De vuilnishandelaar

,,Het is niet veel vannacht.'' Het is Pablo's vierde vuilhoop en hij moet er nog zestien. Zak na zak wordt doorzocht. Als er iets van waarde bij zit, wordt het in de vrachtwagen gegooid.

Tot nu toe is de oogst schaars. Op een paar schemerlampen, gebarsten borden en een broodrooster na is de wagen leeg. Alleen de broodcontainer loopt vol.

,,Dit is een broodwijk'', hij gebaart naar de omliggende huizen, ,,handel zit er bijna niet.''

Elke nacht rijden ze met z'n drieën de vuilroute die de gemeentewagens de volgende dag afleggen. Ze pakken vooral de duurdere wijken. Die brengen het meeste op. Ze doorzoeken gemiddeld twintig hopen per nacht. Een hoop omvat al gauw dertig zakken. ,,Dat zijn er zo'n zeshonderd per nacht.''

Het brood gaat naar een varkenshouderij, de handel naar opkopers. ,,Je hebt geen idee wat die dure mensen vaak weggooien. Gisteren vonden we nog een paar atlassen, een koperen lamp en een complete nagelset.'' Hij schudt meewarig zijn hoofd.

,,De broodbak is vol.'' Zijn maat kijkt hem vragend aan.

,,Gooi de rest maar op de grond. Het zal wel bij brood blijven.''

Hij troont me mee naar buiten en wijst naar de volgende hoop een paar honderd meter verderop. ,,Zie je die bedelaars daar rondkruipen? Dat zijn onze grootste vijanden. Ze zijn ons bijna altijd voor en proberen de beste stukken mee te pakken. Het is dat ze geen vrachtwagen hebben en niet veel kunnen. Anders was het helemaal oorlog.''

Hij kijkt me getergd aan. ,,Carlos, ga jij maar vast.''

Zijn maat snelt naar de hoop en begint ze te verjagen.

,,Zo zijn wij ook begonnen. Net als zij. Een broodhomp en een handeltje. Maar wij hebben onze hersens gebruikt.'' Hij wijst naar zijn vrachtwagen. ,,Terwijl die sukkels hun hele leven alleen maar rondkruipen.''

Zijn grootste zorg zijn de ratten. Er komen er steeds meer en ze worden steeds agressiever. Op een doorsnee nacht slaan ze er al gauw tien dood. Hij gebaart naar een rattenlijk een stukje verderop. Sinds kort dragen ze mondgaasjes en plastic handschoenen. Ze moeten wel met al dat ongedierte. Een enkele keer valt een rat in het nauw hen aan. Hij stroopt zijn mouw op en laat een rattenbeet zien.

Hoogtepunt uit zijn carrière was de staking van de gemeentelijke ophaal een paar maanden geleden. Nachtenlang hebben ze doorgewerkt. Ook in het weekend. Vuil zat en het werd steeds meer, er kwam geen einde. Kapitalen hebben ze verdiend: ,,Zeker tien keer zoveel als normaal.''

De samenwerking met de gemeente is overigens goed. Er zijn nooit problemen. Alle zakken worden altijd weer netjes afgebonden en op hun plaats teruggezet. Als ze dat niet doen, komt er stennis. ,,Daar is niemand mee gediend.''

Samen met zijn broer is hij tien jaar geleden met een vrachtwagen begonnen. Nu hebben ze er zestien lopen. Door heel Buenos Aires. Een doorsnee wagen pakt al gauw 200 dollar per week netto. ,,Reken zelf maar uit wat er wekelijks binnenkomt.''

Tot nu toe hebben ze niet veel last gehad van de concurrentie. De paar vijandelijke vrachtwagens die kwamen opdagen, konden met gemak worden verjaagd. Zo'n twee jaar terug heeft een paar weken lang een echte oorlog gewoed. Het was een strijd op leven en dood. Een vuilbende uit San Telmo probeerde een van hun wijken over te nemen. Pas nadat een van hun vrachtwagens in de fik ging, dropen ze af.

,,Pedro, ik ben zover.''

De laatste zak is doorzocht. Ze moeten door. De vijfde hoop wacht.