Casino-duo op verlies ontvoerde Van Zweden

Tegen twee mannen die dirigent Jaap van Zweden en diens vriend in april beroofden, ontvoerden en beschoten, is gisteren zeven jaar cel geëist. De mannen zijn geen vrienden meer, zo bleek.

Besim A. (27) en Paul R. (46) waren een jaar lang vaste casino-maatjes. Zo'n dertig keer bezocht het koppel samen een gokhuis. De uit Turkije afkomstige A. zorgde voor het speelgeld, de ervaren oud-croupier R. leverde de know-how. Ze boekten soms financiële succesjes, maar afgelopen winter zat het tij stevig tegen: ,,We zaten tot onze nek toe in de schulden'', zei A. gisteren voor de Utrechtse rechtbank. ,,Paul kon zijn huur niet meer betalen en ik kon mijn grote leningen niet meer aflossen.''

Besim A. en Paul R. zijn geen maatjes meer, in tegendeel. In de beklaagdenbank beschuldigden ze elkaar fel, voordat ze luisterden naar het requisitoir van officier van justitie J. Francissen. A. en R., woonachtig in Venlo en Roermond, hoorden ieder zeven jaar celstraf tegen zich eisen voor ontvoering en beroving van, en poging tot doodslag op dirigent Jaap van Zweden en diens vriend Rob Hofman.

Het misdrijf geschiedde op 26 april, `s nachts na de voetbalwedstrijd Nederland-Cyprus in het Eindhovense Philips Stadion. Van Zweden en Hofman hadden de interland bezocht en gingen daarna hun geluk beproeven in het Holland Casino in Eindhoven.

Ze hadden succes aan de roulettetafels (zo'n veertig mille winst) en lieten dat, zo staat in hun verklaringen tegenover de politie, ,,met gejuich'' blijken. Zo trokken ze óók de aandacht van Besim A. en Paul R., die aan een andere tafel die avond ,,zwaar in de min'' waren geraakt.

Op de zitting van gisteren zei A., die een valse naam heeft aangenomen, dat R. en hij ,,al een paar dagen'' het plan hadden een beroving te plegen om aan geld te komen. ,,We dachten aan een restaurant'', aldus A.

Tegenover de politie bekende hij eerder dat Van Zweden en Hofman hem een mooie prooi leken. Die ,,kale en die dikke'' zouden wel geld hebben, zei A. die nacht tegen R. ,,We hebben nog een wapen in de auto liggen, dat kunnen we goed gebruiken.'' A. begreep van R. dat Van Zweden en Hofman ,,gezien hun accent'' Amsterdammers moesten zijn.

Na de sluiting van het casino volgden beide verdachten de dirigent en zijn vriend naar de (van camera's voorziene) garage. A. en R. verloren het tweetal vervolgens uit het oog, maar op de snelweg richting Amsterdam haalde de snelle luxe wagen van Van Zweden de oude auto van A. en R. in. De laatste – hij zat aan het stuur – vertelde gisteren eerst helemaal niet te weten wat zijn maat die avond precies van plan was.

Rechtbankpresident R. Jansen wilde weten waarom R. vanuit Eindhoven richting Amsterdam reed. ,,U woont toch in Limburg?'' De verdachte liet doorschemeren dat A. hem daartoe min of meer had gedwongen. ,,Ik was bang, zeker toen de geïrriteerde Besim onderweg zijn wapen tevoorschijn haalde.'' En waarom zou ik Van Zweden beroven, vroeg R. zich verder af. ,,Als je een slachtoffer moet uitkiezen, dan neem je deze twee niet. Als beroepsgokker had ik zo tien gasten kunnen aanwijzen die véél meer geld hadden dan die dirigent.''

A. en R. volgden Van Zweden tot in Amsterdam. Bij een stoplicht stapte A. in ijltempo in de door Hofman bestuurde wagen van de musicus en dwong het tweetal, vanaf de achterbank dreigend met zijn wapen, richting Utrecht te rijden. Zijn handlanger volgde. De wagens reden de provinciale weg bij Vinkeveen op en stopten op een parkeerstrook. Beide verdachten stapten uit. Op dat ogenblik gaf Hofman vol gas en reed met hoge snelheid weg, terwijl één van de verdachten vier schoten op de slachtoffers loste. Van Zweden verklaarde later tegenover de rechter-commissaris dat hij de kogels langs zijn oren voelde suizen.

Wie van de twee verdachten heeft geschoten, is niet duidelijk. Besim A. zei dat hij het wapen aan Paul R. gaf, toen hij was uitgestapt. R. ontkende de schutter te zijn. Voor officier van justitie Francissen ,,maakte het niet veel uit'' wie de trekker had overgehaald. ,,Er was duidelijk sprake van een samenwerking tussen die twee. Het verhaal van R. klonk hem ,,ongeloofwaardig'' in de oren. ,,Hij heeft zich, hoe dan ook, op 26 april niet gedistantieerd van bepaalde strafbare feiten. En dat kan worden aangemerkt als medeplichtig'', aldus de officier van justitie.

A. en R. ruzieden gisteren nog over de vraag of de buit eerlijk was verdeeld. ,,Ik heb niets gehad'', vertelde R., wiens schuld bij het energiebedrijf van 2.100 gulden één dag na de overval bleek te zijn betaald.

Besim A. en Paul R. werden op 1 mei `s ochtends vroeg gearresteerd. Ze werden aangehouden in het casino van Valkenburg, aan de roulettetafels, waar ze die avond volgens R. ,,goed hadden gewonnen''.