In de duinen storen de herten elkaar niet in het minst.'' De ecoloog verbaast zich dat mensen kapitalen over hebben voor een huis in de natuur, ,,maar als diezelfde natuur aan de petunia's komt eten, klagen ze.''

Hij vindt dat mensen maar moeten wennen aan wild om zich heen. Het omheinen van het hele duingebied, een minder gewelddadige optie dan het afschieten van de herten, vindt hij daarom ook een slecht idee. Omheinen staat ook haaks op het natuurbeleid van het ministerie. In de Ecologische Hoofdstructuur is bepaald dat natuurgebieden zo veel mogelijk met elkaar in verbinding moeten staan door middel van wildviaducten en corridors.

De Koninklijke Nederlandse Jagers Vereniging, voorstander van een gericht afschotbeleid, vindt het argument dat de natuur zijn gang moet gaan niet steekhoudend. In Nederland is nergens een natuurlijke situatie, omdat er geen wilde dieren zijn die op de herten jagen.

,,Als we werkelijk de natuur zijn gang willen laten gaan, moeten we de dieren laten creperen als ze gewond of ziek zijn'', zegt een woordvoerder. ,,Mensen kunnen niet tegen lijdende dieren, vandaar dat ze afgeschoten worden.''