Begrip

Met zijn anderhalf jaar doet hij per dag minstens één ontdekking. Vandaag is het een prentenboek dat hij uit de kast van zijn zus trekt. Hij is meteen verslingerd. Het moet mee naar het bos, naar de supermarkt en naar het huis waar oma woont. Ernstig zit hij met zijn lectuur op een stoeltje.

Opeens scharrelt hij met boek en al naar zijn grootmoeder toe. ,,Oma'', zegt hij en wijst op bladzij vier. ,,Oma, o wee!''

Op de onderhavige pagina staat een reus. Met twee handen heft hij een vervaarlijke knots boven zijn hoofd. Zijn zwarte haren staan overeind, zijn ogen bliksemen. Mensen en dieren rennen alle kanten op.

Oma bestudeert de tekening aandachtig en knikt dan langzaam.

,,Ja'', zegt ze, ,,o wee.''

Meer hebben die twee niet nodig.