Zwakke plekjes

Gisteravond heb ik weer eens die heel deprimerende ontwikkeling doorlopen die de meeste kinderen meemaken als het gaat om de verhouding tussen mensen en andere dieren. Eerst mocht ik door Gambia lopen met Henk Lommers van Alle dieren tellen mee. We lieten ons rondleiden door Nico de Haan, ,,omdat Gambia een vogelparadijs is'', zei Henk. Samen bekeken we een gevonden veer die een beetje beschadigd was geraakt. Henk wist nog hoe je die moest gladstrijken zodat hij er weer als nieuw uitzag. We zagen bonte ijsvogels en zilverreigers en bijeneters. ,,Die eten wel degelijk bijen, daar zijn ze vrij goed in'', wist De Haan – fijn joh, om een deskundige mee te hebben! We zagen ook nog chimpansees. ,,Als je nou zo'n aap ziet, dan begrijp ik wel dat je daar een beetje verliefd op wordt'', zei Henk. Nou, anders ik wel.

Na de bewondering voor de natuur kwam de bewondering voor de techniek. In Chirurgenwerk van de EO lieten ze zien hoe je een omweg kunt maken in een slagader waar een zwak plekje inzit. Echt hartstikke knap. Dan halen ze een stukje van een andere ader, uit je been ofzo, en dat zetten ze bijvoorbeeld in je hersenen of vlakbij je hart. Anders ga je dood, als je zo'n zwak plekje hebt. Met hele dunne draadjes, nog veel dunner dan haren, naaien ze die bloedvaten onder de microscoop aan elkaar. Het zag er soms wel een beetje vies uit trouwens, dat ze mensen hun hoofd gewoon openmaakten en dan zie je die hersenen op en neer gaan en het is een echt levend mens die ze ook weer netjes dichtmaken, dat kan je je bijna niet voorstellen. Die patiënt was nog bijna in de studio geweest om mee te praten! Maar hij was nog een beetje te ziek.

Het oefenen deden ze niet op mensen maar op varkens. Want stel je voor dat zo'n dokter het nog niet goed kan en er gaat een mens dood. Met varkens is dat veel minder erg, vooral als je ze `levend model' noemt of `diermodel'. Bovendien zei de meneer die het programma presenteerde dat hij wel had laten zien dat de zorg voor het dier even belangrijk was als de zorg voor de mensen. Dat had hij helemaal niet laten zien (want ze sneden die dieren hun hart gewoon open terwijl ze niks mankeerden) maar hij had het wel zo vaak gezegd dat ik het een beetje was gaan geloven.

Toch moest ik er ook wel van nadenken. Over of mensen nou beter zijn dan andere dieren. Daar praten mensen al heel lang over, zeiden ze op ZDF in een programma dat 37° heette. Al wel sinds de oude Grieken, nou dan weet je het wel. In het programma was een gesprek tussen een mensapen-

onderzoeker en een minister van milieu. Ze hadden het toevallig net over al die vragen waar ik ook mee zat. Hebben dieren een ziel, mag je dieren opeten. Ze gaven geen antwoorden maar ze zeiden wel dingen die ermee te maken leken te hebben. Zoals: in Nigeria eten mensen apen op, en lieveheersbeestjes houden bladluizen als vee. De apenonderzoeker zei dat hij zich ook een mensaap voelde, de minister wist dat niet precies, die wilde er nog even over nadenken.

Heel beschaafd hadden we het over dat soort dingen en je had er verder helemaal niks aan, maar ik voelde me wel op een vage manier beter omdat we er zo netjes over praatten, al veranderde er dan niks. Of een klein beetje. Want toen haddden we het over de ruimte die een kip mag in een legbatterij en of dat één A4'tje moet zijn of twee, en dat voelde als een groot en belangrijk verschil.

Ik denk dat ik toen ongeveer volwassen was, of bijna. Ik liep weer naast Henk Lommers en hij zei tegen een chimpansee in een boom: ,,Ja jongen, dat doe ik je niet na, dat weet je wel.'' En het klonk alsof hij de aap beter vond dan zichzelf. Maar, weet je, toch ook weer niet.