Celstraffen geëist tegen schietende overvallers

Tegen twee 23-jarige overvallers is donderdag voor de rechtbank in Amsterdam negen en tien jaar celstraf geëist. De officier van justitie acht hen schuldig aan een overval met geweldpleging, afpersing met geweld en poging tot doodslag.

A. hoorde negen jaar eisen, G. tien jaar. De laatste is volgens de officier ook schuldig aan twee gevallen van heling. Bovendien beschikt G. over een meer dan aanzienlijk strafblad en vond de officier dat hij een grotere rol speelde in het geheel.

Op 29 november vorig jaar maakten de twee in een supermarkt achter het Paleis op de Dam ruim 7.000 gulden buit. Op de vlucht voor de politie ontfutselden zij onder bedreiging de sleutels van een bestelwagen waarmee ze met hoge snelheid naar de Rozengracht reden. Onderweg schoten zij met automatische wapens op achtervolgende politiewagens.

Op de drukke Willem de Zwijgerlaan kwam de vluchtauto uiteindelijk tegen een vuilniswagen tot stilstand. Er volgde nog een schietpartij waarbij wonder boven wonder alleen A. gewond raakte. Hij kreeg een schot in zijn been.

De officier benadrukte dat er nog nooit zoveel getuigen in een zaak zijn gehoord. Dat kan een voordeel zijn, maar de verklaringen over wie nou waar schoot lopen nogal uiteen.

G. schoot volgens getuigen bij de aanhouding gericht op een politieagent. Maar een aantal agenten verklaarde dat G. wel richtte, maar dat zijn wapen blokkeerde.

De verdachte zelf vertelde dat het wapen tijdens de rit op de bodem van de auto lag en vanzelf afging.

De rechtbank doet over twee weken uitspraak.